Spring naar inhoud

Op onderzoek

We staan aan de Taag, die door midden Portugal naar Lissabon stroomt. Zonnetje schijnt, 17 graden. Op de camperplaats hebben we wifi. Relaxt lig ik op bed met de laptop op schoot. Pinke ligt lekker tegen me aan. Wat is zo’n klein huisje, waar alles in één ruimte gebeurt toch knus! Klaas verdiept zich in de genealogie van zijn moeder, die uit een Terschellinger molenaarsfamilie komt.
Al uitrustend speur ik op websites naar ‘agricultural plots’. Ons zoekgebied is gericht op het oosten van Portugal, dat nog niet verpest is door ‘de voortuitgang’ en waar stukjes grond te koop staan, passend bij ons budget van ongeveer € 20.000,-. Een klimatologisch onderzoekje leert dat ten noorden van de Algarve tot midden Portugal de gemiddelde temperatuur en regenval ongeveer gelijk is. De noordelijke helft van Portugal is in de winter natter en in de zomer droger, heter én brandgevaarlijker.

We maken een lijst op van zo’n 15 percelen die in aanmerking komen om te bezoeken, ten noorden van Portalegre, midden Portugal. We beginnen in de gemeente Nisa, waar meerdere percelen te koop staan.
Ik vraag me af hoe we zullen weten welk landje passend voor ons is. Kunnen we het aan een signaal aflezen, waarop we kunnen vertrouwen? Bijvoorbeeld als we de hop zien, die roze-bruine vogel met zwart-wit gestreepte vleugels. De hop is een kritische soort die afhankelijk is van een oud, half open cultuurlandschap met veel oude bomen en vervallen bouwsels. Das precies waar ook wij, kritische vogels, naar op zoek zijn.

Het eerste kavel ligt 1,5 km buiten een gehuchtje, dat we niet binnen kunnen rijden, omdat de straatjes te smal zijn. Lopend nemen we halverwege het dorpje een pad, waar de stroomkabels op 2 meter hoogte hangen, naar de landerijen. Een perceel met onze camper bereiken zal nog vaker een obstakel blijken…
Na een half uur lopen bereiken we een heuvelachtig, verwilderd stuk land met vervallen schuur. Het is 2,5 hectare en heeft 2 kleine waterbron-meertjes. We zijn enthousiast, al gaat dit 'em niet worden.
Het tweede perceel van 4 hectare heeft ook veel reliëf, een 100 jaar oude schuur en waterbronnen. Ook nu zijn we verrast dat het landje er zo anders uitziet dan op de foto’s. Dit komt wellicht door de hoogteverschillen, die bij ons in Nederland niet echt voorkomen. Op de berg is er prachtig uitzicht over de hele regio, inclusief de noordelijke Serra de Estrela en in het oosten de Serra de São Mamede. Er staan helaas weinig bomen en ook deze keer overwoekert het hoge gras het geheel. Om hiervan een kurkeiken boomgaard te maken gaat veel werk en tijd kosten. Toch lopen we er nieuwsgierig rond, fantaserend over de mogelijkheden. Wederom kunnen we met de camper niet óp het perceel komen, maar wel vlakbij. Niet ideaal, maar ook niet onmogelijk. Vlakbij is ook een eucalyptusplantage, maar bij die imposante bomen zien we verder geen leven.
Door op zoek te gaan naar een eigen landje leren we Portugal op een andere manier kennen. Eucalyptus is extreem brandgevaarlijk door de olie, daarbij laat de bast grote, zéér brandbare schilfers los. Met name in het noorden van Portugal zijn enorme plantages. Dit kaartje van verbrandde gebieden van 1975 tot 2017, laat zien dat de bosbranden overeenkomstig zijn.
Eucalyptus moest ten tijde van dictator Salazar (1932-1968) de oplossing bieden voor economische welvaart. Buitengebieden werden massaal commerciële plantages. Deze bomen groeien snel, zijn goed plagen bestendig en al na 7-12 jaar rijp voor de kap. Ze worden verwerkt tot hout, oliën en papier. Van Portugal is 7% bedekt met eucalyptus en ze genereren 1% van Portugals Bruto Nationaal Product. Tegenstanders noemen dit land ‘Eucalyptugal’.
Nadelen van Eucalyptus zijn, naast brandgevaar, dat het sterk grondwater onttrekt aan de toch al verdrogende bodem. Hij produceert giftige stoffen waardoor insecten er wegblijven en dus ook vogels en roofdieren er niet kunnen leven. De eucalyptus onttrekt veel voedingsstoffen aan het land, waardoor het land uitgeput achterblijft als er na 30 jaar 3x geoogst is. Daarna is de boom economisch niet meer interessant. Dan verwilderen de uitlopers en spreid hij zichzelf uit. Wanneer de bodem totaal kaal gemaakt wordt om alle wortels te verwijderen, is daarna het land bijna onvruchtbaar geworden en extra vatbaar voor erosie. Door kaalkap van deze grote stukken land wordt de neerslagcyclus doorbroken en droogte maakt dat het de grond niet of nauwelijks meer kan herstellen.
Ondanks alle ellende door de hoge brandbaarheid van eucalyptus en het vernietigende korte en lange termijn effect van deze bomen op het milieu en klimaat, blijft de papierpulpindustrie inzetten op deze monocultuur. De Portugese dienst voor bosbeheer staat zwak ten opzichte van de sterke eucalyptus-industrie. Geen origineel verhaal, want net als in de rest van Europa dient het voornamelijk de industrie.

Wij maken een uitstapje naar te koopstaande perceeltjes boven de Taag, maar in de buitengebieden staan verspreid veel huizen, de grondprijzen liggen een stuk hoger en er zijn schrikbarend veel eucalyptusplantages. Dit gebied valt af, maar we hebben wel een heel leuk bezoekje aan een steenfabriekje uit 1955. Marco is oud-profvoetballer en nadat zijn opa vorig jaar aan corona is overleden, heeft hij de fabriek overgenomen. Door de uitleg dat Klaas kleiwerken maakt en onze vraag of deze klei van de Taag afkomstig is, wordt Marco een gastheer. Hij wast zijn rode kleihanden en neemt de tijd voor een rondleiding. Dit is het laatste keramiekbedrijf in deze regio en alles is 100% handgemaakt: metselstenen, vloertegels, dakpannen. Hij toont ons waar op eigen terrein de klei gewonnen wordt, uit metersdikke lagen die ooit door de Taag, of een voorloper daarvan, zijn afgezet. Het is zó leuk hoe die twee mannen zo passievol te praten over klei. Marco laat ons de oven zien: een ‘kamer’ van 3x3 meter, twee verdiepingen hoog, waarin de stenen worden opgestapeld. Onder de kamer wordt dan een vuur van eucalyptushout opgestookt tot 1200˚C. Klaas krijgt gratis 20 kg klei. Geïnspireerd neemt Klaas afscheid met de woorden: ‘I’ll come back’.

Sommige makelaars willen geen locatie van de percelen geven. Zij willen zelf komen om het te ‘presenteren’. Dat is begrijpelijk bij een huis, maar ons gaat het om de natuurlijke sfeer van een stukje land, zonder praatjesmaker erbij. Daarbij is communiceren via de mail, dankzij translate, makkelijker dan live, want men spreekt hier weinig Engels. Meerdere makelaars reageren helemaal niet, maar van enkele percelen ontdekken we de locatie door online satellietbeelden af te struinen naar herkenningspunten.
Online speuren we ook verder naar landjes en ineens vind ik een snoeperig, houten eco-huis op palen, tussen kurkeiken gebouwd, in natuurpark Serra de São Mamede. Het is wat boven ons budget, maar we worden bevangen door de lieflijke foto’s met houtsfeer, een wand met alleen maar verschillende, hergebruikte ramen, openslaande deuren naar het balkon dat hoog boven de lucht zweeft met prachtig uitzicht.

Terwijl we helemaal niet op zoek waren naar een huis, zijn we zo verrukt dat we op voorhand onze andere wensen/ eisen al afzwakken. Ook nu krijgen we geen reactie op de vraag wáár het ligt en of dit een legaal bouwwerk betreft…
Uit de omschrijving kunnen we ongeveer opmaken om welk dorpje het gaat en daar rijden we naar toe, op 600 meter hoogte. We blijven er een paar dagen. De temperatuur haalt net de 10 graden, met nachten rond het vriespunt. Het is droog en soms vangen we een klein beetje zon. De kachel is nodig, dus sprokkelen we hout in het bos. En verrassend genoeg ontdekken we met een wandeling toevallig deze ‘boomhut’. Nieuwsgierig kijken we rond bij het leegstaande eco-huisje van 30m2. Het is absoluut leuk, maar van een mindere kwaliteit dan op de foto’s leek. Niet goed genoeg om in te wonen, wel geschikt als atelier. Het 4000 m2 terrassenperceel ligt aan een waterstroom en alle off-grid voorzieningen zijn aanwezig: houtkachel, zonnepanelen, watersysteem met douche, composttoilet, watersysteem voor de bomen en het natuurgebied is fantastisch. Als twee blije kinderen kijken, onderzoeken en fantaseren we daar in de rondte. De onverharde weg ernaartoe gaat over een heuvel, maar daar zouden we met de camper overheen kunnen, alleen is het met onze gladde zomerbanden nu niet vertrouwd. Eerst moeten we banden met meer profiel die sneeuw-/ modderbestendig zijn.
Super enthousiast en lopen we er op verschillende momenten van de dag naar toe, om sfeer te proeven en oplossingen te bedenken, maar er is één ding dat uiteindelijk de doorslag geeft: campervrienden wijzen ons op het belang van zon. We… of eigenlijk ik wilde in dit geval niet graag toegeven hoe belangrijk de zonnewarmte is voor het leven in een camper. Het perceel ligt op de westkant van een heuvel en tussen winterharde kurkeiken komt er pas laat in de dag een beetje zon. Echt jammer! Een ander twistpunt dat verholpen is met het besluit om het niet te kopen, dat het huisje zeer waarschijnlijk illegaal gebouwd is en ook wel voorbij de grens van wat bij controle door de vingers zou kunnen worden gezien.

Om onze vermoeiende euforie weer getemd te krijgen, rijden we verder het bijzondere natuurpark Serra de São Mamede in. Aan een verlaten weg laten we onze gedachten aan dit perceel los en komen we tot bedaren. Deze ervaringen tonen ons welke voorkeuren we hebben: onze liefde voor houtbouw, inzicht in voorzieningen die we niet nodig hebben en dus ook niet moeten (over)kopen, de behoefte aan afgelegen ligging, de bijzondere sfeer van kurkeiken en het belang van een mooi wandelgebied.
Op zaterdag zitten we, na een ochtendwandeling, ‘opgesloten’ in de camper vanwege jagers. Ze manen ons te vertrekken, maar we zijn niet zo te porren om uit dit schitterende gebied weg te gaan. Daarop adviseren ze ons dríngend om binnen te blijven, terwijl een man of 10 met geweren de buurt onveilig maken. Wanneer de mannen rond vieren klaar zijn, doen wij een middagwandeling. De groep jagers haalt met auto’s ‘de vangst’ op: meer dan 20 zwijntjes en biggen liggen opgestapeld in meerdere pick-ups. Het bloed loopt in sporen over de weg…
Ik gruwel en voel afkeer, maar mijn verstand herhaalt dat zij de wildstand gezond houden. Deze Portugezen hebben geen exorbitante vleesindustrie zoals in Nederland, maar zijn als mens onderdeel van de balans in de natuur. Alles wordt lokaal gegeten. Zo sus ik mijn gevoelens tot aanvaardbare proporties.

Vanuit het bos in Norg komen berichten tot ons dat het daar ook niet rustig is. Er is 3000m2 bomen gekapt, zonder dat iemand ervan wist. De provincie heeft een dubieuze zet gedaan bij het ‘oogsten van natuur’, in een gebied waarvan ze zeggen boskwaliteitsverbetering na te streven. Ook de wethouder van de gemeente heeft merkwaardig laks erop gereageerd. Goed nieuws is dat velen in het bos er negatief op gereageerd hebben en dat dat niet onopgemerkt is gebleven. 'Tientallen bomen in Norg tegen de vlakte, bewoners compleet verrast'.
Daarnaast is er een inbreker aangehouden op ons landje. Bij twee buren is er een inbraakpoging gedaan, bij de één zijn spullen meegenomen, de ander heeft de dader op camera vast kunnen leggen. Achteraf blijkt van onze back-up in Norg dat het deurslot onklaar is gemaakt. We merken dat we er rustig onder zijn. De inbreker is tenslotte niet binnen geweest. Daarbij wonen we er ook niet en de spullen die er staan hebben geen waarde voor anderen.

Serra de Sao Mamede, we ontdekken hoe dit landschap ons hart aanspreekt. Het ontstond 300-400 miljoen jaar geleden en die authentieke sfeer voel je. Het gebergte functioneert als een barrière tegen condensatie en creëert een microklimaat met hogere neerslag en vochtigheid dan in de omringende gebieden. Daarom is dit gebergte rijkelijk groen, met gigantische granieten oer-keien begroeid met een grote diversiteit aan mossen. Loofbossen van kurk- en steeneiken, afgewisseld met cultuurlandschap waar koeien, geiten, schapen en soms paarden rondlopen. In de wat verwilderde gebieden groeit overdadig de brem, die half december al begint met bloeien. Er leven gieren, uilen, arenden, adelaars, de wielewaal, nachtegalen, ijsvogels, bijeneters en ooievaars, zelfs de zeldzame zwarte ooievaar. Maar ook grote zoogdieren. We zien edelherten, vossen en zwijnen, maar tot nog toe onzichtbaar leven er ook otters, genetkatten, mangoesten en de zeldzame Iberische lynx. Wauw!

Er staan enkele stukjes grond te koop en daar willen we ons nu vooral op richten. Na de kerst komt er zon en 17 graden, maar eerst nog een regenachtige week, waar Portugal blij mee is. Op de enige droge dag wandelen we met campervrienden de natuur in, op zoek naar een te koop staand landje van 5 hectare. We vinden het kooplandje niet, maar wát een ge-wel-dige natuurbeleving! Ik beklim de bemoste rots van zo’n 25 meter hoog en heb een fenomenaal uitzicht over het diverse landschap. Op de oerrots valt de nietigheid als een weldaad over me heen. Als we hier toch eens een mooi en veilig habitat zouden kunnen maken, waar biodiversiteit zorgt voor insecten, die allerhande vogels, reptielen en zoogdieren aantrekken. Wanneer we wegrijden over het smalle weggetje, vliegt voor de camper uit... de hop! Het signaal! Zou dit dan het gebiedje worden waar we ons landje vinden?

Helaas heeft Pinke wéér een blaasontsteking. Om de 10 meter doet ze een bloederige plas. De dag voor kerst gaan we in Portalegre naar een dierenarts. Zo leren we ook over de voorzieningen hier. Pinke krijgt eerst antibiotica en over 2 weken verder onderzoek, want haar nieren werken niet goed. Nu we toch in de stad zijn, bestellen we de autobanden ook voor over 2 weken. Tevens bezoeken we de wasmachines, een makelaar en zo nog wat meer gedoetjes.
’s Avonds keren we terug naar Castelo de Vide, op 700 meter. Een heel sympathiek, middeleeuws kasteelstadje, waar volop gewoond wordt. We parkeren 100 meter erboven, zodat we uitzicht hebben op het plein voor de kerk waar ’s avonds een groot kerstvuur zal zijn. Rond zessen trekt de mist dicht, dus het uitzicht is verdwenen. Ach, we zijn moe, dus liggen we kerstavond om 20.00 uur al in ons mandje.
Eerste kerstdag worden we wakker met mist en regen. Misschien is het lager gelegen deel droger. We bezichtigen het zevende terrein, maar het monotone dennenlandje valt meteen af.
Op de uitgestorven wegen rijden we stapvoets door de São Mamede en laven ons aan weilandjes, met handgebouwde muurtjes eromheen van eeuwenoude  granietstenen. Daarbinnen liggen versnipperd de bemoste oerkeien die door de regen prachtig groen kleuren. Verspreid staan kurkeiken met een breed uitlopende lruin. De stam is pás gestript, waardoor deze donker rood-bruin kleurt. Daarboven in schril contrast de groen-grijs harig bemoste takken, die als een angora trui de boom aankleed. Mijn hart huilt bijna van vreugde. Wát een schoonheid. En ineens is ie daar weer… de hop!
We parkeren aan een verlaten weg in deze prachtige natuur. Een wandeling. Het zonnetje wisselt de miezerregen af. Koffie met een muffin. Samen zijn in ons knusse, mobiele huisje. Zorgzaamheid voor m’n lieve, ondeugende Pinke. Dit is voor mij vrede op aarde.