Spring naar inhoud

Over de Brennerpas zijn we de Zuidelijke Alpen binnen gekomen. Een kwart van het totale Alpengebied ligt in Italië. Ten oosten van Bolzano, 75 km landinwaarts, liggen de meest grillige bergketens van de Dolomieten. Dát lijkt ons een interessant gebied. Gemoedelijk slingert de weg vanaf 1000 meter naar 1500 meter. Daar zien we de skiliften de hoogte in gaan. Via ontelbare bochten volgen we deze kleurige, zwevende bakjes naar het Sella-massief. Gelukkig heb ik rijervaring in de bergen. Door de ramen zien we naaldbomen op de hellingen die al gauw overgaan in kale, ruige bergtoppen die de blauwe lucht insteken. We komen ogen te kort. Ongelooflijk! Majestueus!
Ik ervaar het als een stoere klus om ons huis door dit imponerende gebied te sturen. Klaas en ik beiden zijn blij dat hij niet meer rijdt. Het vraagt inspanning en oplettendheid, dus niet teveel rondkijken.
We zoeken naar plekjes op parkeerplaatsen langs de weg, waar ook nog een beetje rustig te wandelen valt, maar dat is niet eenvoudig. Er zijn nog steeds behoorlijk veel mensen in dit stukje Dolomieten. Wielrenners, mountainbikers, motoren en auto’s die af en aan naar wandelgebieden rijden… Deze dynamiek past ons niet.
‘s Ochtends rijden we het Sella-massief in, maar waar we ook stoppen is het druk of wordt het druk, dus als snel gaan we weer door. Zo worden we verder gedreven, de hoogte in. Ineens passeren we de Sellapas op 2244 meter, gelegen op een smalle bergrand. In alle richtingen is het uitzicht adembenemend. Ik zoek een parkeerplekje om foto’s te kunnen maken. Klaas blijft zitten, die is voor vandaag verzadigd.

Het is vol en toeristisch, dus ook hier zullen we niet blijven. Meer dan tien haarspeldbochten leiden ons weer een paar honderd meter omlaag. We hebben in één dag al vier parkeerplekken gehad en meer gezien dan we kunnen verwerken. Ik wil nog één laatste locatie proberen, want vermoedelijk komen we hier nooit meer.
En hup, weer vele haarspeldbochten omhoog eindigen we op de Pordoi-pas, opnieuw op 2240 meter. Met wat mazzel kunnen we een hoekje innemen op een grote parkeerplaats, waar campers verboden zijn, maar gedoogd worden. We sluiten ons eerst af door lekker te gaan lezen. Ons systeem moet tot rust komen.
Eind van de middag wandelen we tussen bergen die nog eens 700 meter hoger zijn. Wow, wát een indrukwekkend gebied!

In de avond daalt er een serene rust neer en voert de avondlucht een prachtig lichtspel met de bergen op.

De volgende dag wandelen we niet met al die anderen mee over de bergpaden, maar nemen we een vlakke, doodlopende weg, waar maar weinigen komen. Eindelijk kan Pinke weer lekker los lopen en wij verinnerlijken op rustige wijze deze omgeving.

Zo’n 60 miljoen jaar geleden werden de Dolomieten gevormd door het botsen van aardplaten. In zijn kleiatelier heeft Klaas het mineraal ‘dolomiet’ als ingrediënt voor glazuur en we lopen over een verlaten stukje helling om tussen het bergpuin échte dolomiet-steen mee te nemen. Het is een hard, wit gesteente, gevormd uit koraal van zo’n 250 miljoen jaar oud. Er ligt hier ook ruw, zwart gesteente. Door vulkanische activiteit tijdens de vorming van dit gebergte kwam er een laag lava over de koraalkalk heen, dat vanwege de zachtheid geërodeerd is.
Er is hier niemand. We drinken hier onze koffie en genieten.
Het weekeind begint, dus als de parkeerplaats zich weer vult, slingeren wij vermoeid het gebied uit.

Op zoek naar een mooie, natuurlijke plek worden we soms midden op een doodlopende weg geconfronteerd met loketten waar ze ineens twintig of dertig euro vragen voor we verder mogen rijden. In eerste instantie baal ik ervan, maar dit verandert als we ons realiseren dat dit heldere signalen zijn van massatoerisme. Natuur wordt op deze plekken als attractie behandeld, met veel consumptievoorzieningen en parkeerterreinen voor grote groepen mensen. Rustige natuur en wilde dieren zijn hier allang verdwenen. Dus welbeschouwd is het een heldere boodschap dat wij hier helemaal niet moeten zijn.
Maar waar dan wel?

De afgelopen vier maanden heb ik een radiostilte ingelast. Er borrelde in mij veel weerstand over de wereld zoals die is. Innerlijke, turbulente discussies zijn op zo’n moment geen bijdrage aan de buitenwereld.

In het recreatiebos in Drente heerst de mens als koning over de natuur. Hekwerken, exotische beplanting, bouwwerken, grasvelden... De mens beslist wat waar wel en niet mag groeien, zonder enig zicht op de gevolgen voor het totale ecosysteem dat het kwetsbaar bos met haar dieren is. Ik voel ongenuanceerde boosheid en daaronder verdriet, over hoe onzorgvuldig en egoïstisch de mens met de natuur omgaat.
Het vraagt tijd en stilte om de aanhoudende aversie te doorbreken en door het wérkelijk voelen van de emoties te ontdekken welke boodschap het in zich draagt.
De destructieve gevolgen voor de aarde, door hebzucht en overheersing in onze westerse ‘beschaving’, doet me pijn. Ik ervaar het als vernietiging van het pure, het onschuldige, waar we uiteindelijk allemaal zo naar verlangen.
De pijn herinnert me aan het pure, onschuldige kind in mij dat overheerst en onderdrukt is, zoals vele mensen als kind niet erkend zijn. De overtuigingen die ik daardoor ben gaan geloven over de wereld en over mijzelf, vormen de bril waardoor ik op dit moment de wereld zie en beleef. Deze bril is echter niet de waarheid en het geloof erin creëert steeds weer dezelfde ervaringen.
Wat er gebeurt in de wereld zegt niets over wie ik werkelijk ben, het is niet wie wij werkelijk zijn. Pas wanneer we de waarheid herinneren over onszelf, kunnen we met een frisse blik naar actuele situaties kijken en de waarheid in de wereld zien.
Klaas vat de uitkomst zo eenvoudig-mooi samen:
‘De realiteit onder ogen zien, maar niet je idealen verliezen’.
Na het doorleven en begrijpen van mijn emoties ontstaat er ruimte voor de keuze: Ga ik door met vechten tégen iets of zet ik mijn energie in vóór iets, passend bij mijn waarden?

Met aandacht voor onze idealen richten we ons op het afmaken van het atelier. Klaas doet de afbouw en samen bedenken we de inrichting. Het wordt een heerlijk licht werkatelier van 30 m2. Al Klaas zijn (opgeslagen) kleiwerken hebben nu een plek. En ook zetten we weer een stap verder in ontspullen: ruim 100 kilo vloeit terug in de wereld van recycling.

Om mijn hart te voeden neem ik ruimte om me te laven aan een kleine, natuurlijke leefwereld: in mei bloeiden er wel 15 soorten inheemse bloemen op ons perceel. Wauw! Ik wist nooit dat er zoveel kruiden konden bloeien in bebost gebied. De puurheid, de natuurlijke schoonheid van bloeiende kruiden liften mij op!
Bosbeheer brengt me robuuste, aardse bosarbeid; het is vervullend om natuurverstoringen te herstellen. Het creëren van een drinkvijver met Drentse keien is een heerlijk project en ik ontdek het subtiele evenwicht van zo’n ecosysteempje. Het dagelijkse gebruik ervan door reptielen en vogels is kostelijk om te aanschouwen!

Trouw handelend maar mijn idealen heb ik, naast de focus op mijn individuele ontwikkeling, mijn creatieve inzet gebruikt voor het maatschappelijk belang met een nieuwe bos(b)ode. Drie maanden lang heb ik er gemiddeld 20 uur per week aan gewerkt en daarnaast zo'n € 1000,- onkosten gemaakt. Het leven vanuit idealen, zonder krampachtige gedachten over tijd en geld, voelt bevrijdend. Door Klaas leer ik deze lessen over leven in overvloed. Die man is zo genereus.
We hebben 1000 gedrukte exemplaren verspreid onder alle eigenaren in ons natuurgebied en in het dorp. De digitale versie (hier te openen) dient bovendien ter communicatie met instanties, waar wij het natuurbelang onder de aandacht brengen.

Moe en voldaan ronden we ons verblijf in het bos af. Vier maanden Nederland is meer dan genoeg. Dus… we pakken ons reizende bestaan weer op met een nieuwe bestemming voor de komende acht maanden: BELLA ITALIA.
We zien uit naar de ontdekking van een nieuw gebied.
Onze hippiecamper doorkruist de Alpen. Zo’n 3D landschap is altijd een beetje bizar voor ons 2D-laaglanders. Het mobiele huisje van 12m2 beweegt over de hoge viaducten, die diepe valleien overbruggen en tussen de oprijzende, groene bergen. De zon en regen onderweg geven schitterende wolkenluchten. Met zo’n 16 graden is het lichtelijk fris.

In de Italiaanse Alpen kunnen we gaan bijtanken van een enerverende tijd. Langzaam terugschakelen door te luieren, koffiedrinken en wandelen in de natuur en als we wat uitgerust zijn ontstaat er weer ruimte voor lezen, studeren en schrijven… In dit ritme zullen we thuiskomen.
In de Dolomieten zal zal de temperatuur boven de 1000 meter hoogte weer aangenaam worden, tot voorbij de 20 graden. Hopelijk zijn de meeste vakantiegangers naar huis en kunnen wij rustig genieten van de omgeving; van de lieflijke alpenweiden tot grillige bergketens.

Tijdens het rijden van Zuid Spanje naar Nederland heeft Pinke het moeilijk. Ze vindt auto rijden niet fijn, zeker niet wanneer we harder dan 80 km per uur gaan. Ze zit laag tussen onze stoelen, aan een tuigje in haar mandje. Dit is veilig. Op de vele slecht onderhouden wegen in Europa schudt en schommelt, rammelt en bonkt haar huisje. De wind raast op de snelweg om de camper heen. Alles voelt voor haar onveilig. De afgelopen jaren heb ik al heel wat uitgeprobeerd om het aangenamer voor haar te maken, zonder succes. Ze krijgt voor het rijden twee natuurlijke middeltjes die haar ietsje kalmeren. Aangezien ik altijd rijd, legt Klaas zijn kalmerende hand op haar gedurende het rijden, waar Pinke zich omheen krult.
Deze dagen neemt haar rijstress meer en meer toe; een hele snelle, hoorbare ademhaling, kwijlen en trillen over haar hele lijfje tijdens de lange ritten. Zó naar om te zien, daarom beperken we ons tot 2 à 3 rij-uren per dag. Ik voel me verantwoordelijk voor Pinke en besteed veel aandacht aan het wegnemen van haar angst. Niets helpt. Haar spanning is continue aanwezig, ook als we niet rijden. Ze wil nauwelijks nog eten. Alleen voor Pinke stoppen met ons reizende bestaan is geen optie, hoe dierbaar ze me ook is...
Al rijdend ben ik aan het bespiegelen wat er gebeurt en ik doorzie dat mijn focus op Pinkes angst, deze juist voedt. Door me op haar angst te richten, bevestig ik Pinke dat er iets aan de hand is om angstig voor te zijn. En ik maak háár angst tot mijn angst. Met dat inzicht ondervraag ik mijzelf: 'Wie ben ik zónder gedachten over Pinkes angst?' Waarop acuut in mij openheid en ontspanning ontstaat, terwijl Pinke nog net zo angstig is. Ik besef dat ik Pinke haar angst niet kan oplossen, door me erop te focussen. Met dat inzicht verander ik mijn handelen. Vooraf zeg ik tegen Pinke: ’We gaan rijden. Jij mag het samen met Klaas doen en ik ga je liefdevol negeren’. Het is een heuse oefening om me gedurende deze reisuren in warmte en ontspanning met haar te verbinden, zónder haar extra aan te halen of gerust te stellen. En terwijl dit voor mij beter is, verandert er zowaar ook iets bij Pinke: ze trilt minder vaak, kwijlt niet meer en begint weer iets te eten. Ook zie ik dat haar lijfje zich ’s nachts beter ontspant. Haar angst is tijdens het rijden niet weg, maar beter hanteerbaar. En zo wordt het rijden voor mij een soort van urenlange staat van meditatie: ‘Wie ben ik zonder mijn gedachten?'

In totaal zullen we deze reis nog geen 8000 kilometer rijden, sinds ons vertrek zomer 2020. De route noordwaarts telt de laatste 2200 kilometer. De omschakeling vanuit de natuur en de situatie met Pinke zijn vermoeiend. Het fijne van een camper is dat we het bed bij ons hebben. Langs de tolweg nemen we spontaan pauze. Met de gordijntjes dicht is de buitenwereld weg en we slapen twee uur lang. Verkwikt rijden we in de avond verder.
Op de dag dat we de Belgische grenzen zonder formaliteiten kunnen passeren, rijden we over de bizar drukke wegen naar zuid Nederland. Als ik de volgende ochtend wakker wordt heb ik flinke spit in de rug, door de spanning in het gevaarlijk drukke verkeer. In natuurgebied de Biesbosch ontspannen we met het zicht op andere trekvogels. Onze moeite om bevers te spotten wordt niet beloond, dus bevredigen we online onze nieuwsgierigheid met het filmpje ‘Bevers in de Biesbosch’.

Sinds de laatste boodschappen zijn we tien dagen in afzondering geweest. Dus we ontmoeten, buiten op 1,5 meter afstand, Klaas z’n kinderen. Het weerzien is vertrouwd. Bewust afstand houden vraagt wel een onnatuurlijke alertheid, waar we lánge tijd nauwelijks aan hebben hoeven denken. Later kunnen we, wanneer we ingeënt zijn en de coronacijfers gedaald, hopelijk ook weer Klaas’ kleinkinderen in de armen sluiten.
Wanneer we in noord Nederland ‘ons’ recreatiebos inrijden is het druk met vakantiegangers. Het huisje op het bosperceel naast ons is verhuurd. Er staat vreselijk harde muziek aan, de lege bierblikjes liggen overal verspreid, zo’n 15 twintigers staan dicht op elkaar, er wordt gelald en geschreeuwd en we zien ze bij een ander huisje hout jatten voor een groot vuur…
‘Welkom terug in de bewoonde wereld!’ Onmiddellijk zitten we midden in de lessen van aanvaarding van de mensenwereld die men ‘Westerse beschaving’ noemt.

Na alle natuur waarin we verbleven hebben, ervaren we ons bosperceeltje van 2500 m2 als klein. Alhoewel alles nog vrij kaal is, vinden we het hele gebied wél bosrijker dan we in onze herinnering hadden. Tot onze verrassing merken we dat er reetjes op ons bosduin hebben overwinterd, tot de toeristen de rust verdreven. We zien sporen van ligplekken, een enkel aangevreten jong boompje en keutels. Wat een eer! Hieraan is de winst merkbaar van het hekwerk dat we verwijderd hebben én het aangeven dat er natuurherstel plaatsvindt, waardoor mensen er niet meer doorheen lopen.
Na een lange periode van droogte heeft Drenthe de hoogste alarmfase van natuurbrandrisico. Tegelijk is het de koudste aprilmaand in 35 jaar. Met tien graden is het veel kouder dan gemiddeld. Door deze factoren loopt de natuur vier weken achter. De kou blijft nog even en gelukkig voor het bos begint de neerslag, in de vorm van flinke regen en hagelbuien. Koud!!
Deze omstandigheden maken wel dat de inheemse jonge aanplant van dennetjes, heide, Europese vogelkers en esdoorn met grote kluit nog over gezet kan worden, om zo ons bos te verbeteren. Het verwondert me nog steeds dat ik daar zoveel vreugde en vervulling in vind.
We maken het atelier leeg, waarna Klaas begint met het schuren en krabben van de houten wanden. Binnen twee dagen hebben we flinke spierpijn. Soms manen we onszelf tot rust of anders dwingt het lijf ons ertoe. En… het tweepersoons ligbad is verrukkelijk! Het oude schaftkeetje hebben we ingericht tot een groene oase. Kunststof plantjes, kaarsen en grote natuurfoto’s verwarmen ons, evenals het elektrisch verwarmde water door de ‘instant heater’. Dat is een soort cooker voor grote hoeveelheden water. Vanwege wintervorst is een gasgestookte CV-ketel niet wenselijk, dus hebben we ons jaren geleden van het gas laten afsluiten. Onze manier van leven maakt dat we momenteel 1100 KwH per jaar gebruiken en vanwege belastingvermindering op electriciteit die energiebesparing moet bevorderen, krijgen we momenteel zelfs geld terug!

Met Pinke ga ik ter controle naar de dierenarts. Haar gewicht is oké en urine- en bloedonderzoek tonen geen grote afwijkingen. Ze mag weer gewoon hondenvoer en nu alles wat normaler wordt, komt dat ook haar eetgedrag ten goede.
Klaas ontvangt zijn eerste Pfizer-vaccinatie en merkt totaal geen bijwerking.
Bij mij heeft zich een pijnlijke oorontsteking ontwikkeld, waarbij het dichte oor me ook slechthorend maakt. De symbolische betekenis ervan schijnt te zijn: ’je willen afsluiten voor indringende invloeden van buitenaf’. Dat zou nog best eens kunnen kloppen, dus ik geef mijzelf de nodige ruimte tot cocoonen.

Terug te midden in de wereld van mensen, bezit en doelgerichte activiteiten, voelen we dat het peil stresshormonen (zoals adrenaline, cortisol en noradrenaline) hoger is. Deze maken de mens alert en energiek, maar hebben tegelijk als bijwerking: minder slapen, een dwingende focus op prestaties en een toename van impulsiviteit, waardoor sneller conflictjes ontstaan. Zo ook bij ons, maar het weer bijleggen is een vaardigheid die ook charme heeft.
We merken dat het nu bewust aandacht vraagt om onze geest tot rust te brengen en de stilte toe te laten, die nodig is om de schoonheid van dit stukje natuur te ervaren. En we worden beloond! Tussen het mos, de dorre bladeren en ‘stikstofgras’ zien we in de loop van de week de eerste bloemetjes aan de bosrand zich openen: de witte akkerhoornbloem en klaverzuring, het gele speenkruid, de blauwe maagdenpalm en hondsdraf en de roze dagkoekoeksbloem. Ook alledaagse paardenbloemen heb ik leren waarderen, want dit is een zeer belangrijke voedingsbron voor insecten na de winter.
In zuid Europa hebben we dan wel de otter en de Iberische lynx gespot, maar nu ontdek ik hoe mooi de gewone bruine kikker is, die bij het drinkvijvertje bivakkeert. In de verschillende vogelhuisjes nestelen de families koolmees en pimpelmees. We genieten ook van de nieuwsgierige roodborstjes, de bonte specht, de wat lompe Vlaamse gaai en de schuchtere goudvinkjes.
We zijn fysiek al 1,5 week hier, wanneer het gevoel komt dat we ook mentaal thuis komen op ons landje.


De bruine kikker

We verkassen om de paar dagen 1 á 2 kilometer, om op ons gemak de natuur te ervaren. Gedurende twee weken nemen we rustig aan de onverharde hobbelweg terug, naar de bewoonde wereld. Rechts is de vallei, links kijken we tegen de heuvels op. De begroeiing bestaat uit steeneiken met ertussen kleurig bloeiend kruidenlandschap, de helder paars bloeiende lavendel en veel zonneroosjes, die er in de kleuren wit en fuchsia voorkomen. Er zijn langs de onverharde weg diverse dieren-observatiehuisjes met een dakje. We parkeren er en het voelt als ‘camper met veranda’, met een geweldig uitzicht. Het weer is voortreffelijk, wisselend tussen de 22 en 28 graden en zon. Sommige dagen moeten we met witte doeken de groene camper afdekken, anders wordt het te heet.
Wat voor ons heel goed voelt is dat het een open gebied is en de weg is afgebakend met hekwerk, zodat wij vanuit ‘gevangenschap’ de vrije natuur kunnen aanschouwen. Uiteraard prikkelt ook bij ons wel eens de gedachte om het gebied ín te willen, maar dat kan gelukkig niet. Zéker heel goed nu het in deze periode één grote kraamkamer is.
Om ons heen is het een continue zoemen van insecten. Daarbij zien én horen we vele vinkjes, duiven en zwart-witte eksters, schuwe rode patrijzen* en groene spechten*. Boven de rotsen cirkelen vale gieren en de bedreigde monniksgier*. Deze laatste komt alleen nog in Spanje in het wild voor. De laatste 20 jaar hebben de 400 paartjes zich kunnen vermeerderen tot 1200.

Vale Gier, Monniksgier en Rode Patrijs

We leren over het fenomeen dieren spotten in de praktijk: het belang van windrichting, lichtval, camouflage… ons witte hondje wordt van bovenaf meteen gezien. We houden rekening met het ‘golden hour’, het eerste uur ná zonsopgang en het laatste uur voor zonsondergang: in het prachtige avondlicht zien we in de vallei veel reetjes en konijntjes vredig knabbelen.
Hoezo ‘wilde natuur’? Wat niet leeft volgens de door de mens bedachte regels noemen we wild. Iets wat leeft in natuurlijke vrijheid wordt door de mens gezien als verwilderd, primitief, ongetemd… Klaas associeert dat mensen die 2000 jaar geleden niet leefden naar het Griekse (denk)systeem al 'wilden' of 'barbaren' werden genoemd. Ik realiseer me ineens dat onze vorm van camperen in Nederland wordt gekwalificeerd als 'wild kamperen', omdat we niet op campings staan, maar het liefst bij de vrije natuur, zonder iets te verstoren of te vernielen.

We speuren in stilte de omgeving af naar de meest zeldzame katachtige van de wereld: de Iberische Lynx ook wel pardellynx genoemd. Deze is een slagje kleiner en donkerder dan de Europese lynx die langzaam de Nederlandse grens nadert. Dit gebied is één van de weinige gebieden waar hij nog voorkomt, maar we hebben geen idee waar en wanneer dit roofdier zich kan laten zien. Het is duidelijk dat vogels en graseters makkelijker te spotten zijn, dan roofzoogdieren. Maar toch worden we op klaarlichte dag verrast met nog een paar rennende wilde zwijntjes. Eerder hadden we al de Iberische steenbok* gezien die familie is van de berggeit. Nu ontdekken we in de verte een Moeflon*, een wild schaap die er met zijn gekrulde hoorns voor mij eigenlijk ook uit ziet als een berggeit.

Moeflon

Het observeren is het fijnst wanneer ik met open zintuigen op ga in de omgeving. Ontvankelijk zijn voor wat zich aandient: een bloemetje of insect, een vogel of zoogdier of iets van een hele andere orde zoals ineens een perspectief veranderend inzicht. Sommige momenten jagen mijn ogen op resultaat. Mijn ‘ik wil’ voert dan de boventoon. Er ontstaat onrust wanneer zich niet snel genoeg iets bijzonders te zien is en het ‘wachten’ voelt als verveling. Deze innerlijke observaties zijn leef-leer momenten.
De vakantieweek voor Pasen komen er wat meer lynxspotters het gebiedje in. Hoewel we niet meer alleen zijn, voelt de stille, saamhorige sfeer ook fijn. Met rust en ontzag tuurt men uren lang naar de natuur. We ervaren bij hen ook een gelijkwaardigheid tussen mens, dier en leefgebied. We leggen contact met twee ervaren lynxspotters. De vrouw heet Natalia en spreekt goed Engels. Al 13 jaar komen ze vele vakantiedagen en weekenden hier observeren en deze dagen leven ze eenvoudig in hun landrover. Vanwege Covid en de reisbeperkingen blijkt het veel rustiger in dit gebiedje dan andere jaren. Natalia is lerares en deelt veel van haar kennis met ons, die we gretig in ons opnemen: Anders dan de verhalen schijnt de lynx niet zo schuw te zijn (een beetje afhankelijk van het karakter per dier), maar er zijn vooral weinig in aantal, daarom zie je ze zelden. Zolang er maar geen geschreeuw, geren of onverwachtse bewegingen zijn, zijn ze best nieuwsgierig, net als katten. De lynx eet voornamelijk konijntjes, vogels en andere kleine prooidieren, maar in de herfst en de winter overmeestert een volwassen lynx ook wel een hert of zwijn! Deze reis ga ik anders aankijken tegen muisjes en konijntjes: als altijd verse prooidieren én dus de aanwezigheid van roofdieren.
Dit gebied is van een hele rijke eigenaresse, die een liefde heeft voor de natuur. Het hekwerk is om mensen buiten te houden, maar ook om de reeën niet naar een ander gebied door te laten, waar recreatief op hen gejaagd wordt. Wij ervaren het hier als supervredig, maar tussen oktober en februari is dit één van de meest favoriete jachtgebieden van Spanje. JASSES!
De lynx is zowel overdag als ‘s nachts actief, dus onze spottervrienden turen de hele dag door, waardoor zij zo nu en dan een lynx op de hellingen zien. Wij hebben ook de behoefte om ons terug te trekken in ons huisje en zien ze niet. Dagelijks hebben we een moment van mooie gesprekken, maar we laten elkaar helemaal vrij.
Het leefgebied van de lynx werd kleiner doordat de mens zijn leefruimte innam. Daarbij waren er door ziekte weinig konijnen, wat resulteerde in het bijna uitsterven van de Iberische lynx. In 2002 waren er minder dan 100 exemplaren over. Een Lynx Rescue Team werd opgericht en nu, bijna 20 jaar later, zijn er bijna 800 in Spanje. Onze lynxspotters geven hun observaties ook door aan dit Rescue Team. De Spaanstalige rescue-werkers beginnen ons gedurende de week ook te begroeten.

28 Graden en de aanhoudende volle zon maakt dat we verkassen naar het vlakkere, dichter begroeide deel. Aan een beekje, tussen de eiken, de els, de in bloesem staande wilde peer en de geel bloeiende brem. Het vriendelijke groen en gefilterde licht is heerlijk aan de ogen.
Bij een wandeling trekt Pinke naar iets interessants… het blijkt een gladde slang te zijn, die een prooidier aan het wurgen is. Terwijl we met dubbele gevoelens kijken naar deze wrede dood, horen we de laatste piepjes en zien we het lijfje schokken. Daarna probeert deze slang zijn dode prooi in zijn geheel door te slikken. Zijn prooi is ruim twee keer zo dik als de slang, dus lijkt het ons onmogelijk. Ik voel me er een beetje onpasselijk van worden. Klaas memoreert tijdens dit akelige tafereel dat beide dieren, alle dieren, ook dit in alle goedheid doen. Ik maak foto’s en film zelfs stukjes terwijl ik week op mijn benen sta. Een beetje een mengeling van weerzin en leren om deze kant van de natuur te omarmen.
Op internet zoek ik op dat het om een ongevaarlijke trapslang* gaat die kleine knaagdieren, grotere insecten en kleine vogels eet. Grotere prooien worden gewurgd. Na wat speurwerk ontdekken we dat zijn prooi een eikelmuis* was. Deze behoort tot de slaapmuizen en heeft de grootte van een jonge rat. Onze eikelmuis had een bruin, zwart, witte vacht, met de typische maskertekening op zijn snuit. Vooral zijn zwart-witte lange pluimvormige staart en de grote, kale oren waren kenmerken om zijn soort te achterhalen.

Gladde trapslang met Eikelmuis

We lopen een paar keer per dag een kwartier terug naar de vallei, waar we dan turen naar elk bewegend stipje om tóch een keer een lynx te ontdekken. Op een dag zitten de twee ervaren lynxspotters op zo’n tien meter van ons, zodat we elkaar kunnen attenderen als we iets zien. Pinke ligt, niet aangelijnd, op de weg te genieten van het ochtendzonnetje. Plots springt achter ons een jonge lynx* uit de bosjes en loopt hij om Pinke heen. Alles wat niet blaast, blaft of op haar afkomt vindt Pinke interessant, dus zij gaat argeloos naar de lynx toe. Natalia zegt met dringende stem dat Pinke serieus gevaar loopt. Nieuwsgierig loopt de lynx om Pinke heen, vermoedelijk inschattend of dat witte hondje met haar rode truitje aan, een prooi is. Ik wil de lynx niet wegjagen, maar Pinke wel beschermen. Met lichte stemverheffing praat ik Pinke naar mij toe om haar aan te lijnen. Pinke kost het wat moeite om naar mij te luisteren en haar aandacht voor de lynx los te laten. Ik zet een paar pasjes naar Pinke en lijn haar aan. Beiden staan we dan op drie meter van de ‘wilde lynx’. Daarna blijft hier dier nog een kwartier om ons heen drentelen, gaat op zo’n 7 meter afstand liggen kijken, beetje geeuwen, doet zijn oogjes dicht. Daarna probeert hij nogmaals dichter bij Pinke te komen, waarbij ik kalm kan optreden, zonder de lynx weg te jagen. (video https://youtu.be/mC4SrezGU5). Wanneer de lynx uiteindelijk ziet dat hij geen kans maakt en springt hij weer weg in de struiken…
Die twee ervaren lynxspotters hadden dit nog nooit meegemaakt. Zij zijn nog nooit zo dichtbij een lynx geweest. Dit is onze eerste ontmoeting en die wordt vermoedelijk nooit meer overtroffen.
Ik vond het best wat gemoedelijks hebben tussen Pinke en de lynx, maar de  geschrokken Natalia dacht dat dit het einde van Pinke zou worden. Ze vindt het een wonder dat haar niks overkomen is. Wanneer dit een volwassen lynx was geweest was het zeker anders afgelopen, denkt ze.
Ze legt ons wat meer uit over deze lynx: Het is een mannetje van één jaar dat door het Rescue Team Rafiki is genoemd. Hij is wat mager, vermoedelijk is hij nog niet vaardig genoeg in prooien vangen. Op de helling vanaf waar hij kwam, heeft zijn moeder een nieuw nestje jongen, terwijl ze Rafiki bijvoert totdat hij zelf in staat is om genoeg eten te vangen. Sommige zonen helpen als ze ouder zijn de moeder met het vangen van prooien voor nieuwe nestjongen. Ook het Rescue Team legt geregeld vers konijnenvlees neer, om de soort te ondersteunen, nu de konijnenstand nog in herstel is.
’s Avonds in bed is het warm. Door de open ramen horen we de kwakende kikkers en de tsjirpende krekels. Na de bijzondere ervaring van vandaag, voelt het alsof we werkelijk in de jungle zijn. We zijn op safari, maar dan heel langzaam. Elke dag één nieuw dier.

Lezend in bed zie ik vanuit mijn ooghoek een fel groene kleur bewegen. Ik moet denken aan een leguaan, maar die komen hier niet voor. Het blijkt een parelhagedis* te zijn.
In de vallei horen we geregeld een miauw-achtig geluid, waarvan ik dacht dat het misschien van de lynx was, maar ik hoorde dat het van een klein uiltje zou zijn. Nooit eerder heb ik een uil gezien, dus op een avond wandel ik terug en bij zijn laatste miauw-uithalen zie ik een steenuiltje* zitten in een steeneik. Wauw!
Ik geniet enorm van al die nieuwe, vrij levende dieren (die ik heb aangegeven met *). Als geboren en getogen stadsmens voelt het bijzonder om te ontdekken dat ik eigenlijk een natuurmens ben, als ik mijn hart volg. Dit deel van mij was me totaal onbekend, tot zo’n negen jaar terug deze ontwikkeling begon.
Onze laatste nacht brengen we door in het gebiedje met glooiend weiland, waar we eerder de edelherten* zagen. Die laten zich nu niet meer zien, maar wel de moeflon, een dik zwijn en… een paar damherten*. Zij hebben witte vlekjes op hun kastanjebruine vacht.

Parelhagedis, Steenuiltje en Damherten

De politieke soaps die we op afstand volgen brengen ons geregeld in een kolderieke stemming. Na de eindeloze afleveringen van Trump en de Brexit-soap, waren we wel weer eens toe aan een productie van vaderlandse bodem: De uitgelekte notities bij de verkenning van een nieuw kabinet, met moties van wantrouwen en afkeuring… Intriges in een falend bestuurssysteem. Naast dat we er een kans in zien voor verandering, vinden we de potsierlijke vertoning ook best vermakelijk.
Gebeurtenissen uit het nieuws proberen we te duiden: wat betekent iets in het grotere plaatje? Hoort iets bij het (krakende) oude systeem of is iets een vernieuwing, soms wellicht een ‘blessing in disguise’? Af en toe neemt cynisme bij ons de overhand en dan kijken we online naar colleges over de 'de ontwikkeling der mensheid', om alles weer in het juiste perspectief te plaatsen en vooral de grotere tijdschalen van ontwikkeling weer helder te hebben.

Na 3,5 week zijn we eigenlijk toe aan boodschappen doen. Bah, ik zie ertegen op. Ook ons water is bijna op. We hebben het laatste restje drinkwater gekregen van de vertrekkende spottervrienden. Qua eten schakelen we over op ons ‘noodrantsoen’, maar voor water rijden we 2,5 uur over de zeer slechte weg, om een berg heen, terwijl we hemelsbreed maar zeven kilometer verkassen. Bij één van de tientallen gaten in de weg, zitten een stuk of vijf jonge konijntjes. Wanneer wij in slow motion aan komen rijden, duiken ze weg in hun hol ónder dat wegdek!
Terug bij de waterbron van twee weken geleden, tappen we 140 liter in 2,5 uur. Acht minuten voor een acht literfles vol is en daarmee heuveltje op en af, in de stralende zon. Wat is het genieten dat tijd in onze manier van leven weinig waarde heeft en de puurheid van bronwater des te meer.

Aan de Jándula rivier ontdekken we een nieuwe natuurplek. Eind van de middag zitten we in de schaduw van de rots aan de waterkant. Het is groen en stil, wéér een topplek! Open voor welke dieren zich zullen tonen bekijken we de bewegingen van een rivierfkreeftje*. En even later steekt ineens een waterschildpad* zijn koppie boven het water uit, om ons te observeren. We verwonderen ons over al het nieuwe dat we deze periode zien en leren. Wanneer Klaas de ’s avonds afwas doet en ik in de schemering aan de waterkant zit vliegt er een ijsvogeltje* voorbij. Geweldig die helder blauwe kleur, met oranje borst, maar zó schuw en snel.
De volgende middag zitten we weer otters te spotten. Om de lynx te spotten hoefden we niet muisstil of bewegingsloos te zijn, maar voor de otter... Jemig, wat is dat dier schuw! Hij ziet en hoort elk minuscule beweging of geluidje en dan duikt hij al onder. Wanneer ik uiteindelijk naar de camper ga, komt Klaas niet veel later terug. Gelijkend op zijn jonge kleinzoon roept hij opgetogen: ‘Ik zag een otter! Hij buitelde in het water en ik sloop ernaar toe en hij zag mij niet!’ Wat hou ik toch van die man met zijn ontwapenende karakter!
Tegen zevenen ‘s avonds is het nog steeds ruim 20 graden, dus doen we een eenvoudige BBQ met vegetarische knakworsten en -balletjes, afbakstokbrood, gepofte sjalotjes en knoflooksaus. En ondertussen rondkijken waar het water kringelt en de otter zijn aanwezigheid prijsgeeft. Daar aan het water, in het groen met het  gekwetter van vele vogels om ons heen is het zó vredig! Fantastisch. Naast vinkjes, merels, zwaluwen, spechten, blauwe eksters, de nachtegaal en nog veel meer horen we ook continue de koekoek. Het lijkt wel een kapotte klok: hij koekoekt urenlang en we zien de vogel nooit. We lezen dat het een mannetje moet zijn, want het vrouwtje is in deze tijd een sluw plan aan het uitvoeren. De koekoek besteedt de zorg voor zijn jongen uit. Het vrouwtje legt haar ei in het nest van een andere vogel, die vervolgens zijn jong groot brengt. Dat klinkt allemaal heel gezellig, maar de oorspronkelijke jongen worden door de koekoek uit het nest gekieperd. De zorg voor een jong op een ander afschuiven valt of staat met het stiekem leggen van de eieren, want de adoptieouders mogen natuurlijk niet zien dat een koekoek een ei in hun nest legt. De vrouwelijke koekoek slaakt, nadat ze een ei in het nest heeft gelegd, een kreet die sterk lijkt op die van een sperwer, een natuurlijke vijand van andere vogels. Het resultaat: de geschrokken vogel blijft langer weg van het nest, waardoor de koekoek voldoende tijd heeft om zijn ei te leggen en zich uit de voeten te maken.
En… dan tegen negenen, nét voor het donker, zie ook ik voor het eerst een otter* zwemmen. Tof!

Rivierkreeft, Waterschildpad en de Otter

Wat ik hier allemaal ontdek is te veel om in me op te nemen. Wat het meest opvalt komt als eerste binnen en als dat verwerkt is, vallen steeds kleinere details op, maar dan nog... té veel!
We nemen een wandelroute in het afgesloten park, weg van de rivier. Misschien zien we nog wel een lynx of de schuchtere koekoek. We bestijgen een heuvelwand van 100 meter hoogte en wandelen daarna kalm over een egaal stuk, tussen twee heuveltoppen in. Pinke moet tussen ons in, want we zijn nu gewaarschuwd voor de lynx.
Het uitzicht is fenomenaal! Lieflijk smalle paadjes tussen bomen en struiken, alwéér veel waanzinnig mooi bloeiende lavendel, rode klaprozen, afgewisseld met weids uitzicht over de riviervallei. En daar lopen wij in ons uppie! Er is niemand! We kunnen het niet begrijpen en tegelijkertijd prijzen we ons rijk. Mijn oog valt op steeds kleinere bloemetjes en ik ontdek minuscule perfectie! Wauw!

Het gele bloemetje is 0,5 cm en het blauwe zelfs maar 2 mm! Waanzinnig!

Dit is voor ons het interessantste natuurgebied van Spanje dat we tot nu toe ervaren hebben. We overpeinzen of en hoe we nu verder zullen reizen, mede vanwege de boodschappen… Rijden we naar de stad op en neer? Of naar het grootste natuurgebied van Europa, in west Spanje? Misschien zijn we na 9 maanden wel voldaan, en hebben we geen behoefte om ons weer opnieuw te openen voor wéér een ander gebied. Zullen we alvast noordelijk rijden? In Spanje blijken we terug naar huis te mogen rijden, maar Frankrijk legt met de verplichte PCR-test en een vragenformulier belemmeringen op… dáchten we. Van een campervriend krijgen we de tip, dat er op het Franse reisformulier staat: ‘ontheffing voor reisbeperking ten behoeve van gezondheidszorg en preventieve procedures (inclusief vaccinatie)’. Klaas heeft zijn vaccinatie-oproep binnen. Het verlangen naar ons bosperceel in NL was de afgelopen weken naar de achtergrond verschoven, maar niet weg, blijkende ons metéén opwellende enthousiasme. De vaccinatie is dus niet alleen bescherming tegen het virus, maar het is ook ons 'ticket home'! En ik mag mee, als chauffeuse van de ‘kwetsbare en behoeftige mens’. We are só lucky!
Dus… we gaan terug naar NL!
Het is begin april, als we twee uur lang met weemoed afscheid nemen van het prachtige gebied. Samen in stilte het licht zien worden, op de rots aan de Jándula rivier. Tussen de indrukwekkende vogelgeluiden nog twee otters gezien en een waterschildpad.

Met een vaccinatieafspraak en boodschappen voor drie weken, kunnen we formeel aan alle covid-maatregelen voldoen...
Meebewegen met het onverwachte hebben we afgelopen jaren geleerd en we zijn het gaan waarderen.

Na 3 dagen Malaga-stad verkassen we naar Los Montes de Malaga, waar we op 10 km afstand en 500 meter hoogte neerkijken op deze één na grootste stad van Andalusië. We zien de zee, de haven en realiseren ons dat in de tientallen ‘legoblokjes’ beneden, wel 40 gezinnen of meer dicht op elkaar wonen. Wat we van beneden als een mierenhoop hebben ervaren, is vanaf hoogte een stilleven. Dagelijks parkeren er jongeren uit de stad naast ons die hier de rust zoeken met lekker harde muziek. Soms kunnen we elkaar binnen niet meer verstaan. Omdat irritatie uiten contra werkt, zoek ik in mijzelf begrip voor hun situatie. Ze hebben een hond bij zich en wanneer ik hem water geef drinkt hij gulzig. De jongeren kijken vertederd en dan vraag ik of het een ‘poco suave, porfavor’ kan, waarna de muziek een stuk zachter gaat.

We luisteren vooral naar onze innerlijke stem, maar hebben ook zin aan wat dynamiek van buiten. We staan een nacht op een camping om de laptops te updaten via de wifi en nemen voor het eerst sinds acht maanden een douche. Wahaa, wát een luxe! Een stellage die van bovenaf vele liters warm water laat vallen en waar ik alleen maar onder hoef te staan. Heerlijk! Na een paar minuten tintelt mijn huid van de warmte, wát een sensatie! Beetje zingen in de galmende akoestiek, lekker hoor. Het ontzettende gemak ervaren we als iets bijzonders, toch hebben we het gedoe van een camping er niet voor over.

We zijn nu ruim twee maanden in de provincie Malaga, een gebied dat zo groot is als Drenthe, Groningen en Friesland bij elkaar. Op die ene middag na, toen we weggestuurd werden door de parkranger, zijn we niet meer in een gebied geweest waar de natuur overheerste. Twintig kilometer uit de kust staan we aan een stuwmeer, maar in het weekeind is er daar gigantisch druk. Corona? Dat speelt in een andere galaxy.
Het landschap, lawaai, drukte… overal is de mens bepalend. Met de focus op de enkele natuurlijke elementen redden we ons best in de wereld waar de mens domineert, maar het voedt ons niet. Her en der bloeit er een strookje wilde bloemen zoals koolzaad, borage, papaver, de distel. Geel, paars, blauw, rood… stralend tonen ze wat ze in zich hebben. Ik bewonder hun kracht hoe ze daar zó uitbundig floreren.

Geduldig hebben we gewacht tot de besmettingscijfers laag zouden zijn, zodat de provinciegrenzen zich weer openden. Op 19 maart besluit men om… de provinciegrenzen weer drie weken langer dicht te houden en de cafés en de avondklok uit te breiden. Vermoedelijk omdat mensen tóch al massaal bij elkaar komen. Er overvalt me enige moedeloosheid. Klaas en ik hebben discussies over het overschrijden van de regels, om naar een rustigere provincie te gaan. We zien twee type regels: als eerste zijn er de basismaatregelen om de verspreiding van corona tegen te gaan en als tweede regels die voortvloeien uit het niet volgen van de basismaatregelen.
Ik vind dat we geen goede reden hebben om de regels te breken. Klaas leeft vanuit de houding dat het volgen van het geweten belangrijker is dan regels. Langzaam beweeg ik naar de opvatting dat regels centraal stellen (door ze te volgen of je ertegen verzetten) een kinderlijk standpunt is t.o.v. de overheid als ouder. Die positie brengt met zich mee dat ik me machteloos voel, wanneer anderen de regels niet volgen. Verantwoordelijkheid nemen om een gezamenlijk doel te bereiken is wat er in wezen van mensen gevraagd wordt, dat is volwassenheid. En dat geldt voor veel meer aspecten van samenleven, dan corona alleen. (Strakke) Regels kunnen een middel zijn, wanneer een groot deel van de mensen de verantwoordelijkheid zelf niet kan of wil nemen. De vraag speelt of de politiek zich als een goede ouder opstelt en daarmee volwassenheid bevordert, of dat het beleid juist kinderlijk gedrag stimuleert…?

Gezien ons quarantaine leven, draagt níets wat wij doen bij aan het oplopen of verspreiden van het virus, dus zullen we meer pragmatisch met de regels omgaan en onze bewegingsruimte vergoten. Over kleine bergweggetjes ontvluchten we de drukke kust, richting de provincie Granada. 200 Kilometer lang jakkeren we door de monocultuur van olijfbomen naar de provincie Jaén. Hier zijn de dorpen en steden verrassend leeg, zoals we kennen van het binnenland. We strijken neer in natuurpark Sierra de Andújar, onderdeel van het grotere Sierra Morena. Het staat bekend om haar vele wilde dieren. Wanneer we rond zessen aankomen in het naaldbos is Pinke opgelucht dat haar huisje tot stilstand is gekomen en we eindelijk gaan wandelen. Nog nét kan ik haar behoeden voor de dennenprocessierups, het veel gevaarlijkere broertje van de eikenprocessierups. Op drie meter van de camper kruipt er een sliert van zo’n 7 meter in colonne, neus aan kont. Hun brandharen maakte dat deze diertjes Pinke vier jaar geleden bijna haar leven kostte, omdat ze eraan gelikt had. Wanneer ze er één binnen had gekregen, zou ze binnen het uur gestikt zijn, vanwege de zwelling. Toen werd ze een nacht bij de dierenarts geobserveerd en heeft ze een wekenlange herstelperiode gehad, vanwege de brandwond in haar bekkie. Uiteindelijk is er een stukje tong afgestorven en de bovenkant verschrompeld. Met warmte is het blijvend oppassen, omdat ze met hijgen haar warmte niet meer goed kwijt kan.

De volgende dag rijden we verder het natuurpark in en staan al snel oog in oog met twee reetjes in dikke wintervacht. We parkeren bij het dorpje Virgen de la Cabeza, op een heuveltop in het hart van het natuurpark. Dit bedevaartoord is het heiligdom van een van de beroemdste en meest gevierde maagden van Spanje. De maagd Maria zou hier in de 13e eeuw aan een herder zijn verschenen in de gedaante van een hoofd (cabeza). Gewoonlijk komen het laatste weekeind van april duizenden devote pelgrims hiernaar toe.
Met een zonnetje en 15 graden wandelen we naar de basiliek op de bergtop, waar maar een handvol mensen zijn. Vanaf de poort tot aan de kerk loopt een breed stenen pad, waar een devote pelgrim kruipend ‘de kruisweg’ aflegt, tussentijds stil biddend. In de kerk is een (Spaanse) dienst gaande die buiten te horen is via de luidsprekers. Alles bij elkaar een aparte sfeer. Klaas neemt graag cultuur in zich op en filosofeert over wat religie heeft betekend in de ontwikkeling van de mensheid. Met zijn duiding is het voor mij ook van waarde om zo nu en dan deze kant van het bestaan in me op te nemen.
We overnachten tussen de steeneiken en dennen aan de rand van het dorpje, om de kans op wegsturen te minimaliseren. ’s Avonds hoor ik zacht krijsen. Mijn oren zijn gespitst en het komt dichterbij. Ineens zie naast de camper drie donkergrijze wilde zwijnen met wel acht jonkies, die een bruine vacht hebben met horizontale lichtbruine strepen. Wat een toffe verrassing!

Wild zwijn zeug met frislingen (niet mijn foto)

Ik verdiep me wat meer in het wilde zwijn, ofwel het everzwijn. ‘Wilde zwijnen leven in groepen die rotten worden genoemd en bestaan uit twee á drie vrouwtjes met hun jongen, frislingen genoemd van een/ twee jaar. Enkel de vrouwtjes zijn sociaal, mannetjes leven alleen. De camouflerende vacht van de frislingen wordt ook wel zwijnenpyama genoemd. Wilde zwijnen zijn schuwe dieren en laten zich niet gauw overdag zien, maar zijn in de schemering en 's nachts actief. Zij hebben een scherp gehoor en goed reukvermogen, maar kunnen slecht zien. Zij zijn alert, bij het geringste geluid, beweging, of geur, rennen ze weg. De grootste kans om ze in het bos te vinden is in het voorjaar en de zomer, wanneer de zeugen met biggen veel op stap zijn om voedsel te zoeken en daarbij de grond om te woelen.

Tot onze verrassing is het vanaf hier heel aardig wandelen. Rondom het dorpje is er veel kaalslag voor kamperende pelgrims, maar daarbuiten hebben we toegang tot het schitterende natuurpark. Het is heel divers met stukken naaldbomen, dan weer eiken, maar geregeld ook open vergezichten op valleien en rotswanden.
Het is overweldigend lente. Er zijn vele nuances groen, overal bloeien struiken en bloemen, de lavendel heb ik nooit eerder in zo’n prachtige kleur paars gezien en het zoemt er permanent van de insecten. We zitten samen stil op grote keien rond te kijken, ons te laven aan de natuur. Het latente ‘wachtgevoel’ van de laatste twee maanden is verdwenen en we gaan geboeid op in onze beleving. Wentelend in de verstilling van luisteren, kijken en voelen. De windvlagen, vogelgeluiden, de zon en schaduwen, al die verschillende kleuren, blikken in de verte, details dichtbij...  De gewaarwording van gedachten die komen en weer weg drijven. Opgaan in het voorbeeld dat de ongerepte natuur geeft: niks nastreven, najagen of ontkennen, maar aanwezigheid.

Het vinden van drinkwater is hier lastig. Op weg naar een verlaten gebiedje net buiten het beschermde natuurpark, is een bronnetje met een mager straaltje. We rijden een onregelmatig heuveltje op tot vlakbij de bron en doen er een uurtje over om onze watervoorraad aan te vullen met zestig liter. Bij het wegrijden hangt de camper gevaarlijk scheef, waarbij hij soms op drie wielen hangt. Aiii, iets teveel risico genomen, maar het geluk is aan onze zijde en we komen er heelhuids weg.
Dan rijden we drie kwartier over een slingerweg en nemen de afslag naar een weggetje van drie meter breed, met een heel slecht wegdek. Ik kan er max. 20 km p/u rijden vanwege de gaten en hobbels. Over negen km doen we nog eens een half uur. Dán komt er nog tien km onverharde weg vol kuilen, waar we een uur lang tussendoor slingeren met max. 10 km p/u. Tegen vieren lunchen we maar ergens langs de kant van de weg. En… alsof we op safari zijn zien we zomaar een kudde edelherten. Op de elanden na het grootste herten van Europa.
Dat belooft veel goeds.
We markeren op de navigatie goeie parkeerplekken voor de terugweg en hobbelen verder tot de weg stopt bij het langgerekte stuwmeer ‘Embalse del Jándula’, tussen de steile heuvelhellingen. Er is een 240 meter langer dam en een van de oudste waterkrachtcentrales van Spanje. Met een speurende blik op de hellingen ontdek ik de Iberische steenbokken, terwijl Klaas geïntrigeerd het bouwwerk bekijkt. 1000 Werknemers realiseerden met kar en paard de 87 meter hoge dam, tussen 1923 en 1932. Iets hoger ligt een ruïne dorpje waar de 1000 gezinnen woonden, in totaal zo’n 3000 mensen, omdat de stad veel te ver was om op en neer te gaan. Naast vele kleine huisjes waren er stallen voor de dieren, moestuinen, maar ook een kerk en zelfs een theater. We beleven dit gebied heel verschillend. Ik zie de verlaten ruïnes, Klaas loopt door een bruisende geschiedenis.

Edelherten
Jonge Iberische steenbokken

De hobbelweg terug zullen we steeds kleine stukjes verkassen, om te speuren naar de diverse soorten wild die hier leven. Vooral hopen we een blik te vangen van de zeldzame Iberische Lynx...

‘Jawel, de volgende keer meer over alle dierenvriendjes
uit het Grote Dierenbos.’

Lang heb ik gedacht dat er deze reis wel een moment zou komen dat we mensen zouden gaan missen, maar steeds vaker denk ik dat dit niet meer gaat gebeuren. We hebben het fijn. De intensiteit van het leven op onszelf is heerlijk. Ruimte voor het ervaren van het werkelijke leven dat zich ontvouwt, in plaats van geleefd worden door de klok of verplichtingen. Wandelen, schrijven en lezen... het verwondert me dat het (nog?) niet saai wordt. De autonome, bijna zelfvoorzienende manier van leven voelt heel natuurlijk, zelfs binnen de begrenzende gezondheidsmaatregelen die zijn verbonden aan de pandemie.

Tegenstellingen zijn inherent aan het leven, zo ook in ons vrije bestaan. Het maakt dat we het leven in alle volheid kunnen ervaren; zonder donker weten we niet wat licht is.
Het gebeurt weinig, maar zo eens in het jaar wordt Klaas boos. Dat gebeurt nu tijdens een wandeling. Al discussiërend, kakel ik boven de stormwind uit. Hij valt uit dat ik te heftig ben. Er is bij hem iets geraakt en dat raakt bij mij weer een gevoelige snaar. Na úren van een gespannen stilte bepraten we het. Daarna dalen we beiden af in zelfonderzoek. Weer uren van stilte verder delen we in open kwetsbaarheid, welke pijnlijke ervaringen uit ons verleden we op elkaar geprojecteerd hebben. Dat doet ons weer verbinden.
Een conflict is verre van leuk, maar wanneer we alle onprettige gevoelens wegduwen (als dat al kan) dan duwen we 50% van het leven weg. Dan zouden we ons afsluiten van de volheid van het leven. We gaan alles samen aan. Zoals Klaas het verwoord: ’Ik ga niet voor makkelijk’. Onze manier van leven vraagt daar ook om, er zijn weinig vluchtmogelijkheden. We móeten wijsheid toelaten op zulke momenten, wat resulteert in groei, verdieping, bevrijding.

Quote Byron Katie:
Life is simple. Everything happens for you, not to you.
Everything happens at exactly the right moment, neither too soon nor too late.
You don't have to like it... it's just easier if you do.’

Terwijl we op 2500 km afstand zijn van Drenthe, volgen we de ontwikkelingen van ons bosgebied nauwgezet. De gemeenteraad neemt positieve natuurbesluiten over een aangrenzend recreatiebos, waarbij permanent wonen legaal wordt, in ruil voor concrete verplichtingen tot natuurkwaliteitsverbetering: begrenzing van het ‘gebruiksvlak’, de rest van het bosperceel krijgt de bestemming natuur en alle hekwerken in de natuur moeten verwijderd. Het maakt dat we weer heel enthousiast worden over ons perceeltje in het Drentse bos. We hebben zin om ons stukje bos verder te verbeteren en onze voorzieningen te laten aansluiten op de toekomst. We slaan aan het fantaseren en tekenen een bouwplannetje. Wat hebben we hier samen toch veel plezier in. Opgesloten in een nat, koud Ronda en met onze gedachten bij ons bosperceel, maakt dat Spanje héél ver weg voelt…

We hoppen wekenlang rond in deze gemeente. (zie de foto's) Zolang we luidruchtige inwoners kunnen mijden voelen we ons het prettigst. Het wordt wel steeds lastiger. Jongeren komen samen voor rumoerige coronaparty’s en houden zich slecht aan de regels. We zijn gezegend met een avondklok, zodat er een eindtijd is en de rust terugkeert.
Wanneer we laag in het land staan, met uitzicht op de oude stad boven ons, begint een Amerikaan een praatje, met mondkapje op en continue op drie meter afstand: 'Ben jij Anneleen?' Blijkt dat hij het blog al een tijdje volgt. Ook hij ziet het als een kado om een tijd niet op te gaan in allemaal activiteiten, maar veel te mediteren. De volgende ochtend komt hij 'baklava', Turkse zoetigheden van de bakker brengen. Zó aardig.

Op 18 februari is het tien jaar geleden dat mijn relatie met Klaas begon. Ik werkte toen zes dagen per week en kluste alle vrije dagen aan mijn oude huis in renovatie... Druk, druk, druk.
Op een vrijdagmiddag kwam mijn dorpsgenoot Klaas, thee drinken en streelde hij mijn vermoeide voeten. Dát was het moment dat ik impulsief mijn muur liet zakken en me overgaf met de zin: 'Geen idee waar ik aan begin, maar wat vínd ik dit fijn'… En wat heeft het me veel gebracht! Voor het eerst samen leven, zonder baan, geen huis, alle vrijheid én verbondenheid. Less is so much more!
We vieren deze dag vreugdevol: Wakker worden met muziek van Herman van Veen - Liefde van Later (tekst onderaan), heerlijke appeltaart bakken en Klaas is verrast wanneer op zijn desktop een digitale fotocollage van 10 jaar samen staat. Aan het eind van de dag zijn we bekaf door zoveel stromende liefde.

Bijna alle verkeer moet in de stad over één rotonde, waar we worden gecontroleerd vanwege de lockdown. Met een paar Spaanse woorden, kan ik duidelijk maken dat we op de hoogte zijn van de gesloten gemeentegrenzen en dat we al vier weken hier verblijven. Gelukkig mogen we door.
1,5 Week voor Ronda als een van de laatsten officieel open gaat, zijn we bij het zoeken naar een nieuw plekje aan de gemeenterand, plots in een ander dorp. We mochten de stad niet uit, maar vooral niet in… dus zijn we zomaar vrij.
Online zoek ik geregeld naar wandelroutes en zo weet ik een tópplek in natuurpark de Sierra de las Nieves. Een hobbelige toegangsweg leidt ons naar een schitterend, afgelegen en groen parkeerplekje, naast een waterval en diverse wandelroutes. Joepie! Wanneer het donker is, komt het vertrouwen dat we hier in ieder geval wel een nachtje kunnen verblijven. Maar helaas, helaas... Rond achten komt een parkranger langs en op vriendelijke wijze stuurt hij ons weg. Overdag mogen we er staan, maar overnachten in de bergen mag niet. Hij wijst ons een legale plaats aan de rand van het dorp. We hebben er helemaal begrip voor én tegelijkertijd voel ik me ook verdrietig. Ik mis het verblijf in de rust en de schoonheid, de weg is daarbij te slecht om vaker op en neer te rijden. Soms is de realiteit gewoon zó anders dan wat we willen.

Pinke is een straatvreter, altijd al geweest. Bijna wekelijks moet ze ‘s nachts kotsen, stenen, takjes, botjes of iets ondefinieerbaars. Een paar weken geleden heeft ze op een ochtend iets gegeten in het landbouwgebied. Gif? Een weekeind lang is ze er hondsberoerd van; kotsen en lamlendig.
Het is steeds een keuze tussen haar continue aangelijnd houden, of
deels risico nemen en haar los laten lopen. Na lang aarzelen koop ik een muilkorfje. Dan komt er een keuzemogelijkheid bij om haar de vrijheid te gunnen en tegelijk te beschermen, wat natuurlijk ook in mijn eigen belang is. Op een hondenwelzijnsite vind ik een leuke muilkorftraining: Het woord muilkorf is nogal beladen. Wie aan een muilkorf denkt, denkt haast automatisch al aan iets naars: blaffen, bijten, je hond de mond moeten snoeren. Veel mensen vinden het omdoen van een muilkorf bij hun hond dan ook al bij voorbaat vervelend. Dat gevoel slaat over op je viervoeter. Die peilt het gedrag van zijn eigenaar en denkt: ‘Nee, dit wordt vast niet leuk’. Maar maak van het woord ‘muilkorf’ nu eens ‘feestneus’. ‘Hup, zet je feestneus op’, zal je doen (glim)lachen. Dat breekt de spanning, iets waar honden erg gevoelig voor zijn. Het is de toon die de muziek maakt! Met dit feestneuzenspel leert de hond stapsgewijs aan de feestneus te wennen, zelf zijn neus erin te steken en langere tijd te dragen, waarbij het hem aandacht en lekkers oplevert.’ Dagelijks oefen ik, vrolijk beginnend met de oude carnavalskraker van Toon Hermans: ‘Pink waar is je feestneus? Pink waar is je neus? Waar is je feestneus gebleven?’, waarbij Pinke enthousiast en kwispelend naar me toe komt.

We trekken verder naar het stuwmeren gebied 'Embalse de Guadalhorce'. Langs een weg van vijf kilometer zien we wel 30 campers, waarvan de helft hippies die ook permanent in hun camperbus wonen. Het hoppen van plek naar plek is nog steeds niet voorbij. Soms zijn er weinig wandelmogelijkheden, is de kans op wegsturen groot, vinden we het te druk of niet beschut genoeg tegen een koude wind. Er is een terugkerende gedachte dat ik zin heb om op ons bosperceel aan de slag gaan. Het vraagt om overgave aan de realiteit.
Na zeven weken zijn onze twee gastanks met LPG leeg, dus gaspitten en koelkast doen het niet meer. We hebben een boodschappendag in Antequerra en gaan daarna ons geluk beproeven in het geologische natuurreservaat El Torcal. De rotsen uit de karstperiode zijn door erosie in bizarre vormen gemodelleerd. Het is een fenomenaal sprookjesachtig gebied. Wanneer we boven op 1200 meter aankomen, kunnen we in een rij van tien campers aansluiten. De paden worden druk met wandelaars, terwijl het maximaal zeven graden is en de mist al snel dichttrekt. We leggen ons erbij neer dat het niet mee zit.
We laten onze wensen los en hebben geen plan meer.
Een paar uur later vertrekken we spontaan richting de kust. In Malaga blijkt het 18 graden en zonnig! De warmte is zó aangenaam! We voelen het lijf ontspannen. Het lijkt al maanden geleden dat we zulk Spaans weer hadden. We vinden een parkeerplek buiten de stad, via park4night. Bij zo’n 10 tot 20 steeds wisselende campers uit Spanje, Duitsland, Frankrijk, Zwitserland, Hongarije, Groot Brittannië, Tsjechië, Zweden en nog een paar meer uit Nederland, staan we eerste rang met uitzicht op de Middellandse zee.

Ik voel aan Pinke dat ze zich ‘anders’ gedraagt. Een hele subtiele verandering die Klaas niet opmerkt, ietsje minder energie, minder ontspannen liggen... Eén nacht wil ze ‘s nachts ineens naar buiten om te plassen. Beetje raar. Wanneer ze een dag niet wil eten ga ik met haar naar de dierenarts. Röntgenfoto’s, bloed- en urine onderzoek wijzen uit dat ze afwijkende leverfunctie-waarden heeft  en ‘blaasgruis’; microscopisch kleine korreltjes in de blaas, vergelijkbaar met zand. Die irriteren, kunnen blaasontsteking geven en de nieren beschadigen. Waar het van komt is niet precies duidelijk. Ze krijgt dieetvoer. Deze voorkomt blaasgruis én ze gaat er veel van drinken, zodat ze de kristallen zal uit plassen. Na een dag wil ze alweer energiek op het bed met de bal spelen. Dat is mooi, maar ze is snel uitgekeken op het dieet, dus voer ik haar brokje voor brokje. Er moet nog één onderzoeksuitslag komen, dus dan heb ik sowieso weer overleg met de dierenarts.

Sinds ons vertrek bijna acht maanden geleden hebben we slechts 5100 km gereden, maar wel zo’n 100 verschillen slaapplekken gehad. Wat zijn we al lang onderweg!
Klaas vind het reizende bestaan nog steeds een fijne basis om tot schrijven te komen, maar ik lummel een beetje rond. Niets kan mijn aandacht langere tijd vasthouden. Vaak komt zin in de Hollandse lente op, lekker klussen op ons bosperceel. Alleen kunnen we voorlopig niet noordelijk reizen. Naast dat de Franse grensbarrières voortduren, zijn alle provincies in Andalusië dicht, zo ook alle regio's in heel Spanje. Het zou wel eens mei kunnen worden, maar ik blijf alert op een eerdere mogelijkheid.
Thuis hebben mensen zin om te gaan reizen, terwijl ik juist zin heb om terug te keren… En voor beide is het nu niet het moment. De kunst is om niet gevangen te worden (en te blijven) door weerstand tegen de realiteit en de stroom te volgen die zich aandient.

Herman van Veen- Liefde van later

Als liefde zoveel jaar kan duren...
Dan moet het echt wel liefde zijn...
Ondanks de vele kille uren...
De domme fouten en de pijn...

Heel deze kamer om ons heen
Waar ons bed steeds heeft gestaan
Draagt sporen van een fel verleden
Die wilde hartstocht lijkt nu heen
Die zoete razernij vergaan
De wapens waar we toen mee streden

Ik hou van jou...
Met heel mijn hart en ziel hou ik van jou, ,
Langs zon en maan tot aan het ochtendblauw.
Ik hou nog steeds van jou

Jij kent nu al mijn slimme streken
Ik ken al lang jou heksenspel
Ik hoef niet meer om jou te smeken
Jij kent mijn zwakke plaatsen wel

Soms liet ik jou te lang alleen,
Misschien is wat jij deed verkeerd
Maar ik had ook weleens vriendinnen...
We waren jong en niet van steen
En zo hebben we dan toch geleerd
Je kunt altijd opnieuw beginnen

Ik hou van jou.
Met heel mijn hart en ziel hou ik van jou
Langs zon en maan tot aan het ochtendblauw
Ik hou nog steeds van jou

We hebben zoveel jaar gestreden.
Tegen elkaar en met elkaar.
Maar rustig leven en tevreden
Is voor de liefde een gevaar...

Jij huilt allang niet meer zo snel
Ik laat me niet zo vlug meer gaan
We houden onze woorden binnen
Maar al beheersen we het spel
Een ding blijft toch altijd bestaan de zoete oorlog van het minnen…

Ik hou van jou
Met heel mijn hart en ziel hou ik van jou
Langs zon en maan tot aan het ochtendblauw
Ik hou nog steeds van jou

In natuurpark ‘Los Alcornocalis’ rijden we een half uur, om aan de andere kant van de berg, hemelsbreed 2 km, te kunnen verblijven in de kurkeikenstreek. Het is weekeind en druk, mondkapjes moeten echt op. Érgens bij het recreatiegebiedje moet een mobiel signaaltje op te pikken zijn en na drie uur lukt het me, om precies die specifieke positie te vinden. Verbaasd lees ik dat in Andalusië in vier dagen tijd de besmettingen verdrievoudigd zijn en de situatie dubbel zo ernstig is dan in NL. In Spanje is de 3de golf begonnen. Gerustgesteld lees ik op een Nederlandstalige Spanje-site dat het regiobestuur nog tien dagen afwacht. Voordat ik de computer afsluit bevredig ik nog wat nieuwsgierigheid, door even te neuzen in een Andalusische online krant (met behulp van translate). Door meer geluk dan wijsheid ontdek ik dat er nét is besloten, om diezelfde avond ingrijpende maatregelen in te laten gaan: De acht provincies in Andalusië gaan op slot en ook een deel van alle gemeenten. We moeten snel beslissen waar we opgesloten willen zitten. Na onze koffie in het bos, vangen we een drie uur durende bergrit aan vanuit de provincie Cadiz oostelijk naar de provincie Malaga.
Turend in bergdorpjes naar een bergbronnetje met drinkwater, rijden we op een provinciale weg plots langs een bergwaterkraan. Mazzel! Met 160 liter water kunnen we weer twee weken vooruit.
We laten ons een onbekend aantal weken opsluiten in de gemeente Ronda, die met 50 km doorsnee niet klein is en naast een bijzondere stadskern ook weids buitengebied heeft. Alle regiobesturen doen ondertussen een stevig beroep op de landsregering om mensen weer in hun huis op te kunnen sluiten, zoals in de eerste golf. Het begint ietsje spannender te worden qua reizen. We zien, we zien...

Ronda, met jaarlijks 2 miljoen toeristen, bekijken zónder toeristendrukte is een unicum. Het 3000 jaar oude stadje ligt op 750 meter hoogte en is gescheiden in twee delen. De rivier heeft een kloof uitgesleten van 500 meter lang en 100 meter diep. Het oudste deel met smalle straatjes wordt met de markt verbonden, door een indrukwekkende ‘nieuwe brug. De bouw hiervan begon in 1735. Vijf jaar later stortte de nog onvoltooide brug in, wat 50 arbeiders het leven kostte. In 1793 was de brug voltooid. Boven in de brug zijn ruimten die tijdens de Spaanse Burgeroorlog werden gebruikt als gevangenis en martelkamer, waarbij mensen gedood werden door ze uit het raam te gooien.
De oude stad was een Romeinse nederzetting. Aangezien Klaas in coronatijd nergens naar binnen gaat, kan hij niet in de oude kelders afdalen, maar er zijn wel andere, jongere gebouwen uit de 14de eeuw. En in de buitenlucht kan hij zowaar zijn hart voor oude gebouwen aangenaam kietelen.

Speurend op de kaart naar de uiterste gemeentegrenzen ontdekken we dat een, ons bekende, standplaats hier binnen valt. We rijden 20 km de stad uit en de verademing is groot wanneer we ook hier in een schitterend heuvellandschap parkeren, omringd door de bergketens van de Sierra de Grazalema en Serrania de Ronda. Fijn om die nog steeds zo prominent in zicht te hebben, nadat we er zo snel moesten vertrekken.
Het glooiende landbouwgebied is een lappendeken. Geparkeerd op een heuvel kijken we erop uit, gelijk vanuit een luchtballon. Als een patchwork zijn de subtiel kleurige lapjes grond aan elkaar geregen. Jong lentegroen gras en bruinvarianten van aardedonker, roodbruin, warmbruin, vaalbruin tot zandbeige. Sommige percelen ogen als een duur tapijt met een vleug, afhankelijk van de kijkrichting glimt er een groen-bruine of bruin-groene kleurwaas op. Scherpe hoogteverschillen en begroeiing rondom rotskeien die in de akker liggen, vormen mini(n)atuurgebiedjes met veel vogels, biotoopjes die het landschap onderbreken.
Goh, wat worden we weer verrast! En de stilte is… fe-no-me-naal! Na het lawaai in Ronda-stad, voel ik me hier buiten weer geraakt door de vrede stilte. Ontroerd besef ik dat ik het steeds prettiger heb in de innerlijke leegte.

In deze historisch koude winter, kampen we met het laatste brandhout dat zelfs een beetje nat is, dus de kachel stoken is bewerkelijk. Er is hier geen bos en we beraden ons hoe we aan droog brandhout kunnen komen. Met de wandeling langs de steengroeve zie ik bruine, modderige kluiten liggen. Wanneer ik ze nader bekijk zie ik dat het een grote hoeveelheid resthoutjes is. Hard hout en precies in ons formaatje! Mijn stem schiet omhoog van ongeloof en verrukking. Dit krijgen we zo in onze schoot geworpen! Hoe komt dat hier in dit kale akkergebied? Als kinderen in een snoepwinkel komen we steeds terug met onze stoffen tassen om onze (hout)honger te stillen. Iedere keer sjouwen we 10 kilo hout de heuvel weer op. Met beurse schouders stouwen we 50 Kilo aan houtjes her en der weg. Het is toch ongelooflijk dat dat allemaal weer past in ons 12m2 huisje op wielen!
Op een ander wandelpad heeft de stortvloed van storm Filomena een modderstroom gegeven. Klaas onderzoekt en ontdekt dat de opgedroogde prut tot bruikbare klei gerekend kan worden. Voordat de volgende nattigheid over ons gebied heen komt, gaan we met het vouw-steekwagentje ernaar toe en schept Klaas zo’n 40 kilo pure klei in zakken. Over het hobbelige, onverharde pad ploeteren we de ‘kleikar’ omhoog. Het kost wat energie, maar het voelt ambachtelijk en puur.

In lockdown op deze schitterende plek steekt na een paar lekkere, zonnige dagen Geatan, storm nummer twee, op. De wind loeit en de camper schudt hevig. We kunnen er niet van slapen en moeten verkassen. Zoals dat bij ons gaat, bedenk ik in dit soort gevallen de oplossingen en verrijd ik de camper achter de heuvel.
Na een achteloze aanwijzing van Klaas komen we vast te zitten in de modder. De linker voorkant van deze bijna 4000 kilo wegende camper, hangt 25 cm lager dan de achterkant. Ik voel acuut een faalgevoel/ schuldgevoel opkomen, maar druk dat meteen weg naar het onbewuste. Prompt komt er een enorme irritatie op en ga ik Klaas de schuld geven. Meteen herinner ik me: álles wat in mij geraakt wordt, zegt alléén iets over mijzelf; over mijn bril waardoor ik de wereld zie. Ik stop mijn beschuldigingen en werk met Klaas (zo goed en zo kwaad als het gaat) samen aan een oplossing. Terwijl de ondergrond om de camper heen steeds soppiger wordt, loopt al het regenwater van de camper af bij die linker voorpunt, die langzaam verder wegzakt. In de stromende regen zijn we uren bezig om de camper weer iets rechter te krijgen, tot hij nog maar zo’n 10 cm schuin staat. Ook de volgende dag werken we verder om de ondergrond onder de voorwielen beter te stutten. Omdat Hortence, storm nummer drie erop volgt, zitten we een week opgesloten in de drassige modder, maar gelukkig wel uit de wind. Een dubbele lockdown dus.
In overgave aan de situatie ontstaat er ruimte voor zelfreflectie. Welke diepe overtuiging speelt me parten, in zo’n ogenschijnlijk lullige situatie? Met een open geest herhaal ik steeds de vraag: ‘Hoe zit dat met beschuldigen?’ Oordeelvrij blijf ik bij deze onderzoeksvraag. Geen verhalen erbij bedenken, niet wegstoppen, niet ertegen vechten, maar er liefdevol erbij blijven zodat de verkramping kan smelten. Ik merk hoe een diepe pijn in mijn hart zit, veroorzaakt door een sterk schuldgevoel. Terwijl het rauw schrijnt, blijf ik stil erbij aanwezig: Observerend, niets invullend, compassievol. Ik zie hoe een groot schuldgevoel me is aangeleerd. Niet alleen op het individuele vlak, ook het schuldgevoel dat dominant is in onze westerse, christelijke cultuur. Ik zie dat ik ben gaan geloven dat ik schuldig ben… en doorzie: nét zoals het de volwassenen uit mijn jeugd is aangeleerd, zij het zijn gaan geloven en ernaar zijn gaan handelen. Het vraagt om erkenning van verdriet dat me is aangedaan ÉN tegelijkertijd inzien dat anderen ook niet beter wisten... De volgende stap is de vaste overtuiging ‘er moet iemand schuldig zijn’, los te laten en een zekere onschuld durven toekennen aan onwetendheid van mensen.
Vasthouden aan beschuldigingen is als op slot zitten. Het doet pijn in mijn hart. Dát is eigenlijk de derde en meest pijnlijke lockdown.
De grootste lockdown zit in onszelf, in de beperktheid van onze denkgeest. Het is verheugend te ervaren dat we ons daar áltijd uit kunnen bevrijden.

-Albert Einstein-
Als ik blijf kijken zoals ik altijd heb gekeken
Blijf ik denken zoals ik altijd dacht
Als ik blijf denken zoals ik altijd heb gedacht
Blijf ik geloven wat ik altijd heb geloofd
Als ik blijf geloven wat ik altijd heb geloofd
Blijf ik doen zoals ik altijd heb gedaan
Als ik blijf doen zoals ik altijd heb gedaan
Blijft mij overkomen zat mij altijd overkomt
Maar als ik mijn ogen sluit en goed kijk naar binnen
Dan kom ik deze cirkel uit en kan ik steeds opnieuw beginnen
Als je doet wat je altijd deed krijg je wat je altijd kreeg

Na drie weken is 90% van de gemeenten in Andalusië afgesloten. De besmettingscijfers beginnen te stabiliseren, maar gaan nog niet omlaag. De opsluiting zou wel een zes, acht weken of nog langer kunnen duren.
Frankrijk is tegelijk steeds meer barrières aan het opwerpen om het land door te reizen, dus voorlopig is terugkeren naar NL heel lastig. Het geeft ons een leuk spannende kriebel. Dan wonen we hier voorlopig...

Wanneer twee zonnige, warme dagen ons doen denken dat de nattigheid voorbij is, rijd ik de camper terug op de heuvel. Echter completeren Ignacio en Justine, de vijf stormen in drie weken tijd. In de zwiepende regen en loeiende wind blijven we nu maar staan op die heuvel.
We wandelen in onstuimige weersomstandigheden. Geregeld koukleumend, maar ook vaak genietend van de dynamiek. Wolkenluchten die met het uur veranderen, qua massa en kleur: wit, geel, oranje, blauw, paars, en grijs. We zien ze jachtig over het land drijven en zware, zwarte wolken over een bergtop verticaal naar beneden vallen. Er wordt royaal gestrooid met regenbogen. Wanneer een bundel zonnestralen de kans krijgt, breekt hij door het massieve wolkendek heen en trekt als een spotlight onze aandacht naar steeds weer aan ander kleurig detail in het doffe landschap. De vale gieren, met een spanwijdte van meer dan een meter, zweven imposant door de lucht om op muisjes te jagen, wanneer dichte mist zich heeft teruggetrokken tot de bergen.
De beweging buiten komt overeen met mijn beweging van binnen. Tijdloos rondkijkend, me liefdevol verbindend met het innerlijke proces, voel ik een verzachtend herstel gaande. Er begint een gevoel van bevrijding en vreugde te stromen, dat vergelijkbaar is met het moment dat we boven de wolken zitten en uitkijken op het schitterende landschap.

                                             HEAVEN ON EARTH

Voor vertrek in juli zagen we dat ons interieur wel een flinke schoonmaakbeurt kon gebruiken, maar we stelden andere prioriteiten… en daarna eigenlijk ook. Het stof is in het afgelopen half jaar verworden tot schimmel. Het nieuwe jaar beginnen we met ‘een schoonmaakgesprek’. Klaas verwoordt het treffend: ‘Ik gun het mezelf niet, om tijd aan overbodige dingen te besteden’. Heerlijk, zijn gevoel voor relevantie! Ik moet aan Klaas zijn zoon denken die als kind huiswerk had en verontwaardigd riep: ’Maar dat gaat allemaal af van mijn speeltijd!’ Zó voelt het voor ons ook. Maar goed, we zijn geen kind meer, dus enige mate van discipline maakt dat we beginnen met soppen. En wat hebben we een eer van ons werk!

Ook in Spanje is het coronavirus als kerstcadeautje uitgewisseld, dus de besmettingen lopen weer op en de maatregelen gaan aangescherpt worden. Op zich zijn de besmettingen nu in Andalusië nog 3x zo laag als in NL, maar hier in Spanje ziet men het begin van een derde golf, waar niemand op zit te wachten. Er is kans dat de gemeentegrenzen weer dicht gaan en waar willen we dan opgesloten zitten? Na bijna vier weken zijn we ook wel weer toe aan boodschappen, dus plannen we ons vertrek. Het doet ons wel wat! Jemig, wat is dit een geweldige plek! Het voelt als een weemoedig afscheid. Klaas maakt nog een ‘afscheidswerkstuk’ voor op het strand www.clayaway.eu en met de laatste wandelingen nemen we de magnifieke kust nog eens in ons op.

Er is een regenperiode begonnen en in voorstadjes ten westen van Sevilla doen we een dag tijdsinvesteringen, maar daarna geeft dit ons veel vrijheid en dus plezier. Klaas heeft zijn halfjaarlijkse bloedcontrole voor de prostaatkanker en de uitslag is weer goed. We tanken gas en gaan naar drie supermarkten. Ál die schappen met voorraden wordt steeds bijzonderder, ongelooflijk die hoeveelheden. Ik word draaierig van de indrukken. De ontspanning in de natuur opent de zintuigen en dan komt dit heftig binnen. Ik moet tussendoor stilstaan en mijn ogen sluiten om niet tegen de vlakte te gaan.
Wanneer mijn taken erop zitten, eindigen we bij de wasmachines die in deze zuidelijke landen buiten bij sommige supermarkten staan. Klaas vult een trommel van 18 kilo met ruim twee maanden aan was. We wachten tevreden, dat we alles van ons lijstje hebben kunnen afwerken. En dáár is een domper die deze voortvarende dag dwarsboomt: na een uur in de droger, blijkt deze helemaal niet warm te zijn geworden en… de was ruikt niet fris. Vermoedelijk is de wasmachine ook niet warm geworden en heeft het zonder de standaard wasmiddel gedraaid. Dus voor 16 euro hebben we… 18 kilo koud gespoelde, natte, onfris ruikende was. Zucht!
In het donker rijden we een dorpje in de Sierra de Grazalema binnen, 100 km oostelijker dan vanmorgen. Vanwege de regen hangen we de was binnen te drogen, terwijl we flink de houtkachel opstoken. We leven een dag in een muf washok. De kleding hangt aan de waslijnen boven het dashboard, we spannen lijnen in het middenpad voor het beddengoed, knutselen een plekje voor het wasrek voor alle keukendoeken en al het bestek zetten we klem onder bakjes om ondergoed aan op te hangen. Met de was links en recht naast ons, zitten we te computeren, alsof er niks aan de hand is. Pinke ligt heel bescheiden onder de vaatdoekjes. Het voelt uiteindelijk wel tof, dat we ons er makkelijk bij neerleggen en de aandacht richten op de oplossing i.p.v. het probleem. Als alles droog is gaat het gewoon weer de kast in, dat geurtje nemen we op de koop toe.

In dit gebied zijn 0 besmettingen, wat een prettig idee is; toch gelden de maatregelen in heel Andalusië. De avondklok en horecasluitingen worden iets aangescherpt, maar in bijna heel Andalusië mogen we voorlopig vrij reizen. De enige gemeentebegrenzingen zijn die ten noorden van Gibraltar, want daar is extreem genoeg de besmettingsgraad 40x hoger dan in Andalusië.

In zuid Europa heeft de koude lucht vanuit het noorden dit jaar een flinke invloed. De kou dringt door tot het zuidelijkste puntje van Spanje. De vochtige lucht vanuit de Atlantische oceaan botst tegen de koude lucht wat resulteert in storm Filomena. In hoger gelegen gebieden valt sneeuw, wat betekent in grote delen van Spanje, dat feitelijk één grote hoogvlakte is. In de Picos de Europa wordt een recordtemperatuur van -36 graden gehaald. In Madrid ligt 50 cm sneeuw en is het verkeer stil gevallen. We lezen over verplegend personeel dat 22 kilometer door de sneeuw loopt, om collega’s af te lossen die diensten van 24 uur achter de rug hebben. Wij ontvangen zorgzame vragen of we er last van hebben, maar Spanje is onvoorstelbaar groot dat het vergelijkbaar is met Groningers vragen of ze last hebben van de sneeuw in zuid Limburg.
In het zuiden van Spanje geeft de storm veel regen en temperaturen onder de 10 graden. We verblijven een paar dagen in bergdorpjes op harde ondergrond en moeten flink het kacheltje stoken. Eigenlijk hebben wij hier een ouderwetse Hollandse winter en dat zijn we niet meer gewend. Gelukkig duurt het geen 6 maanden, maar 6 dagen.
We wandelen aan de dorpsrand door de boomgaardjes, met hokken van afvalmateriaal voor kippen en hanen. En veel honden aan korte lijnen of opgesloten in kleine hokken... Zo gaan velen hier met dieren om. Het is triest om te zien, ze zien hen als een ding en niet als een levend wezen. Ineens is er een middagje zon in een blauwe hemel. De camper warmt lekker op, zodat de raampjes open kunnen. De buurvrouw hangt zingend de was buiten. Ook komen twee Spaanse stellen uit hun camper, stoeltjes buiten en op schreeuwvolume beginnen ze een 'gezellige conversatie’... Na een half uur komt bij mij de vurige wens naar een regenbui op, zodat ze weer aftaaien.

Wanneer de regen voorbij is gaan we naar het buitengebied, maar eerst de 120 liter watertank vullen met bergwater. De bron is op de doorgaande rotonde midden in het krappe dorp. We parkeren ons dan toch wat logge gevaarte, half op de stoep. Achteropkomend verkeer moet wachten tot de tegenliggers voorbij zijn. Mondkapjes op en met twee 8-liter flessen vul ik de ene bij de watertap, terwijl Klaas de andere leeg giet in de tank. Spaanse oude mannetjes staan er te praten. Het leuke is: geen irritatie dat we het verkeer ophouden of angstige blikken dat toeristen dit gebied onveilig maken in coronatijd. Met lachende ogen boven hun mondkapje vertellen ze dat het heerlijk drinkwater is en heel goed voor om te tank mee te vullen. Het lijkt alsof ze trots zijn op hun bergwater en blij dat we in hun bergdorp zijn. Dat is dan weer mooi van die ongecompliceerde Spanjaarden.

Het weer gaat over naar zonnig en koud, sommige dagen met ijzige wind. In de vallei hebben we een paar graden nachtvorst. Wij slapen behaaglijk onder een dubbel dekbed en hebben een kruik voor onze steenkoude voeten. Pinke in haar mandje geeft een zucht van genot wanneer ik mijn fleecetrui over haar drapeer.
Binnen worden we wakker met 5 graden op aanrechthoogte, terwijl de campervloer 0 graden aangeeft. Het ijs is zowel buiten als binnen op de ramen gevroren. Het vraagt moed om als eerste het bed uit te gaan, om de houtkachel aan te maken. Pinke gaat dan zij snel op mijn warme plekje liggen. Met het koppie boven de dekens kijkt ze wachtend toe tot ze eten krijgt. Klaas staat op als de camper iets warmer is en ik buiten wandel in mijn dikke schapenwollen vest en Pink in haar rode slobbertruitje. Het landschap met koeien, schapen en hun jongen erin, is ijzig wit. De hoogste bergkammen zijn bedekt met sneeuw. Als de zon boven de berg uit piept, doet zijn stralen de aangevroren rijp op de planten smelten en stijgen er dampwolken op. De camper staat prachtig in dat grijs-witte landschap, rook krinkelt uit ons schoorsteentje en ook de camper dampt van smeltend ochtendrijp. Alles wordt weer groen.

De brandhoutjes gaan er rap doorheen en we moeten sprokkelen. Park Natural Los Alcornocalis is het meest zuidelijk gelegen beschermde natuurgebied van Spanje van 165.000 hectare groot. In het noorden van dit geweldige gebied rijden we een uur over een afstand van 30 km aan kronkelde weggetjes, naar La Sauceda. Hier lopen een kwartier door een heerlijk gemengd bos en komen uit bij het oude toevluchtsoord voor vluchtelingen in de tijd van de burgeroorlog (1936-1939), dat het begin was van de overheersing door dictator Franco (1939-1975). In die burgeroorlog is het gebombardeerd geweest. Een deel van de lieflijke cabañas is herbouwd en worden verhuurd ter recreatie in de schoonheid van eenvoud: geen stroom, verwarming, stromend water, telefoonbereik of internet... Een bijzonder en sfeervol oerdopje. De grote, brede bomen met kronkelende takken waarop mos, varens en andere plantjes leven, maken dat we er heerlijk kunnen wandelen. Overàl horen we het geruis van watervallen die omlaag kletteren over opgestapelde, bemoste keien. De bruggetjes eroverheen doen sprookjesachtig aan. De wandelpaden zelf worden gekruist door waterstroompjes en een deel van het pad ís een glibberige waterstroom, waardoor er flinke kluiten modder aan onze natte schoenen kleven.
We treffen de jonge beheerder met tatoo’s en lekker alternatief en dik gekleed. Hij spreekt geen Engels en ik maar enkele woordjes Spaans. Zijn zwarte hondje heet ‘Negro’ die meteen Pinke opzoekt. Ik grap ‘Negro y Blanco’ (zwart en wit) en er is meteen vriendelijk contact. De jongeman haalt een jong konijntje die in een muts zit, uit zijn zak. Had hij gevonden in het bos. Hij heet ons ‘welcome’ in dit gebied en waarschuwt ons voor de gladde bruggen.

We sprokkelen kletsnatte houtjes. Er wordt hier duidelijk vaker gesprokkeld, maar de half vergane restjes is beter dan niets. Het kan goed drogen, want de zon schijnt volop en we hebben veel profijt van onze groene en dus warmte-absorberende camper: buiten is het 10 graden, binnen 26. Het ervaren van de kou afgewisseld met de warmte op onze huid, maakt ons dankbaar voor basisbehoeften die in een huis zo vanzelfsprekend zijn. Het bewust ervaren van de basiselementen geeft het verkwikkende gevoel van léven i.p.v. geleefd worden. Het doet ons filosoferen hoe we in de westerse maatschappij natuurlijke elementen als hinderlijk ervaren, in de jacht naar méér controle, comfort, efficiëntie en geluk.

Tijdens een pittige middagwandeling naar een bergtop ontdekken we dat we daar een mobiel signaaltje kunnen oppikken. Even de mail, weerbericht, nieuwskoppen en coronamaatregelen checken.
Twee uur later aan het einde van deze rondwandeling is de zon weg. Bij een afgelegen hek staat Negro te blaffen. Wanneer hij ons ziet komt hij onderdanig naar ons toe. Dit dominante mannetje dringt zich op aan Pinke, maar laat zich meteen corrigeren. Hij gaat met ons door het hek en loopt mank met ons mee. Hij laat het gewillig toe, wanneer ik zijn pootjes controleer op stekels. Ik zou hem bij de ingang van de rondwandeling weer het hek kunnen binnen laten, dichterbij de cabanã van de beheerder. Terugkerende wandelaars geven hem op de parkeerplaats chocola (gevaarlijk voor honden!) en oud brood dat hij opschrokt. Met talent voor een sneu snuitje zit hij met een hangend pootje op de weg te wachten in de kou. Tja… en dan ga ik om! Klaas wil het persé niet, maar ziet dat mijn dierenliefde dit niet kan aanzien. Hij ziet zijn in gedachten zijn nachtrust in rook opgaan met zo’n logé in huis, net zoals toen geitje Wiep een paar jaar geleden bij ons in de camper sliep. Toch legt hij zich erbij neer, want hij ziet dat dit is wie ik ben. Na binnen rondsnuffelen en een bak hondenvoer ligt Negro rustig op de grond, op Pinke’s buitenkleed. Voor de nacht een plas buiten, nog wat voer, drinken, een dikke knuffel en dan brengt hij de nacht door op de stoel. Het valt Klaas alles mee. Pinke heeft er iets meer moeite mee: ze trekt zich helemaal terug sinds er een ander hondje aandacht vraagt. Later doorzie ik pas waarom: Pinke kwam als te klein, mager puppy bij ons. Zij kon haar ruimte niet claimen in een nest vol dominante reutjes. Nu gebeurt er dus hetzelfde. Ze reageert nauwelijks wanneer ik haar aanhaal.
De volgende ochtend loop ik met de twee hondjes het bos weer in. Pinke blijft achter, terwijl ik met Negro een eindje oploop. Hij lijkt zijn weg te herkennen en gaat vooruit. Op de terugweg ziet Pinke dat ik alleen ben en begint van blijdschap op en neer te rennen. Tijdens ons ontbijt kruipt ze zowat bij me op schoot. Ze geniet dat ze weer haar eigen plek in onze roedel kan innemen. Wat is het toch een aandoenlijk, gevoelig beestje.
Negro scharrelt even later weer rond de camper. Ondanks het zonnetje is het 5 graden. Hij wil weer naar binnen, maar leg ik hem uit dat hij terug naar zijn eigen baas moet en negeer hem verder. Een uurtje later komt de beheerder aan en roept verheugd: Negró! Ze zijn blij om elkaar te zien en met de enkele woorden die we uit kunnen wisselen, begrijpt de man dat hij bij ons gelogeerd heeft. Hij is dankbaar, want zijn vriendin huilde van zorg om hun hondje en biedt ons een cabaña aan, vanwege de kou. Dat laatste is niet nodig, maar ik geniet gigantisch van deze uitwisseling! Door het gebrek aan taal delen we de essentie en blijft al het slap geouwehoer achterwege. De taal van het hart is wereldwijd bruikbaar.

Het verblijf tussen de citrusplantages, tien km uit de Portugese zuidkust, is rustig, maar het cultuurlandschap geeft ons géén energie. Het is wel imponerend dat welke kant we ook op wandelen, we alleen maar groene boompjes met oranje of gele ballen zien. Wel miljoenen sinaasappels, mandarijnen en citroenen. Langs de onverharde wegen liggen er vele te vergaan en enkelen zijn nog vers. Die rapen we op en ze zijn verrukkelijk zoet en sappig.

Naast ons staat een Duitser met een grote, dure camper, waarmee een groot aandeel van het parkeerterrein toegeëigend is. Te zien aan het gras om zijn camper lijkt hij er al maanden te staan. Schotelantenne uit, zonnepaneel uitgestald, de TV de hele dag aan, de aggregaat aan voor extra stroom. Alle luxe, gratis parkeren, niet hoeven werken, zonnetje… Het lijkt het ideale plaatje, maar de man oogt somber. Klaas observeert hem kalm en zegt: ‘Het ziet er triest uit’. Zijn gebrek aan sociale vaardigheden maken zijn eenzame uitstraling compleet. Zo ziet ‘comfortabel ongelukkig’ eruit. Die man maakt me zó bewust dat materie niet bijdraagt aan werkelijk geluk en die beschouwing stemt me dankbaar.
Wij leven samen op 12m2 oppervlak, met weinig spullen en twee maal daags een uur 'luchten'… zo doen ze het ook in de gevangenis. Dáár zou ik veel moeite mee hebben en gek genoeg voelen we ons nu heel tevreden. Eigenlijk een wonder. Bewust (durven) voelen, het hart volgen en vrijheid, geven het rijke, gelukkige gevoel. Tegelijk besef ik dat ook dit niet permanent is. Het is als zonnestralen: niet vast te pakken en er schuift zomaar een wolk voor, die ook weer zal oplossen. Het leven zal altijd in beweging zijn, Panta Rhei.

We wachten hier een aantal dagen op duidelijkheid over versoepeling van corona-maatregelen in Andalusië. Dat bepaalt hoe onze reis verder gaat lopen. De besmettingscijfers zijn in Portugal 3x hoger dan in Spanje. De landsgrens konden we al over, maar op 12 december gaan ook alle gemeentegrenzen binnen Andalusië open, dus we gaan meteen naar Mazagon, nabij Huelva.
De laatste Portugese nacht nabij de Spaanse grens worden we wakker van een coronaparty naast de camper: jongeren, muziek en knallende motoren. We ontvluchten deze ‘farewell- party’ en verkassen midden in de nacht.

Wanneer we de grensbrug over rijden voelen we beiden grote opluchting. Vier maanden ‘verplicht verblijf’ in Portugal heeft blijkbaar gevoeld alsof Spanje onbereikbaar was. Dat we ons begrenst voelden komt een beetje door corona, maar meer nog door de strengere camperaanpak in Portugal. In de afgelopen jaren zijn aan de kust teveel campers en busjes gekomen, die wild kamperen en de omgeving vervuilen. En net als bij coronamaatregelen geldt: Hoe meer mensen zich onbeschaafd gedragen, hoe strenger het geheel wordt.

En dan… Mazagon! Paradijselijk! We staan afgelegen op een onverharde parkeerplaats aan het pijnbomenbos op het duin. Het is aangenaam groen om ons heen, met de de gele zonnestralen tussen de takken door. De brem begint er te bloeien en ook de paarse leeuwenbekjes. Er loopt een 500 meter lang pad door de begroeide kloof naar de oceaan. De hoge klifkust is gelaagd goudkleurig en loopt over in een perfect beloopbaar strand. De golven variëren van deining tot een lekker bruisende branding en mooie wolkenluchten; soms zwaar bewolkt met aan het eind van de dag een bloedrode zonsondergang die eronderuit piept, tot blauwe luchten met wat witte vegen erin.
De omgeving is zó geweldig vriendelijk dat Klaas na een dag zegt: 'Het is zo'n frisse, pure plek! Ik heb nu al het idee dat het beter met me gaat.' Ik voel zelf moeheid, doordat de adrenaline wegebt. De natuur voedt me en ik ontvang.

Elke dag komt de guardia civil hier langs op dit parkeerterrein of we niet kamperen. Óveral staan verbodsborden. 's Nachts rijden ze langzaam om ons heen, de eerste nachten met de koplampen op de camper gericht ter strenge controle. De Spaanse wet maakt een verschil tussen kamperen en parkeren. Parkeren is: binnen een parkeervak staan, alleen met de banden de grond raken, geen vuilwatertank open, niet meer ruimte innemen dan een gesloten camper, dus geen uitsteeksels zoals een open zijraam, deur of stabilisatiepoten. Geen spullen, tafels, stoelen of luifel naar buiten en geen herrie van generator, draaiende motor, muziek of tv. Dat ziet men als kamperen en dat moet op de camping. Voldoe je aan de regels, dan mag je in je camper slapen, koken, eten en zitten, behalve nabij het strand of in een natuurgebied. Boetes lopen op tot 350 euro, of tot 5.000 in een natuurgebied.
De regels klinken streng, maar wij zijn er blij mee, gezien het verstorende gedrag van mensen en hoe onmogelijk daardoor vrij camperen in Portugal is gemaakt. Door strikte handhaving worden dit soort plekjes geen drukke campings en wij ook niet weggestuurd. Wat een bof dat het tijdverdrijf in onze innerlijke wereld zo aansluit bij het voorkómen van overlast voor de omgeving.
Na twee weken zijn we geaard en we voelen ons dankbaar. We zien steeds meer details... dus ook het zwerfafval. Om de dag rapen we ieder een zak afval en na een dikke week zijn onze wandelroutes flink opgeschoond. Het voelt goed en we merken dat anderen ervan opkijken en het waarderen.

We zijn nu 5,5 maand onderweg, dat was tot nu toe onze maximale reistijd. Bij aanvang hadden we geen idee hoelang de corona-winterreis kon duren, maar nu lijkt half april haalbaar. De besmettingscijfers zijn hier zeven maal lager dan in NL en het weer vele malen beter. Het is in deze tijd helemaal een luxe dat we weinig honger hebben naar shoppen en uitgaan.
In Portugal had ik de boodschappen aangevuld, zodat we vier weken vooruit kunnen, tot de tweede week van januari. We eten gezond, maar ook lekker en dat merken we. In Drenthe zijn we fysiek actiever en reizend verslappen de spieren. Elke reis komen we wel wat aan, maar dat klussen we op ons bosperceel er weer af. Nu we 3-4 maanden langer weg zijn, pakken we dit onderweg aan. Ik heb aanleg voor overgewicht en decennia lang negativiteit erop ontvangen, dus is het voor mij een beladen onderwerp. Ruim tien jaar geleden woog ik 130 kilo en sinds dat achter me ligt is mijn streven is om onder de 80 kg te blijven.
Gewicht en uiterlijk zijn voor Klaas geen issue, wat voor mij helend is. Zijn ontspannen houding tot eten maakt dat ik verder leer over oordeelvrij wat aan de extra kilo's te doen. Niet strijden tégen kilo’s uit afwijzing voor mijzelf, maar met liefdevolle kracht me inzetten voor gezondheid. De laatste weken van december zijn we intensiever gaan wandelen (uurtje langer en meer tempo) en we eten wat minder van alles, om de zichtbare kilootjes bij ons beiden weer te verbranden, met als doel om zo lang mogelijk deze héérlijke manier van leven te kunnen voortzetten.

Vale do Guadiana is als een landschapsfoto. Heuvelachtige groene weilanden met verspreid wat steeneiken, die eikels en schaduw geven aan de schapen. Over het hele gebied hangt een zoetige geur, afgegeven door de bladeren van het woekerende zonneroosje. Op wat mekkerende schaapjes na staat de wereld stil. Ik geniet van het kleine, dat zichtbaar is wanneer ik me ervoor open. Het ochtendloopje in de mistige ochtendzon, een lentegroen grastapijt met een goudgele waas van duizenden bloemetjes (stinkende gouwe), de ijzerrijke, rode aarde die overgaat in het avondrood van de ondergaande zon en de ontelbare sterren van de Melkweg in de pikdonkere nacht.
Ik vind het fijn dat de wereld om me heen onbewogen is en ik alle aandacht heb voor schrijven. Het is bijzonder hoe het bewerken van een reisverhaal leidt tot nieuwe inzichten over onze jarenlange ontwikkelingen naar eenvoudiger leven. Het geeft een verhelderend zicht op oude valkuilen.
Dagelijks komt de worsteling met de onoverzichtelijke schrijfpuzzel langs; de ‘shit, hoe moet ik nu verder?’ momenten. Het vraagt om mezelf wijselijk te richten op het gevoel dat ik wil overbrengen, om dan in de linguïstische grabbelton te graaien en de passende woorden te pakken. Verder de stroom van inspiratie het werk laten doen. Aan het eind van de dag overheerst de voldoening, die maakt dat ik de volgende dag zin heb om verder te gaan.

Klaas heeft behoefte aan afwisseling. Hij heeft zin in wat inspiratie van buiten, een museum of zo. Hier ervaart hij toch even een begrenzing, die het indammen van de pandemie met zich meebrengt. Het vraagt om alternatieven bedenken, beginnend met kunstenaarsfilms kijken zoals Modigliani, Renoir en Frida.
Op voorlopig de laatste zonnige dag neemt Klaas me mee op de wandeling door het dal van de Guadianarivier. Bij de waterval ‘Pulo do Lobo’ brullen kettingzagen, omdat aan de overkant een 100 meter hoge trap en een lange steiger worden gebouwd, zodat toeristen makkelijker natuur kunnen consumeren. We lopen door het groen, stroomopwaarts langs de rivier. Als ik mijn weerstand tegen het lawaai loslaat, merk ik dat er een mentale stilte ontstaat. Mijn gedachten gaven meer ruis dan de machines. Wanneer we na twintig minuten de bocht om zijn, sterven de machinegeluiden weg. Het brede wandelpad gaat over in een smal paadje met stenige rotspunten. Dit deel van de bergwand heeft overdag geen zon, dus het is wat glibberig van de permanente dauw.
Zoals altijd is er koffie mee en we pauzeren op een rots in de rivier. We praten over gelezen nieuwsartikelen. Het gesprek belandt wederom bij de verandering van tijdperk waar we wereldwijd in zitten, met de vraag of de mens het ego zal kunnen overstijgen of niet. We krijgen er beiden schrijfzin van, maar ‘terug hollen naar de camper’, zoals ik enthousiast opper, is onmogelijk. We moeten behoedzaam onze voeten neerzetten en het pad zoeken, wanneer rotsverschuivingen de doorgang geblokkeerd hebben. Voordat het pad weer 100 meter omhoog gaat, vraag ik Klaas hoe hij de wandeling ervaart. ‘Heerlijk!’ De dynamiek van het stromende water doet hem altijd goed. Aan de rivier zien we de resten van een oude watermolen. Op deze plek ziet hij in zijn verbeelding de watermolen in werking en boeren die met ezeltjes graan ernaar toe brengen. Het verwondert me hoe de geschiedenis zo levend aanwezig is in zijn geest, dat hij het ervaart als een uitstapje naar een andere tijd. Na drie uur vleien we ons neer op de zetels in de camper. Terwijl ik de laptop weer open, gaat Klaas bevlogen kleien. Het nabije 4000 jaar oude hunebed heeft hem geïnspireerd. Zie www.clayaway.eu

De natuur-herkenningsapp classificeert een foto van Pinke als ‘100% zeker een schaap’. Het is een tijd geleden dat ik zo gelachen heb. Het grappige is dat de schapen zo ook naar Pinke kijken, want gebiologeerd staren ze naar ‘dat lammetje buiten het hek, zonder moederschaap’. Tijd voor een knipbeurt dus. Dezelfde schaar heeft in tien minuten tijd ook mijn haar 15 cm korter gemaakt. Mijn aversie tegen een gelikt uiterlijk maakt dat ik al 25 jaar zelf de schaar erin zet. Het kost weinig tijd, is gratis en het haar zit lekker naturel. Bijna negen jaar geleden heb ik één knipbeurt van Klaas zijn thuiskapster gehad, vanwege onze trouwdag. Ik kon moeilijk wennen dat ze er een heuse coup in had geknipt. Quasi verbolgen grapte de kapster: ’Verwijt je mij dat ik zomaar een coup heb geknipt?’, wat ik erg leuke humor vind. Sinds we nomadisch leven mag ik ook Klaas zijn haren knippen. Wij moderne vagebonden zien er dus alle drie weer fris uit. Lang leven de onafhankelijkheid!

Klaas blijft zich unheimisch voelen. Hij weet niet precies wat hij voelt of waar hij behoefte aan heeft, dus neust hij in de emotie encyclopedie van Vera Helleman, een vast element in onze boordboekenkast. Emoties en gevoelens zijn vernauwingen of verruimingen in de gevoelslaag, die informatie geven of wat je doet harmoniseert met wie je werkelijk bent. Het omvat 350 beschreven emoties uit acht hoofdcategorieën: liefde, vreugde, verbazing, verdriet, angst, boosheid, schaamte & schuld. Het geeft feedback en tastbare handreikingen om te herstellen of stappen te zetten.
‘Wiebelig’ en ‘rusteloos’ verwoorden Klaas’ gevoelens het beste.
* ‘Wiebelig’ is een emotionele schommeling, die gerelateerd kan zijn aan moeheid, waardoor je makkelijk uit je centrum gehaald wordt. Het vraagt om rust en oplading, door bijvoorbeeld slapen, de natuur (en kunst voor Klaas).
* ‘Rusteloosheid’ ontstaat wanneer een natuurlijke beweging in ons wordt tegengehouden door een conflicterende overtuiging, bv. een plicht. Onze natuurlijke stroom is soms rust, soms actie. Rusteloos vraagt om je natuurlijke stroom tot beweging te volgen en niet te onderdrukken. Je natuurlijke stroom is niet te plannen of te voorspellen, je emoties geven het aan.

Klaas werkt al maanden consciëntieus aan zijn boek. Met name nu hij proeflezers gevraagd heeft voor de eerste 10 hoofdstukken (van de 100), zet hij zichzelf onder druk. Veel lezen, (her)schrijven en bijschaven. Buiten de werkuren gaat het denkproces door, gelijktijding met het afstemmen op zijn intuïtie. Het is een doorlopend proces waarin zijn zicht op de werkelijkheid evolueert. Hij gunt zichzelf weinig ontspanning: ‘is zonde van mijn tijd’. Hij merkt dat hij ouder wordt en steeds gevoeliger voor de onbalans tussen aandacht en ontspanning. Zijn arbeidsethos is hij nog niet kwijt! Nuttig bezig zijn is een sterke overtuiging en gecombineerd met zijn geestdrift, is deze ogenschijnlijk rustige man in wezen een actieve filosoof.
De herkenning in de emotie encyclopedie maakt dat hij zich meer overgeeft aan zijn moeheid en de noodzaak tot ontspanning. Hij neemt vrij en leest wat. 's Middags gaat hij op bed liggen luisteren naar CD's met inspirerende voordrachten over de ontwikkeling van de mensheid, verklaard vanuit de mythologie, en denkt hij nog best veel na.

Het raakt me wanneer mijn lieverd niet lekker in zijn vel zit. Zijn flow is weg en ik vind het lastig om geduldig aan te zien dat hij een moeizame tijd heeft. Het raakt aan mijn oude mechanisme van ‘de reddersrol’, altijd maar mensen willen helpen… Zelfs tegen beter weten in.
Wanneer ik het zelf moeilijk heb, is Klaas een meester in aanwezigheid. Hij kan me laten als ik dat wens en is er voor me zijn als dat mijn behoefte is. Geen oordeel, niets vragen, geen advies, geen goedbedoelde zorg, alleen luisteren en aanwezig zijn. ‘Als er iemand IS, dan is er alle ruimte om te voelen, dan mag alles er zijn, zonder oordeel’, schreef een vriendin.
En nu is het aan mij om zijn voorbeeld te volgen, zelf in de praktijk te (leren) brengen. Te beginnen met het initiatief bij hem te laten. Tegelijk mijzelf gunnen om wel schrijfplezier te beleven en te genieten van het verstilde landschap, terwijl hij weinig plezier heeft en vooral moe is. Ondertussen is opmerkzaamheid voor kleine signalen wat hij wel prettig vindt behulpzaam: een schoudermassage, spontaan een kasteel met opgraving bezoeken en een muziekavondje met Paolo Conto en een wijntje, waarbij hij zegt: ’Goh, het lijkt wel of ik een vrije avond heb!’

Tijdens de tweede vierdaagse lockdown staan we in de Algarve direct aan de Rio Guadiana, een open rivier die 25 km verderop de oceaan instroomt. De eb-vloed dynamiek heeft op Klaas een ontspannende uitwerking. We zien de grote onweersbui aan komen drijven, die uren lang dondert en bliksemt met flinke neerslag tot hagel aan toe. Het is ongekend voor dit deel van Portugal en elders zijn overstromingen ontstaan. De dag daarna verschijnt de zon weer. Langs het wandelpad aan de rivier staan madeliefjes. Vanuit de eiken op de helling klinkt de lach van de groene specht… het is 1 december en de lente begint hier alweer te kriebelen.
Klaas zijn moeheid vermindert. Hij heeft behoefte aan voeding. Kunst en musea zijn voor hem een prestatieloze vorm van ontspanning, dat hem ‘oplift’, zoals hij zelf zegt. Alleen is een museumbezoek juist voor hem risicovol, als man, 70+, met onderliggende aandoeningen… We besluiten toch om naar Tavira te gaan, een stad aan de Portugese zuidkust met weinig besmettingsaantallen, zodat hij even aan het ‘museum-infuus’ kan. Vooral het islamitische museumpje met keramische werken doen Klaas goed. De stad is niet druk. In beide musea is hij zelfs de enige, dus alles verloopt veilig. Bij de Romaanse brug, drinken we onze koffie in de zonnige stadstuin aan de Rio Giãlo.
Ik voel mijn energie wegstromen in het volgebouwde gebied. Ik raak afgeleid van mijn gevoel in de jungle van de geconstrueerde wereld. Terwijl we vanwege weer een feestdag opnieuw een vierdaagse lockdown inglijden, parkeren we buiten de stad in natuurpark Ria Formosa. Dit wetland is een 60 km lange gordel van (schier-)eilanden en een belangrijk vogelparadijs. Het heeft wat weg van het oostelijk Waddengebied en de koude, winderige dag, maakt dat Klaas geregeld vergeet dat we 3000 km zuidelijker zijn. We wandelen langs de waterlijn van de lagune, zien de waterstromen heen en weer gaan, wolkenpartijen over drijven en krijgen oog voor vogelsoorten.
Vanuit de stad komen mensen met de auto de rust opzoeken, maar ergens hebben ze er ook moeite mee. In de auto blijft de radio luid aan, maar ook wandelaars hebben de radio-app op hun mobiel luid aanstaan. Zoveel stilte maakt mensen onrustig. In mijn eerste reisverslagen lees ik ook terug dat het langere tijd nodig heeft, om vanuit de drukke maatschappij de stilte weer aan te kunnen.

De gelijkmatige maanden in landbouwgebied worden hier echt doorbroken. Klaas, als geboren Harlinger, snuift de zo vertrouwde, zilte zeelucht op en de creatiemodus vangt weer aan.
Maar helaas, helaas. 48 Uur later worden we al weggestuurd. Mazzel dat we dit hebben gehad, want parkeren aan zee wordt meer en meer onmogelijk gemaakt. De politie achtervolgt ons zolang we aan de kust rijden…  We begrijpen goed dat de overheid de vele campers weert en toch zijn we ook een beetje verdrietig, wanneer we 10 km landinwaarts een afgelegen plekje innemen tussen de citrusplantages. Tijd voor een ‘bakkie troost’.

Steltkluut - Distelvinken en (vliegend) Europese Kanarie - Ooievaar

 

Na vanaf half juli maanden door onbekend gebied gereisd te hebben, komen we half oktober weer in de bekende omgeving van oost Portugal. Als eerste strijken we neer bij het afgelegen 13de eeuwse kapelletje van Monsanto. Een miniatuur natuurgebiedje met vooral kurkeiken tussen de kolossale afgeronde keien. De kurk van de stammen is onlangs gestript, waardoor de sigaarbruine stammen en de weelderige takken met grijsgroen franjeachtig mos erop, ogen als dansende sprookjesfiguren zonder broek aan. Door de najaarsregen is de dorre grondbegroeiing weer sappig groen geworden.
Met zon en 20 graden voelt het lenteachtig.
We hebben ook natuur binnenshuis met onze terugkerende grote huiskever (of -kakkerlak?), van zo’n twee cm. We zetten het beestje elke keer buiten, maar wanneer het eind van de dag afkoelt, vindt hij steeds opnieuw zijn weg naar binnen. Door thuisonderwijs onderzoeken we geboeid welk insect het kan zijn, maar we blijven onwetend. Er zijn ook tekenen van de herfst, maar veel minder uitbundig dan in NL. Er ligt wel gevallen blad, maar beperkt tot 10% van de bomen en de vruchten zijn rijp: granaatappels, vijgen, walnoten en eikels van zowel de altijd groene kurkeik als de steeneik. We verzamelen zaad van deze niet-invasieve exoten, om mee te experimenteren op ons bosperceeltje.

Hier begint de ‘saaie rust’, waarbij het innerlijk leven voor genoeg avontuur zorgt.
Om weer in de schrijfmodus te komen richten we ons op diverse praktische vraagstukken over boekformaat, lettertype, lettergrootte, paginamarges en daarbij steeds weer zinnen perfectioneren, schrappen en stukjes toevoegen… Leuk! Het begint te lijken op echte boeken!
D
an weer over naar de ‘noeste schrijfarbeid’. Na een geïnspireerde schrijfdag, beland ik alweer in een dip. Terwijl ik enthousiast ben, trekt de afleiding enorm. Nieuws lezen, mailen, Klaas afleiden met m’n gepraatterwijl ik ook fantaseer over een boek dat af is.
Eigenlijk speelt deze blokkade al veel langer. Mezelf dwingen tot discipline hou ik maar kort vol. Dwang haalt het schrijfplezier weg en dát is nou juist de inspiratiebron. Tijd voor onderzoek. Bewust voelen en kennis verkrijgen om verbanden te leggen.

In het voelen van het schrijfplezier telt niet het resultaat, maar de voldoening om te verwoorden wat innerlijk leeft. Het boek af willen hebben is het jagen op resultaat. Het is een voorstelling in mijn hoofd, waar een fijne beleving weinig waardering krijgt. Wanneer een aangenaam gevoel mag stromen, dan stroomt ál het gevoel. Verstandelijk kan ik nog wel kiezen ‘dat wil ik wel, dat wil ik niet’, maar op gevoelsgebied werkt dat anders. Wanneer ongemakkelijke gevoelens geraakt worden tijdens het schrijfplezier en ik duw het weg, dán ontstaat er die onrust.
Bezig zijn met taal brengt me terug naar mijn schoolleeftijd en er wordt boosheid en verdriet geraakt, waar ik me toen geen raad mee wist. Onder de oppervlakte ligt het te wachten, tot het gezien wordt. Ik neem de tijd om de spanning erin te voelen, het te delen met anderen en te rouwen. En wanneer er innerlijk weer ruimte komt ervaar ik een nieuwe laag van zelfrespect en zelfvertrouwen. ‘Alles mag er zijn.’

Ondertussen zijn we naar de rand van natuurpark Serra de São Mamede, in de Alentejo gereden. We staan aan een stuwmeer met bomen eromheen zoals de steeneik en de mimosa, die geen blad verliezen. Verspreid langs 300 meter waterkant staan 15 campers van wel acht nationaliteiten. Met een wandeling ontdekken we verderop een geweldig, eenzaam plekje. Dát is wat voor ons! We parkeren de camper achter een grote mimosaboom en voelen ons rijk met het verstilde leven aan de waterkant. Na een paar dagen regen, schijnt de zon. Lekker wandelen en koffie drinken aan een spiegelglad meer, met vogels, springende vissen en actieve libellen, doet het denken verstommen en verbindt ons met de ontzagwekkende levensenergie.
Het schrijven in onze aangename mobiele serre heeft weer flow. Mentaal herbeleef ik tijdens het typen onze zomerreis langs de Zweedse fjordenkust. Sommige dagen brengt onrust me weer tot innerlijk werk om bij moeilijkere gevoelens die zich tonen, weerstandsloos aanwezig te leren zijn.
Klaas is bezig de eerste hoofdstukken af te ronden voor proeflezers. Zijn modus van intuïtie en kennis samen laten vloeien, wordt
nu ook dwars gezeten door een jagen naar een goed leesbaar resultaat en ook hij wordt onrustig en blokkeert. Hij geeft zich over aan lezen en kleien, dus www.clayaway.eu heeft weer nieuwe aanwinsten.

Wanneer we bijna toe zijn aan boodschappen, staat vanwege Portugese feestdagen een vijfdaagse gemeentelijke lockdown voor de deur. Maar we hebben geen zin in actie. Met het laatste restje meel bakken we brood en ook de groente gaat op rantsoen. Met restjes en creatieve combi’s brengen we prima de dagen door en wat voelt het rijk met die vrijheid!
We moeten de restjes trouwens dele
n, want we hebben een muis aan boord. Alleen mijn oren horen het geritsel. Wanneer ik het gordijn naar voren open, zit daar een allerliefst bruin bosmuisje te knabbelen. Klaas zit met open mond te kijken. Pas nu gelooft hij het. De volgende dag maken we voorin alles schoon, ervan uitgaand dat het beestje weg gejaagd is en verkassen een paar kilometer. Maar… de muis is mee! De nacht erop hoor ik hem, ditmaal in onze nog ¾ volle voorraadkist. Ik probeer hem te vangen, maar hij is vreselijk rap! Na een dik uur verander ik de tactiek, terwijl Klaas zuchtend in bed ligt. Steeds maak ik een hoek van de voorraadkist leeg, dicht ik de kieren met aluminiumfolie om hem in te sluiten. Wanneer de kist helemaal leeg is, zie ik geen muis. Nét wanneer ik denk dat hij toch ontsnapt is, laat ie zijn snuitje zien. Hij kan er inderdaad niet meer uit. Theeglas erover, plankje eronder en hebbes. Blij dat ik hem niet dood heb hoeven maken, zet ik hem vanuit dit muizenwalhalla 100 meter verderop uit... in de brute buitenwereld. Inmiddels hebben we gelezen dat bosmuizen in gevangenschap wel vijf jaar worden, maar dat maar 10% in het wild de acht maanden haalt. Ik heb hem dus eigenlijk beschikbaar gesteld voor de voedselketen.
De volgende dag vullen we de reserves flink aan met ruim 300 euro aan boodschappen, voor een op handen zijnde lockdown, waarbij iedereen opgesloten zit binnen de gemeentegrenzen. Wonderwel lukt het me om alle voorraad op te bergen, wat altijd een uitdaging is. Indien nodig kunnen we wel een maand vooruit, maar dunbevolkt Alentejo blijft voorlopig open.

Op het reisblog komt de reactie dat we weinig over corona schrijven. Als nomaden in Europa volgen we het internationale corona gebeuren nauwkeurig, maar het is eigenlijk niet zo’n onderdeel in onze beleving. We vernemen dat er mensen zijn die het lastig vinden. Door corona is de denderende trein van de consumptie-economie (en het bekostigen ervan) tot stilstand gekomen en dat is een ingrijpende verandering. Toen mijn werk acht jaar geleden stopte en we besloten om ons verlangen naar meer echte levenskwaliteit te volgen, zijn ook wij door die verandering gegaan, met vallen en opstaan. Inmiddels willen we niet meer anders. Wanneer de jacht naar zekerheden en geluk in de vorm van geld en consumptie stopt, worden we teruggeworpen op onszelf. Wie ben ik, wanneer vertrouwde gewoonten en rollen wegvallen? Heb ik het wel fijn met mijzelf? Voor mij ook een actuele ontwikkeling, zoals je hierboven hebt kunnen lezen. De antwoorden op deze essentiële vragen geven daarentegen een grote meerwaarde om te leven in vrijheid.

Tja, in vijf weken Alentejo beleven we veel… Aan de Rio Caia vinden we een heerlijk plekje in een extensief veeteeltgebiedje. De rivier staat laag en we wandelen door de groene rivierbedding. In de geel bebloemde weilanden eromheen, een soort uiterwaarden, graast vredig een kudde van 40 paarden. Een viertal witte reigers heeft hier hun woongebied.
De nabije boer heeft een kudde van zo’n 50 geiten met drie herdershonden
vrij rondlopen. Zo hartverwarmend om te zien hoe de geiten en de honden één hechte roedel vormen, dag en nacht.
De boer zit ‘vastgeplakt’ op zijn tractor en zijn vrouw stapt in en uit zijn laadbak om lopend wat activiteiten te verrichten. De grootste bedrijfstak
bestaat uit zo’n 400 schapen en 200 lammeren. Een stuk of tien honden complementeren het team van de boer en boerin in het managen van de dieren. De schapen grazen in ruime weilanden, waar het mooi samenwerkende team hen dagelijks naar toe drijft, waarbij al die klingelende bellen de dynamiek omzetten in geluid. Er zijn ook kreupele dieren bij, die gewoon wat langzamer lopen. Wel een goed teken dat ze niet zijn afgemaakt. Wanneer de boer van zijn tractor stapt, blijkt hij zelf ook slecht ter been. De tractor is dus zijn ‘scootmobiel’, maar dan zonder stigma. We spreken elkaars taal niet maar met enkele woorden en gebaren ontstaat een wederzijdse waardering.
Om de week hebben we een paar dagen regen. Door een ‘regenbom’ wordt het waterstroompje waar we eerst overheen sprongen, binnen 24 uur een brede, snel stromende rivier. Het is machtig om te zien hoe de natuur altijd in beweging is, soms woest en dan weer subtiel.
Tussen de (hoos)buien door tussen wandelen we langs de rivier. Aan de oevers van de rivier bevinden zich zowel stenige strandjes, als rietkragen en een aantal kalende populieren; grote keien in het gras stapelen zich langzaam op tot heuvels met verwilderde boomgaarden.
Plots zien we drie natgeregende ‘reuzenratten’. Ze zijn fors en wel een meter lang. Kunnen ratten zo groot zijn? We zijn verheugd bij het treffen van echt wild. Uiteraard ben ik te traag voor een foto, maar bij terugkomst pakken we het thuisonderwijs weer op, om te ontdekken dat het mangoesten zijn! In Europa is het zuiden van Iberië de enige plek waar deze Egyptische mangoesten voorkomen.
Als we langs de boerderij lopen horen we het rumoer van 200 driftig blatende schapen. We blijven nieuwsgierig kijken en ineens springen uit de schuur 200 luid mekkerende lammeren naar hun moeder. Binnen dit voor ons tweetonige spektakel weet elk lam en elk moederschaap elkaar moeiteloos te vinden, doordat zij elkaars unieke geluid horen. Het roert ons dat dit oergedrag de onnatuurlijke scheiding van moeder en lam weer tenietdoet.
Wanneer we een stuk asfaltweg omhoog wandelen, kunnen we over de veeroosters een groot gebied in met weidebegroeiing en eiken. Op de top is een oude, vervallen uitkijktoren. We kunnen er niet in, maar ook vanaf de grond hebben we mooi uitzicht over de omgeving. Het is zo heerlijk om in het groen te zijn en ook mooie wolkenluchten over te zien drijven. Er graast een kudde van zo’n 50 kolossale, bruin-zwarte runderen sommigen met flinke horens, die állemaal naar ons kijken. We belopen het pad dat van hen weg leidt en treffen verderop, verlaten in het weiland, een jong kalfje. Plots komt die hele kudde aangestormd. We willen niet onder die hoeven belanden. We zijn op het pad gebleven, dus niet dichtbij het kalfje en even plots als ze zijn gekomen, draven ze in hoog tempo weer weg. Opgelucht maken we ons rondje af, maar voor het veerooster staan ze... uhh… ons pissig op te wachten? Wanneer we langzaam naderen groeperen ze zich dominant en lijken ze te snuiven. We blijven wachten en ik maak wat fotootjes. Er staan lieflijke kalfjes tussen. En ineens, zonder merkbare aanleiding, rent de hele kudde tegelijk weg. We zijn verbaasd en bedanken hen opgetogen. Wat een bijzondere indrukken.
We hebben hier een toptijd! Het is leuk om wat van de extensieve veeteelt mee te krijgen. Het heeft onze sympathie, maar… het blijven toch dieren in gevangenschap, die bestaan bij de gratie van consumptie. Uit liefde voor de dieren voel ik in mijn hart weer een verdere verschuiving naar een veganistische leefstijl.

En terwijl we hier nog niet weg willen, gaan ook in de Alentejo meerdere gemeenten in lockdown, vanwege oplopende coronacijfers. Momenteel gaat het in Spanje en Nederland zelfs beter dan in Portugal. Dus we vertrekken. Om niet in volle winkels terecht te komen, wippen we even de Spaanse grens over en vullen we in Badajoz onze voorraad brood, groenten, fruit en vegaspullen aan. 200 Kilometer zuidelijker zijn de nachten warmer dan de huidige 7 graden en we gaan zien hoe lang we in de Guadiana-vallei opgesloten mogen blijven.

'Waar het echt om gaat kan je niet zien met je ogen. Je kan alleen goed zien met je hart'. 
- Le Petit Prince -

Nog voor het plaatsen van het vorige blog, dient het volgende avontuurtje zich alweer aan. Ten Oosten van Coimbra (keramiekstad) volgen we de Rio Mondego. Klaas wil hier graag kijken of hij rivierklei kan delven voor eens een wat groter werkstuk. We nemen een steile helling omlaag naar de rivier. In deze groene vallei belanden we op een kunstmatig stukje rivierstrand, met tropische parasols en eromheen is alles strak aangelegd. Het regent. Klaas kijkt er wat rond en er is nérgens klei te bekennen. Dit is niks voor ons, dus trekken we verder. Alleen... komen we de helling niet meer op. De banden slippen. Ik laat me achteruit rollen, de parkeerplaats weer op. Afwachten. Hopen dat het wel lukt als het droger is.
Wandelend met Pinke ontdekken we na wat speurwerk
toch ergens een richeltje klei! En ja hoor, Klaas gaat los! Hij heeft zowaar een hele kleidag en geniet! (zie het project op www.clayaway.eu) Wanneer het de volgende dag droger is, lukt het gelukkig om de helling op te kruipen. Natuurlijk met een extra emmertje klei in de achterbak.

We rijden de Serra do Açor in, het havikgebergte. De laatste locatie in Midden-Portugal waar de oorspronkelijke begroeiing nog gedijt. Tenminste... Stilzwijgend van ontzag zien we hoe een groot natuurgebied 3 jaar geleden hier is verbrand. Dat was een recordjaar met meer dan 100 doden. In dit gebied is ruim 400.000 hectare verwoest. Vergelijkbaar met 800.000 voetbalvelden! Inmiddels woekeren tussen de véle kaal verbrande stammetjes vooral de brem en de eucalyptus: de meest brandbare soorten. Ai ai ai!
Een wandeling naar ‘Fraga da Pena’ gaat door een kloof van grijs leisteen waaruit diverse watervallen ontspringen. Het is er koel en prachtig met druipend mos begroeid. Met onze koffie zitten we in een straaltje zon te genieten van deze ongerepte, serene oase in dit verder verwoeste gebied.

Wanneer we de streek uitrijden over prachtige, slingerende weggetjes, schrik ik ineens op. De motor is bijna oververhit! Meteen stoppen en checken. Niks, nakkes, nada koelwater meer in het systeem. Shit! Niet weer, hè? Vorige reis achtervolgde dit probleem ons ook al. Aanvullen met een paar liter koelwater blijkt niet genoeg, dus drinkwater erbij. En verhip er komt zowaar een straaltje uit een slang! Het is nog wel 80 km via bergweggetjes naar de eerste garage. Handige Klaas bedenkt de oplossing: hij draait een dikke schroef in het gat en we kunnen verder. Het gaat zelfs zo goed, dat we eerst naar het schist-dorpje Piódão rijden. Huisjes van bruin-grijs leisteen met állemaal azuurblauwe deuren en kozijnen, staan harmonieus genesteld tegen de groene berghelling. Dicht op elkaar, beschut tegen de wind. Een wandeling door Piódão betekent een klauterpartij door smalle steegjes met prachtige doorkijkjes en mooie panorama’s.
Een paar dagen later, na diverse aardige wandelingen hebben we het wel gehad met inmenging van de mens in het landschap. Het is al bijna 2 weken geleden dat we echt in de natuur waren. In een stadje repareert Klaas zelf de lekkage. Wel nabij een garage voor het geval dat het niet lukt: rubberen buis een stukje inkorten en nieuw, vorstvrij koelwater erin. Makkie!

En daar gaan we: naar Serra da Estrela, het sterrengebergte. Eindelijk! De grootste en hoogste bergketen van het Portugese vasteland, daarom ook wel 'het dak van Portugal' genoemd. Ons mobiele huisje moet haarspeldbochten en flink steile hellingen nemen, maar het lukt. Ook het koelwater blijft op goed niveau. Op 1300 meter wanen we ons in Noorwegen! Geen bomen, heel stenig en prachtig uitzicht over het laagland. We beginnen hier een wandeling en wanen ons nog meer in Noorwegen: 8 graden, dikke wolkenlaag en een vreselijk koude wind. AHH! Mijn eerste gedachte: ‘Ik wil naar huis!’ Vervolgend met: ‘He? Hoe kom ik daar nou bij?’ Wanneer ik erover voel-denk betekent ‘huis’: behaaglijke warmte. Snel terug dus naar de camper en gelukkig zijn we 10 minuten verderop weer ‘terug in Portugal’: een beschutte plek en warmer door zelfs een zonnetje.

Terug in de natuur! Stukjes bos en struiken liggen tussen gigantische, rond geslepen, granieten keienformaties, lukraak verspreid in het landschap. Prachtig! Bij een afgelegen stuwmeer strijken we neer. Wat een rust! Dit heb ik erg gemist. Er komt ontroering in me op. Het raakt een gelukzaligheid die zo diep gaat, dat het schuurt aan oude levenspijn die ook zo diep gaat. Bewust, zonder weerstand, laat ik het er zijn. ‘Zand in mijn hart’. Het schrijnt, tot diep in mijn lijf. En daarna besef ik: ‘Ik kan het wel aan. Ik los niet op.’ Diep gevoel kunnen toelaten gaat samen met grote rijkdom ervaren. Het leven beleven, in zijn geheel.

Na een paar dagen rijden we een kilometer verder naar een topje van 1500 meter. Hier vangen we ook weer een mobiel signaal op, dus kunnen we internetten. Er staat een soort uitkijktoren. Wanneer we er een kijkje nemen spreken we een vrouw die met een team 24 uur per dag de wacht heeft vanwege brandgevaar. Het is alom aanwezig in dit land.
Opnieuw hebben we dagelijks een geweldige wandeling met her en der Scandinavisch aandoende huizen. We drinken koffie met mooie uitzichten, onder andere op het witte valleidorp Manteigas in de diepte. Kicken!
In de winter kan hier zelfs geskied worden. Dat begint al voelbaar te worden aan de kou. In de laatste nazomerzon volgen we de lange gletsjervallei van de Zêzere-rivier omhoog. 30.000 Jaar geleden lag hier een ijsmassa van 300 meter dik, die deze U-vorm in het landschap sleet. In de voetsporen van ontdekkingsreizigers lopen we naar de oorsprong van de rivier, waar waterstromen zich trapsgewijs 400 meter omlaag de berg afstorten.

Drinkwater uit de bron, kleding wassen in de heldere rivier (met bio-wasnoten) en brood bakken… Iets van een oergevoel kriebelt. Met de herder die hier dagelijks de kudde hoedt wisselen we enkele woordjes uit. We ontvangen peertjes, druiven en een stukje échte Serra da Estrela- schapenkaas en geven hem een stuk vers gebakken chocolade cake.
Voor deze reis vroegen we ons af of we onderweg geconfronteerd zouden worden met de onsolidaire houding van Hoekstra en Rutte t.a.v. de zuidelijken staten binnen onze Europese unie. Maar we ontmoeten veel vriendelijkheid tot Portugese felicitaties over onze manier van leven aan toe. Een Portugese ‘buurjongen’, die met vrouw en kindje in een busje reist, gaat de vrijheidsstrijd aan met de parkrangers die hun autoriteit doen gelden. Opgewonden deelt hij met ons, in prima Engels zijn aanvaring, zijn gevoel van onrecht en de regels van het Portugese rechtssysteem. Na een wandeling vinden we onder onze ruitenwisser een briefje van de autoriteit dat het verblijf hier verboden is. Als gast gaan wij geen strijd aan en vertrekken we na een warm afscheid van onze buurtjes.

Terug in Caldas de Manteigas laten we de kans niet lopen om voor Klaas nog even zélf die karakteristieke, rauwmelkse Serra da Estrelakaas te kopen. Schapen hebben in dit droge berggebied hun voer bij elkaar gegraasd. De begroeiing geeft de kaas een specifieke, kruidige smaak. Het wordt helemaal met de hand gemaakt, met plantaardige stremsel van een distelsoort. Deze romige, halfzachte kaas wordt na de productie gewassen met gepekeld water en door een strook katoen in zijn vorm gehouden. Een authentiek product om de herinneringen langer levend te houden.
Maar dan… natuurlijk terug het gebied in! Op naar de top van bijna 2000 meter. Ontzagwekkend! We rijden de wolken in, tussen de lichtgroen bemoste, granieten wanden. We stoppen op een schitterende plek. Klaas zijn lage stem breekt ietwat als hij stamelt hoe prachtig het is. Zo’n pure schoonheid.
Met onze zintuigen wijdt open nemen
we de granieten rondingen op, het groen ertussen, de kletterende watervalletjes en kabbelende stroompjes, de schone lucht. Wat zonnewarmte doet de mist verdrijven. Indrukwekkend komt deze beleving bij binnen. Het duizelt ons.
In het graniet is een sculptuur gemaakt van Senhora da Boa Estrela, de maagd Maria die waakt over de herders met hun kuddes. Er liggen bloemen en kaarsen. Wat hebben we onderweg al veel Maria-verering gezien. Terwijl wij ‘bij Maria op de koffie gaan’, merkt Klaas op dat mensen toch een enorme behoefte hebben aan een moederfiguur die zorgt voor ons… Wat is het toch apart dat dan zo’n verpersoonlijking van een zorgzame moeder, door de mensenhand gemaakt, zo trekt. In dit indrukwekkende berggebied ervaren we moeder-natuur zélf. Dit IS de zorgzaamheid in levende lijve! Sprankelend, verstillend, puur en schoon. Met bonkend hart en de ontroering in de keel verwerken we deze ervaring.

De dag erna worden we opnieuw door de parkrangers aangesproken op overnachten aan de rand van dit gebied. Door zijn gebrekkige Engels en mijn geveinsde onnozelheid, lukt het om een boete te omzeilen… We moeten meer oppassen. Jammer, want elke dag dienen we dus een plekje tussen de spaarzame bebouwing op te zoeken. In twee weken tijd wandelen en slapen we daardoor op 13 plaatsen. We voelen de onrust die dit geeft, maar het is een te bijzonder gebied om snel te verlaten.
De temperatuursomslag naar 14 graden maakt dat we vertrekken. Prima! Fijn zelfs, we hebben ook wel weer vreselijk veel zin in rustige, saaie dagen.

P/S Er zijn weer nieuwe panoramafoto's geplaatst.

Buiten de toeristische plekken toont de bebouwing van Asturië, Noord Spanje, zich in verval. De ontelbare schuurtjes hangen van restmaterialen lamlendig aan elkaar. Oude deuren, keukenpanelen, kastdeuren, golfplaten, teerflappen, plastic… Soms geeft het nog wel een mooi effect, wanneer het met verweerd kaal bouwhout kriskras getimmerd is.
Zwerfkatten, blaffende honden en kukelende hanen zijn ontelbaar en houden ons ‘s nachts geregeld uit de slaap.

Zoekend naar parkeerplekjes verder uit de kust struin ik, ingezoomd op maps, weggetjes af. Hoe kleiner het weggetje, soms onverhard, hoe meer kans op stilte.
40 Kilometer uit de kust onder Gijon vinden we uiteindelijk een fijn afgelegen plekje met wandelmogelijkheden. Een uitzicht over een verstild, groen dal stemt ons heel tevreden. Loslopende koeien gaan mee in onze energie en liggen rondom de camper te herkauwen, terwijl de bellen om hun nek ritmisch mee klingelen. Zo vredig.
Hier komt zonder afleiding het innerlijk reizen weer helemaal tot zijn recht. Dat is voor ons de grote meerwaarde van het camperleven.

Om niet ónderprikkeld te raken beginnen Klaas en ik samen een online cursus: ’Ontwaken voor bewustzijn’. Stapsgewijs het proces doorlopen om te handelen vanuit bewustzijn. Bewust worden van oude conditioneringen, stoppen met weerstand bieden aan het gevoel dat eronder ligt, om vanuit de ruimte die daarna ontstaat in vrijheid keuzes te maken. Dan handelen naar waar we vóór zijn, in plaats van waar we tegen zijn. Ik ontdek hoeveel weerstand er gedurende de dag in mij leeft, dus waar ik onvrij gedirigeerd wordt door onbewuste gevoelens. Dus er zijn steeds momenten om opnieuw te ontwaken. De oude angst weerstandsloos doorvoelen, maakt…. dat ik daarna uit kom bij ‘ik ben.’ Verbaasd merk ik dat er meestal helemaal niet zoveel achter zit, als waar ik bang voor was.
De angst blijkt donkerder dan de werkelijkheid!!!
Heee! Klaas zijn boek waar hij al 10 jaar aan schrijft gaat precies hierover: ‘de werkelijkheid is mooier dan je denkt’. Het is de basis van zijn wereldbeeld, dat ‘het goede in de mens is het sterkst’ is.
Klaas wordt zich bewust dat hij vaak, als vanzelf, verbonden is in bewustzijn. Dat is bijvoorbeeld zichtbaar in het niet hoeven verdedigen of bevestigen van zijn zelfbeeld, zelfs als dit wordt aangevallen. ‘Hij is’ (meestal), ongeacht of anderen dit erkennen of niet. Wat ben ik rijk met hem!
Onze combinatie maakt zo helder hoe ‘ontwaken voor bewustzijn’ werkt. Wat een bijzonder proces.

We hadden het wel een keer verwacht, maar toch nog vrij plots blijkt ‘Spanje oranje’ uitgeroepen te worden. Met zelfs enig enthousiasme pakken we dit signaal op. Na precies één maand Spanje, reizen we in 2 dagen naar Noord Portugal. De verspreiding van corona-besmettingen is daar opvallend laag, in vergelijking met Spanje.
In Galicië zigzaggen we ons zowel horizontaal als verticaal over 100 km weg. Tussendoor zijn hoofdwegen of bruggen plots afgesloten zonder aankondiging of omleiding. ‘En zoek het verder zelf maar uit’. Een omweg van 20 km is zo gemaakt, door een prachtig berggebiedje, maar daar zitten we aan het eind van een rijdag niet echt meer op te wachten.
We zoeken naar de grensovergang, maar zonder waar die nou lag, zijn we ineens in Portugal.

De laatste 10 km gaan over smalle, hobbelige bergweggetjes en krapjes tussen huizen in gehuchtjes door. Elke keer zijn we bang dat de weg te smal wordt, of iemand ineens een balkon heeft gebouwd, hangend over de weg, waar we dan niet (onder)door kunnen. Dan zouden we kilometers achteruit moeten rijden voor we kunnen keren... Maar het gaat goed en achteraf is het een mooi avontuur.
Helemaal gaar komen we aan in PN Penedes-Geres, het oudste natuurpark van Portugal. Op zo’n 900 meter hoogte vinden we een prachtig stukje, beboste vallei met stromend beekje, tussen de grillige granieten bergen. Het is een beschermd gebied. We worden uitvoerig bekeken door de parkwachters, maar gedoogd.

Behalve de picknick area met bbq’s en veel auto’s, lijkt de tijd hier te hebben stil gestaan. Deze mensen leven traditioneel, wat betekent... in ons tempo! Een doorleefde boerin loopt dagelijks langs met zo’n 20 koeien en 6-7-8 grote honden van een lokaal ras. Deze moeten met hun gespierde bouw, indringende uitdrukking en wantrouwige karakter de kudde beschermen. Schreeuwend port ze de koeien op om ze verderop in de vallei vrij te laten, waarna ze (koeien en honden) in hun eigen tempo, al grazend weer terug kuieren. Wij genieten van het tafereeltje en elke dag wordt de begroeting gemoedelijker. De honden leren ons kennen en liggen geregeld een uurtje rondom de camper te tukkelen.
Wanneer het kwik plots blijft hangen op 16 graden, hebben we mazzel en vinden we perfecte kachelhoutjes in de natuur. De parkbeheerders hebben puntjes gezaagd aan allerlei soorten takken, om jonge aanplant te beschermen. En die restjes zijn precíes ons kachelformaatje. Onze lege houtbak kan er helemaal mee gevuld worden en 2 koude ochtenden geven ze ons al warmte. Een kadootje!
We zien vosjes, eekhoorntjes, wilde paarden, allerlei vlinders en hagedissen en bij schemer cirkelen de vleermuizen om ons hoofd. En ja, de natuur komt natuurlijk niet alleen in de meest gewenste vorm… de hoeveelheid vliegen is enorm. Wanneer de koeien langs lopen klinkt het alsof het regent van de honderden vliegen die landen op de camper.
 

Dat we zo leven voelt voor mij heel vertrouwd en tegelijk nog steeds bijzonder. Klaas zegt het op zijn manier: ’Het is dat het zo gewoon is, anders was het absurd’.

Elke dag ziet er ongeveer hetzelfde uit, maar toch voelt het gevarieerd. Er zijn verschillende sferen in de dag: nieuws en mails bijhouden, wandelen, koffie drinken bij de beek, geïnspireerd schrijven aan het boek ‘Camperleven’, de online cursus, ontspannen lezen en het gewone huishouden in het klein.
Ook hebben we nog 2 online bijeenkomsten. We zijn in een coöperatie gestapt, 'Land van Ons'. Ons spaargeld investeren we in de aankoop van landbouwgrond die omgezet gaat worden naar biologische grond en we hebben een gesprek met de oprichter hiervan. Vanuit Natuurvrienden Oosterduinen hebben we een mooi overleg met provincie Drenthe over ‘ons’ natuurgebiedje in Norg, waar we ons voor inzetten. Dankzij corona zijn organisaties helemaal gewend aan online meetings. Daar boffen we nu mee.
We leggen de laatste hand aan Klaas zijn kleiblog. Een website gevuld met zijn kleiwerken, zowel uit Nederland (voor zover we daar foto’s van hebben) als ook zijn onderweg- experimenten in de natuur, vandaar de naam www.clayaway.eu (let op .eu!) Ook in dit gebiedje ontdekt hij creaties in samenwerking met de ronde keien. Eens in de maand wil hij een op locatie gemaakt werkstuk(je) plaatsen.

Begin september lopen in heel Portugal de temperaturen op tot 40 graden. In dit kleine gebiedje op hoogte blijft het onder de 30. We verkassen af en toe een paar kilometer om weer eens een ander loopje te hebben, maar blijven 3 weken in een straal van 10 km hangen tussen Castro Laboreiro en Senhora da Peneda.
Wanneer we nietsvermoedend bij dit laatste dorpje aankomen is het daar mega druk. Honderden mensen! Wat doen die hier? Een beetje onderzoek vertelt ons dat dit een belangrijk monument en bedevaartsoord is, met de legende van een Maria-verschijning. De romaria, de bedevaart waarmee gelovigen hun devotie willen tonen of hun zonde vergeven willen zien, is precíes deze week! Dagelijks zijn er twee kerkdiensten die met luidsprekers tot in de wijde omtrek te horen zijn. Zonder iets te verstaan krijgen we veel van de sfeer mee.

Al een aantal weken hebben we problemen met onze gasgestookte koelkast. Een paar keer rookt hij zo hevig dat de zijkant van camper zwart uitslaat. Dat lost Klaas gelukkig op, maar de koeling doet het niet goed. Terwijl het buiten 29 graden is, is het in het vriezertje plús 2… niks vriezen dus. De koelkast blijft bijna 20 graden… niks koel dus.
Nou wil het geval, dat we deze reis een extra elektrische koelbox bij ons hebben, om groenten langer vers te houden en zo (nog) minder naar de winkels te hoeven. Dat komt ons nu goed uit. Wat écht koud moet blijven doen we daarin en de rest hangen we buiten in de schaduw in een koeltas, wanneer we de koelkast voor de derde keer uitbouwen. De tip om hem 24 uur ondersteboven te zetten, blijkt helaas geen verbetering te geven. Op een camperplaats nemen we 48 uur 220 stroom en daar koelt ie als een tierelier. Al hebben we nog steeds geen oplossing, het sluit in ieder geval een oorzaak uit. Zo hebben we onderweg ook onze gedoetjes, die hopelijk in de tijd tot een oplossing komen.

Net zo plotseling als we uit Spanje vertrokken, doen we dat nu opnieuw, na drie weken ‘vast’ gezeten te hebben. In de gebieden waar wij verblijven geven bosbranden een groter veiligheidsrisico dan corona. Bij het dorpje Castro Laboreiro, waar we een week eerder stonden, is een bosbrand ontstaan. Volgens de parkwachter staan we veilig net achter de berg, maar het rookt flink.
We kiezen het zekere voor het onzekere en ook voor frisse lucht. Eigenlijk vertrekken we opgetogen, met wel weer zin in wat afwisseling. Na een kwartiertje rijden zien we de rookwolken over het gebied trekken en de helikopters met waterzakken eronder te hulp schieten.Vanuit het noorden willen we 200 km zuid-oostelijk rijden, naar Serra de Estrela. Vanwege de onnoemlijk vele bergweggetjes is de efficiëntste route 200 km omrijden, via de westkust. Na 3,5 week is alles bijna op en met plezier foerageren we weer… met iets extra lekkers bij de koffie.
En zo… staan we plots een paar dagen aan de Atlantische oceaan! Verrassing! De vakanties zijn voorbij en ‘de grijze golf’ is nog niet aan het overwinteren, dus het is overal veel rustiger. Een stukje onder Porto laten we ons verrassen door een héle andere atmosfeer dan de bergen. Het licht is anders, de mensen zijn anders, de wijde blik, het geluid, de vlakke wandelingen... Goh! Wat genieten we van flaneren door de ruige branding, de zon die weerkaatst op het blauwe water, het zoute zand tussen de tenen, koffiedrinken met uitzicht op de surfers, de prachtige pasteltinten bij de ondergaande zon en Pinke die euforisch blijft rénnen, rénnen, rénnen over het schone, witte strand.
Wat is ons leven toch bijzonder… gewoon en absurd!

We waren vergeten hoe het is om te reizen in de vakantieperiode. Het is druk!
Al zijn er niet veel buitenlanders, Spaanse toeristen des te meer.
We zoeken naar mooie plekjes waar we lekker kunnen wandelen… en die zijn zeer spaarzaam in deze tijd van het jaar.
Op de gok dalen we af over een smal weggetje en parkeren een weekeind onderaan bij een rivier en een kleine waterkrachtcentrale. Super! Er is een wandelroute... En daar komen meer mensen op af. Vroeg in de ochtend en wanneer alle auto’s weg zijn, nemen wij onze kans. We beginnen bij een waterval, over een rotswand en door stukken bos langs de stromende rivier. Een mooie mix. Het gefilterde licht tussen de groene bladeren door is fijn aan de ogen.
Wanneer we toe zijn aan vers drinkwater trekken we verder. In een volgend dorpje vinden we eenvoudig een waterbron. De week daarna hobbelen we van plekje naar plekje: dan is het weer lawaaiig, daarna te stijl om te wandelen of verboden voor campers, dan weer te stads of zeer populair bij toeristen
We pikken wel een fantastische route mee door ‘desfiladero de la Hermida’, waar de rivier de Deva zich in het kalkplateau van de oostflank van de Picos de Europa heeft ingesleten. Deze groene kloof is met 21 kilometer, de langste van Spanje, tussen de 600 meter hoge bergwanden. En daar rijden wij doorheen! Wauw.
We overnachten op het uitzichtpunt over dit gebied, waar we om 22.00 uur, wanneer de rust weergekeerd is, met een kop thee genieten van een prachtig uitzicht op de Picos, samen met enkele andere stilte minnende Spanjaarden. (Ze bestaan dus wel.)

Eindelijk vinden we een afgelegen plekje, bij bergdorpje Oceña, aan de rand van Picos de Europa, wanneer we een doodlopende weg helemaal uitrijden. Bij een eerste verkenning overvalt ons de vredige rust en stilte in dit gebied, dat aandoet als een Alpenweide. We zijn wat ontroerd door deze weldaad. Bij het kleine kerkje zitten we ademloos over het groene berggebied uit te kijken. Een zuivere energie stroomt ons overprikkelde systeem binnen. We horen alleen koeien, geiten en schapen met hun bellen. Af en toe horen we een boer rijden. Natuur en gecultiveerd landschap loopt vriendelijk in elkaar over. Hier wordt niks ‘in rap tempo uit de grond gestampt’, maar natuurlijke eigenschappen gebruikt om te voorzien in levensbehoeften van mens en dier. Zo is er bijvoorbeeld combinatieteelt van bonen die om maisplanten heen groeien. De kruidenrijke weilanden zijn een lust voor het oog. We hebben een zeer aangenaam weekeind.
Elke dag worden wij wat bekender in het dorpje, mensen zwaaien en glimlachen. Bij het bakkertje, die met zijn auto elke dag de berg op komt, haal ik verse broodjes. Bijzonder is dat geen één inwoner een mondkapje draagt, maar iedereen die van buiten komt dat wel doet. Er wonen hier veel ouderen en er is blijkbaar geen corona. Ook de bakker is zorgvuldig met alcohol in de weer. Het is zo aardig om te zien hoe zo’n Spaans gemeenschapje leeft.
Tot er op maandag plots twee pubers verschijnen, met opgevoerde motoren scheuren ze ‘s avonds urenlang op en neer… Zucht! En de volgende ochtend gaat het weer door. Ook dat blijkt bij zo’n gemeenschap te horen, want niemand kijkt er raar van op.
Tja, wij zijn te gast en als het ons niet bevalt… wegwezen!

We moeten zoeken naar een passende modus om de vakantietijd (tot de tweede week van september) door te brengen. We moeten uit het toeristische gebied!
Maar de Picos dan?
Picos de Europa ligt 20 km van de Spaanse noordkust. Het is onderdeel van het Cantabrisch gebergte en heeft hoge bergpunten en lijkt op het bijzondere Patagonië in zuid Amerika. Er leven hier nog enkele wilde beren, gemzen, wolven en de zeldzame Iberische Lynx. Om zeker te weten hoe het gesteld is ‘daarboven’, rijden we ‘s ochtends rond achten omhoog, de Picos in. Nou ja omhoog, naar een wandelpad op 400 meter hoogte, tussen de bergen van 2500 meter hoogte, Ruta del Cares. Het is machtig indrukwekkend om hier tussen te rijden!!
En w
e zijn niet de enige. Zo vroeg en nog maar nét is er een plek vrij tussen een hele lange rij geparkeerde auto’s. Terug kunnen we niet eens, want één rijstrook van de tweebaansweg is verworden tot parkeerplaatsen. Een tegenligger zouden we niet eens kunnen passeren. We moeten hier dus wel een dag blijven. Op zich geen probleem, want we willen het ontdekken.
Een eerste wandelingetje loopt over een paadje tussen hoge bergen. Schitterend!
Dat delen we met alle andere aanwezigen. Sommige stukjes voelt het zelfs alsof we onderdeel zijn van een spoor mieren. Mondkapjes móeten wel, want afstand houden is dan heel lastig.

Ik ben er duizelig van!
Als
hoogsensitief persoon (HSP) is de machtige omgeving al veel, laat staan nog alle mensen erbij. Plus de ruisende Cares-rivier, het zonlicht, vogels, zorg voor Klaas en Pinke en dan nog alles wat in mij leeft erbij…
Even wat achtergrond over HSP: (E. Van Hoof, klinisch psycholoog) "Eén op de vijf mensen
is hoogsensitief. Hersenen van hoogsensitieve personen verwerken informatie daadwerkelijk anders dan die van mensen die niet hoogsensitief zijn. MRI-scans laten dat ook zien. Simpel gezegd mist iemand die hoogsensitief is een filter in het informatieverwerkingssysteem in de hersenen. Zonder dit filter komt alles wat je ziet, hoort, ruikt en ervaart even hard binnen en wordt het op hetzelfde niveau door de hersenen verwerkt. De hersenen maken dus geen onderscheid tussen belangrijke en minder belangrijke prikkels, terwijl bij iemand die niet hoogsensitief is de informatie wel gefilterd wordt voordat het door de hersenen verwerkt wordt. Iemand met de aangeboren eigenschap van hoogsensitiviteit, onderscheidt zich door het vermogen om veel informatie uit de omgeving te halen én deze diepgaand te verwerken.”

Om mijn systeem rust te geven gaan we een stukje onder het voetpad zitten, om aan een watervalletje onze koffie te drinken. Rustig indrukken verwerken, dan komt het genieten weer.
Na een tijdje stil kijken wandelen we terug. Het is werkelijk een schitterend gebied! Om ons even wat af te sluiten trekken we ons terug in de camper,… alleen wordt onze hippiecamper door de honderden langslopende wandelaars, ook als een attractie ervaren en dat merken we. Vaak vinden we dat leuk, nu is het even ietsje over de top.
s Middags vinden we nog een ‘saaie’, vlakke wandelroute. Terwijl het nog druk is op de uitdagende bergpaden, loopt hier bijna niemand en we kunnen vrij wandelen en genieten van het zicht en de sfeer. Perfect voor ons. Wanneer de meeste auto’s vertrokken zijn rijden ook wij de kloof uit.
Het is niet voor niks een enorme trekpleister.
Waarschijnlijk wil iedereen hier wel in zijn eentje rondwandelen. Als dat niet mogelijk is zijn er twee keuzes: of met de massa mee of… wegwezen!

Zelfs op wat lelijkere plekken in agrarisch gebied sluiten er steeds busjes aan, waarin mensen goedkoop vakantie houden. Misschien is iedereen wel wat zoekende.
Gelukkig worden we wel dagelijks getroffen door kleine verrassinkjes: een wild vosje dat net zo verrast naar ons kijkt als wij naar hem, de ruige toppen van de Picos in de verte, vlierbessen plukken voor jam, al wandelend bramen snoepen of de subtiele eucalyptusgeur die vanuit het bos de camper vult...

Voor we dit gebiedje opgeven proberen we even aan de kust, maar daar is het nog veel drukker, merken we wanneer we om 22.00 uur even naar een strandje willen rijden. Nog voor we water zien, druipen we al af.
Ergens in dit 300 kilometer lange Sierra Cantabrica moet een plekje te vinden zijn waar het stil is. Waar kunnen we ongestoord tot lezen en schrijven komen en wat wandelen. Dát blijkt toch onze hoofdprioriteit.

Al met al hebben we níet het gevoel dat we in Spanje zijn. Wij kennen het Spanje tijdens de wintermaanden. Hier hebben we een Hollandse zomer(zoals we die kennen van vroeger), met gemiddeld 24 graden, bewolking, twee keer per week regen en een enkele dag zon en boven de 30 graden. Ondertussen was het in Nederland nota bene tropisch warm. Dat het hier zo groen is doet ons ook sterk denken aan noordelijker Europa. Op de pagina panoramafoto’s staan weer nieuwe plaatjes en je ziet hoe groen het hier is. Over de winterfoto’s van vorige jaren ligt een bruine gloed. Zó kennen wij Spanje. En wij kennen het rustige Spanje...
We wachten een paar weken geduldig af tot het daar naar terugkeert.

We zijn weer reizende in Spanje! Héérlijk!
Dat we in de zomer hier zijn (en niet in Lapland) is ingegeven door corona. Tegelijk is het een onverwachte toevoeging aan alweer onze 8ste reis over het Iberische schiereiland. We nemen de omstandigheden aan als een uitnodiging om ‘España Verde’, het noordwestelijkegroene Spanje’ te ervaren. Met name het Spaanse natuurgebied Picos de Europa en het binnenland van noord Portugal willen we graag verkennen, want daar is het in het na- en voorjaar te koud.

De afgelopen 4 maanden in NL hebben de invloed van deze pandemie op Europa (en de rest van de wereld) kunnen observeren. Ondertussen hebben we ons gericht op acties op het praktische vlak. Ons bosatelier hebben we vorstbestendig achtergelaten, zodat we vrij zijn om tot ergens in 2021 rond te trekken in het zuiden van Europa. Mocht het nodig zijn, dan is het atelier nu ook qua isolatie en houtkachel een goeie basis, om indien nodig op terug te vallen in de winter. Medisch zijn we beiden weer op allerlei vlakken gecontroleerd en nader onderzocht, en alles is goed/ stabiel gebleken. We zijn ons bewust dat het ook zomaar anders kan lopen en zijn dankbaar dat het nu goed is. Dus konden we vertrekken!

Ons mobiele huisje brengen we tot stilstand in Baskenland. De geruchten dat Frankrijk de grenzen binnenkort kan sluiten, heeft ons geholpen om in 3,5 dag over 1400 km (tol)wegen te karren. Na deze voortvarendheid ontspannen we bij een sober kapelletje aan een beekje, waar we koffie drinken met eigen gebakken vruchtenkoek en onze voetjes in het stromende water. Meerdere zwarte libellen met een blauw, groene gloed cirkelen vol belangstelling om ons heen. Stil zijn en de natuur observeren maakt ‘het leven voelbaar’, wat niet zo lukt wanneer we zelf middelpunt zijn in de dynamiek en te weinig aandacht hebben om het leven bewust te ervaren.
We zitten in een overgang naar een andere modus: de geest is nog onrustig, in de doe-stand geprogrammeerd, terwijl we fysiek aan het vertragen zijn. Het besef van diversiteit in levenstempo wordt zo helder. Dat is de eerste week altijd wat ongemakkelijk (afkicken), maar ook bijzonder om zo intens bewust te zijn van de keuze die er is het leven. Het opgeven van een aantal zekerheden brengt een groot gevoel van vrijheid, wat een tintelende energie geeft.
Dit ervaar ik bij de uitspraak: Leven toevoegen aan de dagen, niet dagen aan het leven.’

Terug in onze stilte en in de natuur is het heerlijk om openhartige e-mails te schrijven naar dierbaren die we vanwege corona niet ontmoet hebben dit jaar. Schrijven in mijn eigen tempo en energie geeft me een groot gevoel van verbinding, met de ander én mezelf. Wat een vreugde! Dit gevoel blijft ook hangen gedurende de dagen. Fijn, hoor!

Internet is een grote aanwinst in de wereld, zeker voor nomaden! Het maakt het tevens zoveel makkelijker om de ontwikkelingen in de wereld te volgen: nieuws, coronamaatregelen in diverse landen, maar ook het weer. We zien dat de hitte vanuit het binnenland op zal trekken naar de Pyreneeën en in Baskenland wordt het tegen de 40 graden. Daarom rijden we 2 uur westelijk en strijken we neer in Cantabrië aan de noordwestkust, waar het kwik blijft hangen op 28 graden. ‘Extreem warm’, volgens een voorbijganger. Aan de rand van het dorpje Comillas, in de halfschaduw van enkelen dennenbomen, hebben we vrij uitzicht op het heuvelachtige landschap en de golf van Biskaje. Dat is een leuke afwisseling na bos en bergen. We ontdekken spontaan dat we vlakbij El Capricho staan, een herenhuis dat door Gaudi is ontworpen. Ha, ha, leuk toeval!
M
et de verplichte mondkapjes op gaan we het van buiten bekijken. We hebben luchtige, in elkaar geflanste nep-lapjes, voor tijdens wandelingen in het buitengebied, die ons alleen beschermen tegen een boete. Degelijk beschermende kapjes hebben we standaard bij ons voor wanneer we onder de mensen komen, al minimaliseren we dat: geen musea en eens in de 3 weken een supermarkt.

El Capricho

Corona speelt in heel Europa eigenlijk op dezelfde manier weer op, met dezelfde onderliggende reden: een grote groep mensen is klaar met de beperkingen die corona brengt. In Spanje is dat niet anders dan in Nederland. De hoeveelheid mensen bij elkaar maakt het al dan niet veilig voor besmetting. De welbekende regels zijn hier aangevuld met 2 meter afstand houden en mondkapjes binnen én buiten. Spanjaarden leven veel buiten en hebben een sterke cultuur van ‘dichtbij elkaar kruipen’ en dat is niet zomaar weg.

Hier is overdag bijna iedereen voorzichtig: proberen afstand te houden en trouw een mondkapje op, maar ‘s avonds willen mensen ontspannen: komen samen om te drinken, praten, elkaar juist op te zoeken… en alle regels te vergeten. Met name jongeren, want zij ervaren meer last van de (langdurige) maatregelen, dan van de ziekte zelf en wat is er op die leeftijd nou leuker om iets te doen wat niet mag? In nog geen week hebben we al 3 avonden in de muziek gezeten van groepen jongeren die een corona-party hielden.
Gelukkig zijn we in de omstandigheid dat het lang licht is, we in 5 minuten rijklaar zijn en op elke nieuwe plek ook weer thuis zijn.

Home is where we park it.

Tijdens een periode van stil onderzoek maak ik met mildheid de verbinding met mijn innerlijk, terwijl ook die buitenwereld onvermijdelijk aanwezig is. Wandelend in het bos komt ineens het beeld en gevoel van Calimero in mij op: „Zij zijn groot en ik is klein en da's niet eerlijk, o nee.”

Hee? Wat vertelt dit me? Er spelen gevoelens van machteloosheid, maar ook van oordelen. En dit zijn kenmerken van… de slachtofferrol! Aiii.
Tja, meteen gaat het laatje van zelfveroordeling open: ‘Mag niet! Is verkeerd!’
Met daarna een vermoeid ‘ben ik weer in die looping terecht gekomen?’
Ik zeg tegen mijzelf: ‘Oke, even rustig, Anneleen. Dit helpt je niet! Het gaat er niet om of iets goed of fout is, het gaat erom wat behulpzaam is’:
- Het is niet behulpzaam om te oordelen over mensen, over de wereld die is zoals hij is, of om mijzelf veroordelen om iets wat onbewust in mij opgestaan is; dus daar stop ik mee.
- Doorzien dat ik oordeel is wel behulpzaam voor me. Nu kan ik er wat mee doen.

Al lezend over oordelen is een sleutelzin voor mij: ‘Je hoeft niet overal een mening over te hebben. Observeer de wereld, zonder jezelf steeds af te vragen wat je ervan vindt.’
Ik ontdek dat ik mijzelf afhankelijk maak van hoe de buitenwereld eruit ziet… Het is net een verslaving: iets van buiten nodig hebben om innerlijk een gevoel van balans te creëren om me goed te voelen. En dat is de wereld bezien vanuit een kindbeleving. Hmmm… interessant!

Het afgelopen jaar heb ik me wat verdiept in de Maya-astrologie. De Mayacultuur is een 4000 jaar oude beschaving, die bekend is vanwege het feit dat ze toen als enige een volledig ontwikkeld schrift had. Verder valt deze beschaving zeker op door de kunst, architectuur, wiskunde en sterrenkunde. Zij gebruikten hun vele kalenders om herhalingen en patronen in kleine en heel grote cycli van tijd te herkennen. Nu komt de maya-astrologie weer in me op en al lezend geeft het me antwoorden en een richting.
Mijn maya-geboortezegel ‘Blauwe Hand’ laat de kernkwaliteiten zien waarmee ik creëer. Geboorte-energie Blauwe Hand is creatief, invoelend en inspirerend. Deze mensen zijn graag dienstbaar aan het grotere geheel en laten zich innerlijk leiden door wat er op hun pad komt. En dat is vaak veel. Je kracht is het vermogen om jezelf, en daarmee ook anderen, te  helen. Het is belangrijk om onderscheid te maken tussen jezelf en de overtuigingen, rollen, interpretaties en idealen die via jou gestalte krijgen. Focussen en dingen afmaken zijn de uitdaging voor mensen met deze geboorte-energie. Waak ervoor dat je energie niet versnippert. Blauwe Hand houdt van de natuur, van de dieren en de planten en van het buitenleven. Je kan nomadisch zijn en behoorlijk individualistisch, maar toch behoefte hebben aan  gezelschap.
Om uit je schaduw te komen: Gebruik betrokkenheid, gerichte intentie en openheid. Je bent je eigen gereedschap. Wordt je bewust van je weerstanden en afleidingen en open je naar mogelijkheden.
De maya-kleur ‘Blauw’ geeft de bron van de kracht aan. Blauw laat zich leiden door gevoelens en emoties en wordt gestimuleerd hier mee om te gaan. Verbondenheid met het element aarde en staat voor transformatie: veranderen en omvormen, maar ook voor je ontladen. De beweging hierbij is van buiten naar binnen.
Het maya-levenspad bij mijn geboortedag is ‘Geel Zaad’ en reikt de sleutels aan waarmee ik kan groeien en ontwikkelen zodat ik ontspannen mezelf ben, wat er ook gebeurt. Geel Zaad is het zaad dat in de aarde ligt tot het de juiste tijd is om te ontkiemen. Het wacht tot de omstandigheden precies goed zijn en als het zover is gaat het groeien. Je hebt in dit levenspad veel geduld en vertrouwen nodig in je mogelijkheden. Je kunt een boom nu eenmaal niet uit de grond trekken. Het groeiproces heeft zijn eigen tijd nodig. Wat zaai jij? Heb je wel eens goed gekeken naar de bodem waarin je zaait? Is die bodem vruchtbaar genoeg? Wat voeg je zelf toe om te zorgen dat het de juiste voeding krijgt? Realiseer je ook dat dat schilletje om het zaad heen, dat al die tijd voor bescherming heeft gezorgd ook wat weerstand biedt bij het ontkiemen.

Wat bijzonder toch hoe die oude maya-kennis toont hoe me te richten op het zaad, het zaaien en de voedingsbodem en het verder láten rijpen en groeien, zónder een dominante inmenging van mij. Dus: me richten op mijn kracht en niet op het resultaat! Wanneer ik gefrustreerd ben wanneer de groei in de wereld (volgens mij) niet snel genoeg gaat, vertelt me dat ik van mijn pad ben afgedwaald. Wat dát betreft geeft de Oosterduinen, dit bijzondere natuurgebiedje in Norg waar wij verblijven, me precies wat ik te leren heb: mij verbinden met de natuurvriend in mij en (in openheid) een voedingsbodem creëren, waarbij het anderen vrij staat om wel of niet aan te haken. Mijn kernkwaliteiten zijn daarbij: creatief, invoelend, dienstbaar aan het grote geheel en liefde voor de natuur.
Via deze weg krijgt een sluimerend initiatief een flinke impuls: Het oprichten van Comité Natuurvrienden Oosterduinen en nieuw natuur-inspiratiemagazine, de BOS(B)ODE.

Frappant is dat elke keer wanneer mijn creatiestroom stopt, ik blijk bezig te zijn met proberen de wereld buiten mij te beïnvloeden. Bij het teruggaan naar mijn pure inspiratie stroomt het creëren weer vrijelijk. Steeds opnieuw afstemmen wat fijn voelt in mij en dáár de focus op richten.
Opgaan in de details van deze bosrijke omgeving, maakt me rustig en oordeelvrij; het resoneert in mij.
Na het opgeven van mijn huis, een baan en veel spullen, is de focus op mijn kracht en niet op de buitenwereld wéér een vereenvoudiging van het leven.

Link: PDF BOS(B)ODE

Liever was ik nu onderweg geweest naar Lapland, maar ons opbloeiende bosperceeltje is ‘second best’. We kunnen hier vrij wandelen en sociale isolatie is eenvoudig. Klaas kleit en klust en ik richt me op liefdevol creëren ten behoeve van de natuur.
We kijken iets meer online tv, zoals 'Floortje naar het eind van de wereld'. Fijn om portretten te zien van mensen die  ook teruggetrokken leven en te herkennen wat het hen brengt. Genieten!
Door het programma Tegenlicht en podcasts wordt het hele plaatje van de huidige wereldwijde ontwikkelingen geduid. Een interessante tijd, met een onzekere uitkomst.

Net als bij vele anderen (waar geen ziekte heerst, geen kinderen thuis zijn tijdens werktijd of geen werk is kwijt geraakt) is het corona-gebeuren meer een virtuele belevenis, dan een reële ervaring.
Even leek covid ook hier werkelijkheid te worden toen ik begon te hoesten en verhoging kreeg. Na overleg met de GGD om afstand te houden van elkaar, ging ik een paar dagen in de achterste 3 meter van de camper wonen. Klaas leefde in de voorste 3 meter en sliep in het boshuisje. Toen mijn temperatuur weer normaal was, vonden we het wel welletjes. We werden beiden niet echt ziek. Vermoedelijk is het een gevolg van een verkoudheid die ik begin maart in een Spaans bibliotheekje opliep, die maar heel langzaam verbetert.

Mijn afkeer van mensen benader ik anders dan voorheen: met mildheid beweeg ik mee met dit gevoel. Mezelf oordeelvrij toestaan om af te keren van mensen en me tot mijn binnenste wenden. De rust en ruimte leidt geregeld tot stilte, liefde en een wijsheid die opkomt vanuit het niets. In plaats van onderzoeken en hard werken aan verandering, laat ik gevoel er zijn zoals het is. Vrolijkheid of gedrevenheid probeer ik ook niet te veranderen, dus waarom afkeer wel?
Op een moment van wanhoop vroeg ik aan het bos: 'Wat moet ik toch met mensen, die de mooie, vredige natuur slopen ten behoeve hun egoïstische consumptiedrang?' Verstild keek naar de natuur welk antwoord het mij gaf: GROEIKRACHT. Hoe gehavend ze ook wordt, stééds weer groeit ze uit, veerkrachtig, onverstoorbaar... tot het niet meer mogelijk is en dan geeft ze zich zonder verzet over aan de dood.
Dát is nog eens inspirerend: focus op groeikracht en overgave.

Nothing to prove. Nothing to own.
No one to be. Nowhere to move.
Already home. Already Free.
Let’s just stay in the cave of the heart today
and bask in this ever-present love.
- Kirtana-

In de sociale isolatie ervaar ik vrijheid. Speelruimte om de beweging naar binnen te maken, steeds opnieuw. Onvoorwaardelijk kiezen voor wat ik van waarde vind. Volle aandacht voor een bloem of het prachtige mos met jonge lijsterbes erin, de vele vogels, de ‘bonte vliegenvangers’ in het nestkastje, de eekhoorns, het egeltje, samen koffie drinken in de zon, verstillende muziek, nadenken, mediteren en... niks doen! Niets presteren! Goddelijk!
Klein Léven. Het grote in het kleine zien!

Aan de bosrand van het gehuchtje Montesquieu des Albéres staan we prettig afgezonderd van verkeer en mensen. Zoals altijd vinden we dit heerlijk en dat komt in dit corona-tijdperk goed van pas. We volgen het nieuws, maar de snelheid van de veranderingen door de virusuitbraak in Europa is bijna desoriënterend. Maatregelen volgen elkaar in hoog tempo op. Ook zien we de historische toespraak premier Rutte.

De volgende dag komen er een man en vrouw naar onze camper gelopen. Het zijn Nederlanders. We communiceren met het raam op een klein kiertje, zodat we allemaal beschermd blijven. Zij wonen in dit minuscule dorpje en stellen ons op de hoogte van de nieuwe regels van een ‘lockdown’: niemand mag meer naar buiten, óók niet met de auto, behalve naar de supermarkt, voor apotheek of ziekenhuis, om te mantelzorgen of voor het werk als telewerken niet mogelijk is. Daarnaast mag je in je woonplaats bewegen (maar niet groepsgewijs) ten behoeve van jouw gezondheid of die van je huisdier…. (In Spanje is t nóg strenger, dus we boffen dat we naar Frankrijk gegaan zijn) Bij alle bewegingen moeten we in bezit zijn van een ingevuld formulier, een ‘verklaring van uitzonderlijke beweging’. Deze behulpzame mensen komen ons printjes brengen van dit formulier, zodat we een beetje bewegingsvrijheid hebben. Zo vriendelijk!

In onze levensstijl verandert met de nieuwe maatregelen niet veel, maar nu is het dus verplicht. Dat voelt wel net effe anders, onvrijer.
Na 2 dagen regen en kou wordt het weer zonnig en 20 graden. Buiten koffie drinken mag helaas niet meer en met de wandeling met Pinke moet ieder van ons een ingevuld formulier meenemen. Vanuit de camper kunnen we direct het bos in voor ook langere wandelingen, zonder dat we gecontroleerd zullen worden. Toch ietsje vrijer.

Net als iedereen worden ook wij ons per dag meer bewust hoe bedreigend dit virus kan zijn, met name voor een kwetsbare groep, waartoe Klaas ook behoort. Hij kan er dood aan gaan, maar hij kan er ook zó ziek van worden dat ie wel een jaar aan het herstellen is! Daar zitten we natuurlijk niet op te wachten. Klaas zegt droog dat hij voor beiden geen tijd heeft, ‘want mijn boek is nog niet af’.

Ons nieuwe reisplan, ‘een beetje toeren door Frankrijk en dan meteen door naar het uitgestorven Lapland’, is alweer snel van de baan. Na Spanje en Portugal hebben de Scandinavische landen al snel ook hun grenzen gesloten. We zijn natuurlijk ook wel wat naïef geweest. We dachten dat we in Spanje onvrij zouden zijn door de nieuwe regels, maar hadden kunnen bedenken dat dat ook in andere landen zou gaan gebeuren.
Ondanks de oproep van het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken om terug naar NL te keren, voelen we ons daartoe niet genoodzaakt. Immers: we zijn hier in de warmte en in afzondering veiliger voor dat virus dan in NL. Daarbij zijn inmiddels ook de Franse grenzen gesloten, dus we zitten hier ‘vast’. Met wat aanpassingen hebben we genoeg voorraad voor een maand, dus besluiten we om zo lang mogelijk hier te blijven tot het in NL warmer is en de grenzen weer open zijn.
De gendarmerie spreekt een aantal keer jongeren uit het dorp aan die basketballen of tennissen op ’t nabije sportveldje. Ons spreken ze niet aan, dus blijkbaar worden we getolereerd.

Elke dag komt het Nederlandse stel (met hun honden) langs of we iets nodig hebben, ook zij zitten verplicht thuis… Ze blijken een campingwinkel te hebben, maar deze gaat voorlopig niet open. En ach ja, nu we voor onbepaalde tijd in het zuiden zitten: mijn hagelslag is bijna op… De ochtend beginnen met een kop koffie en een boterham met hagelslag stemt me zó tevreden! Dus we kopen dit uit hun voorraad van de campingwinkel. Hagelslag! Zelfs hier voorziet het universum in. 😉

Na een paar dagen komt een man die zich voordoet als de burgemeester en zegt dat we hier niet mogen staan. Gezien de bijzondere omstandigheden dat we de weg niet zomaar op mogen, hebben we hier wat minder begrip voor dan normaal. Onze instelling ‘onze vrijheid eindigt als de vrijheid van een ander beperkt wordt’ maakt dat we toch vertrekken.
Maar niet halsoverkop. Ik neem even de tijd om teleurstelling toe te laten, om daarna mijn aandacht te richten op vertrouwen wat ‘het lot’ brengt.
Bij een laatste contact met de Nederlanders vertellen zij overigens dat de ‘echte’ burgemeester een vrouw is… Ondanks dat besluiten we weg te gaan, maar waar naar toe?
Op internet hebben we gelezen dat camperaars op het speciale formulier ‘Retour aux Pays-Bas’ kunnen zetten en dan, alleen in de kortste route, naar huis mogen rijden. Kortom: vrij reizen kan dus écht niet meer! Er wordt in Frankrijk flink gecontroleerd en boetes uitgedeeld. Gelukkig vinden we 2 km verderop een ander natuurlijk plekje, vanwaar we ook weer andere wandelingen kunnen maken.

Lezend in de stilte van de nacht komt ineens op dat wanneer een gastland zo’n groot gezondheidsprobleem heeft, wij niet tot last moeten zijn. Het is een laveren tussen ons individuele belang en het groepsbelang. In Spanje lopen de besmettingen en doden in schrikbarend tempo op en wie weet hoe dit voor Frankrijk gaat lopen. Stel dat één van ons ziek wordt, dan zou het heel onprettig zijn om in deze tijd hun zorgsysteem extra belasten.
Als Klaas wakker wordt drinken we een kop thee, zoals we wel vaker ’s nachts ‘een breakje doen’ en ik vertel mijn ingeving. Tevens filosoferen we over wat deze memorabele tijd kan gaan brengen in de toekomst. Wat zijn de lessen voor het individu en de maatschappij? Zal het een bewustzijnssprong geven in hoe mens en natuur met elkaar verweven zijn?

Ook Klaas erkent dat we de terugweg naar NL aan moeten vangen, alleen niet gejaagd. Elke dag een stuk noordelijker rijden en nergens meer boodschappen doen. Onderweg worden we door de gendarmerie gevolgd of aangesproken: het is duidelijk, we zijn niet meer welkom. De reis verloopt soepel, ook bij alle grenzen.
Frankrijk is zo uitgestorven, dat kuddes reeën overdag op de velden lopen. Later merken we dat het in NL druk is op de weg, alsof er niks aan de hand is. Het is een rare ervaring hoe de maatregelen per land verschillen en dat in één Europa.

Woensdag 25 maart komen we aan op ons perceeltje in Drenthe. We boffen met ons 2500m² bos, waar we alle comfort en ruimte hebben. Het is zó passend om na al die kilometers asfalt terug te keren naar de natuur. Daarbij is het ook fijn dat we niet hoeven verkassen naar een huis, maar lekker in ons knusse mobiele huisje kunnen blijven.
Toch moeten we erg wennen. De snelle overgang van zuid Frankrijk naar hier zijn we niet gewend. Het is hier koud en kaal, maar de dikke knoppen beloven een spoedige lente.

Terug in dit volle landje is de grote invloed van de (zogenaamde) welvaart ten koste van de natuur een afknapper. Na het natuurschoon de afgelopen 5 maanden, valt met de wandeling door ‘ons’ recreatiebos opnieuw de aantastingen op: gesloopte beplanting, grasvelden, grote huizen op kale percelen, de vele hekken om perceeltjes, gedumpt afval, pallets met stoeptegels, klaar om nóg meer natuur te beteugelen… Alles voor de controle van de mens. Een bos is zo snel vernield en duurt zo lang voor het weer terug is. Mijn ‘hekel aan mensen’ komt in alle hevigheid omhoog. Een diepe teleurstelling in de mensheid, waar Klaas ook geregeld onder lijdt, is nu mijn deel.

Weken vertoeven we in Cabo de Gata, een semi-woestijnachtig, UNESCO biosfeer-reservaat in het meest zuidoostelijke puntje van Spanje, met oude vulkanen, steppen, uitgedroogde rivierbeddingen en woestijnvegetatie.
Wij kennen dit als een warm, verdroogd, stenig, kaal gebied, terwijl het wel een schiereiland in de Middellandse zee is. Maar… er zijn afgelopen winter merkbaar 4 stormen met veel regen over de Spaanse oostkust gekomen, want alles is nu prachtig groen, met ontzéttend veel bloemen, wel 10 soorten in de meest mooie kleuren. WAUW!
Verschillende  bijzondere plekjes tussen de groene bergen worden ons gegund, zónder weggestuurd te worden. Kuiertjes langs zee, met voor de kust talrijke, rotsachtige eilandjes waar de branding zich op stort, de ene dag woester dan de andere. We wisselen het af met wandelingen tussen de groen begroeide bergen, met uitbundig bloeiende gele, paarse en rode bloemen in meer dan 10 soorten: ongekend! Lavendel en tijm ‘vecht’ om onze geurzinnen te prikkelen.
Met temperaturen van 28 graden en vól in de zon is het warm!!
Koffie drinken aan baaitjes, waar het rijke onderwater leven schitterend te observeren valt: zee-egels, koraalsoorten, zee-anemonen en nog véél meer! Verstild kijken we toe hoe een kwalletje in de tentakels van een anemoon ingesnoerd wordt en een harig krabbetje probeert mee te profiteren van deze traktatie…


Dankbaar genieten we van de verrassingen van dit gebied en in volle overgave aan ons teruggetrokken leven, volgen we wel steeds de corona-perikelen in de wereld. Waar de natuur al eeuwen onderhevig is aan ziekten en (uit)sterven, schrikken wij mensen wanneer het zich ook onder onze soort openbaart. En logisch: ons oerbrein reageert sterk op dreiging!
Onze plannen om het voorjaar in Nederland door te brengen passen we aan, omdat Klaas met zijn leeftijd en onderliggende long-, hart- & vaatproblemen tot de risicogroep behoort. Onze quarantaine-leefstijl van de afgelopen 4,5 maand door zetten is geen straf: Wat langer in het warme zuiden blijven, NL overslaan en meteen door naar Scandinavië. Geen familie- vrienden bezoeken, maar… ook geen kleien voor Klaas! Het probleem met kleien onderweg is dat het vrijwel onmogelijk is om werkstukken te laten drogen en te vervoeren. Een idee dat stilletjes in Klaas borrelt komt ineens met enthousiasme naar boven: kleien in de natuur! Hij gaat werk op locatie achter laten. Sterker nog: we hebben 2 kg klei bij ons, dus is hij meteen begonnen! Een groot gevoel van vrijheid bruist, dat we wèrkelijk overal kunnen leven, in verbinding met onze passies. Wie het leuk vindt kan binnenkort deze ontwikkelingen bekijken op het foto-blog: www.clayaway.eu


In Noord-Spanje  gaan een aantal regio's van ‘groen= veilig’ naar ‘geel= veiligheidsrisico’, en daarom besluiten we vast noordwaarts te rijden. Tijdens het boodschappen doen, zie ik hoe er gehamsterd wordt!  Wc-papier en 8 liter drinkwaterflessen met name, maar ook groenten en vlees(vervangers) waren nagenoeg op. Na het bezoek aan 3 verschillende winkels hebben we genoeg om, met wat aanpassingen, ons 3-4 weken terug te trekken.
Onderweg volgen de ontwikkelingen elkaar in hoog tempo op: Noodtoestand Spanje, verboden de straat op te gaan, Frankrijk code geel en Scandinavische landen die grenzen sluiten…

Ons brein heeft (héél simpel gesteld) twee systemen om informatie te verwerken:
* het oerbrein (reptielenbrein), dat werkt met instincten en emoties
* het mensenbrein (de hersenschors), dat werkt met analyse en verstand en één grote rem op de instinct en emoties is.
Natuurlijk wordt ook bij ons het oerbrein geprikkeld, omdat woorden als ‘noodtoestand, besmettingen en doden, hamsteren en politiecontroles…’ dat nou eenmaal doen. We besluiten om meteen 1000 km noordelijk te rijden. Twee intensieve, lange rijdagen! EN we zijn niet de enige!! Véél campers op de weg, allemaal met dezelfde gedachte: ‘Straks sluiten ze de grenzen en misschien wel voor maanden.’
Op de gemoedelijk, kleine camperplaats in Le Boulou, nét over de Spaans-Franse grens stroomt het vol met wel 150 campers. Op alle plekken rondom begraafplaats en sportveld staan de ‘witte koelkasten’, om ’s ochtends weer vroeg te vertrekken naar het thuisland.

Moe van de impulsen en acties vanuit ons reptielenbrein, zijn we blij dat het gezonde verstand weer de leiding heeft: terug naar onze eigen, aangename manier van leven: good -old- quarantine. Bevalt uitstekend!

Het oerbrein is een olifant. Het mensbrein is de persoon die op de olifant zit.
Het is de kunst om het oerbrein te temmen.

We blijven voorlopig in Frankrijk, waar we best 'vast' willen zitten, indien de grenzen gesloten zouden worden. Vanwege de kou bij onze winterreizen, was het steeds een doorreisland, maar nu kunnen we er lekker de tijd voor nemen.
Al is het wel even wennen met maar 16 graden…
Inmiddels is ook Frankrijk 'sociaal op slot'… onze normale stand. Wat een rijkdom dat we het met onszelf en elkaar zo goed hebben, dat 'sociale isolatie' totaal niet confronterend is! Dat is in mijn leven ook héél anders geweest…

We zien hoe de wereld zich ontwikkelt. We hopen nog lichtelijk dat we voor juli toch naar Lapland kunnen, maar er is momenteel geen pijl op te trekken. En anders keren we te zijner tijd terug naar ons bosperceeltje in Norg… Hoe erg is dat?

We voelen ons erg tevreden dat onze stappen de afgelopen jaren voor ons zo goed uitpakken, ook nu. Dankzij mobiel internet blijven we op de hoogte, kunnen alle contacten doorgaan en via Buitenlandse Zaken ontvangen we de reisadviezen per land.
De komende tijd verblijven we aan de voet van de Franse Pyreneeën en dan volgen we de lente omhoog. Via een aantal D-weggetjes hebben we nu een stil, afgelegen plekje niemandsland gevonden, waar de vogeltjes fluiten, een zonnetje schijnt en stilte overheerst.  In vertrouwen van wat het leven ons brengt.

Zijn wij te midden van de natuur altijd harmonieus? Nee!!!
Klaas en ik hebben begin februari namelijk een díkke, díkke clash. Door dichter bij ons gevoel te leven, is vluchten van ongemakkelijke emoties ook moeilijker… en vragen beperkende overtuigingen, soms via een conflict, om ontmanteling. Na een woordenwisseling is Klaas boos op mij, of zoals hij zelf zegt verdrietig. Na eerst ieder afzonderlijk gewandeld te hebben, hangt er in de camper 3 uur lang een ijzige stilte. We moéten iets. Dit is niet te doen! Zo intens samenleven in een kleine ruimte creëert een soort snelkookpan. Dus wat doen we? Uitpraten of uit elkaar gaan… en Klaas wil alléén, met de trein naar huis: einde huwelijk!
Aiii.
Op het laatste moment brengt één zinnetje van een oude relatietherapeut een opening: ‘Wanneer je in een kort confrontatiemoment de relatie wil wegdoen, dan is dat een overdreven, onvolwassen reactie, die wijst op een pijn uit het verleden.’
Klaas ziet het plots. Hij begint te lachen en daarna te huilen. We huilen samen, om wat ons pijn doet. En onderliggend voelen we weer hoe onze harten nog altijd diep verbonden zijn. De dagen daarna moeten we bijkomen van de heftigheid en gaan we ieder aan de slag met de inzichten die we hebben gekregen. Dus… de reis samen gaat weer verder!

Klaas bezichtigt ‘als tussendoortje’, aan de rand van Sierra de Grazalema, een prachtige grot Cueva de la Pileta, die in 1905 in een grijs-wit kalkstenen massief werd ontdekt. Het grottenstelsel heeft 150.000 jaar geschiedenis. Er zijn honderden prehistorische rotstekeningen gevonden die verschillende tijdperken vertegenwoordigen. Behalve de vinger- en handafdrukken en de ‘normale’ dieren die zijn afgebeeld, staat Pileta vooral bekend om de vissen, waarvan sommige bijna 2 meter lang zijn. De oudste grottekening zou 42.000 jaar oud zijn, maar Klaas betwijfelt dat… De gids vertelt er bevlogen over en het sluit helemaal aan bij Klaas zijn schrijfproject, over hoe mensen in het verleden tegen de wereld aankeken.
Voor mij zou deze grot ook zéér de moeite waard zijn vanwege de ondergrondse meertjes en ruimten met pegelvormige druipstenen, met zowel stalactieten (aangroei aan het plafond) als stalagmieten (groeien vanaf de bodem omhoog). Tóch maak ik een andere keuze. Geraakt in mijn diepste pijn blijf ik in de camper om wat in mij leeft aan te gaan. Zo’n indrukwekkende grot trekt de aandacht weg van mijzelf. De behoefte aan de verbinding met mijn hart geef ik voorrang, terwijl ik buiten uitkijk over een prachtige, begroeide rotsformatie, wat me enorm helpt.

Voor het eerst bezoeken we het natuurreservaat El Torcal de Antequerra. WAAN-ZIN-NIG MOOI! Één van de mooiste en indrukwekkendste geologische natuurparken van Spanje. De spectaculaire kalksteenformatie geeft haast een surrealistisch gevoel.
De eerste dagen is het mistig waardoor alles zwart-wit-grijs kleurt. Het is glibberig glad, wat griezelig is, maar ook dat draagt bij aan de mysterieuze atmosfeer. Geweldig om te ervaren.
Wanneer de zon doorkomt wordt zichtbaar hoe groots het is. Bizar indrukwekkend! De karstformaties tonen zich nu zachter bruinachtig van kleur.
We maken diverse wandelingen te midden van gigantische rotspartijen, soms létterlijk door een groot rotsblok heen. Ook lopen we een paar keer door een weelderig begroeide kloof. Wat is het afwisselend. We kunnen het niet bevatten. De beelden kunnen we niet opslaan in ons brein, het is teveel buiten ons kader. De foto’s moeten langzaam laten inslijpen wat we gezien hebben.
Wanneer ik 's ochtends vroeg in m'n eentje Pinke even uitlaat, vraagt een zwartgeklede, duistere jongen  me of ik de ‘mountain ghost’ heb gezien en gebaart me mee te lopen. Aarzelend doe ik dat en dan wijst hij ze aan: the mountain goats! 🙂 Vooroordelen: wie is er niet groot mee geworden.
Het is een grote groep steenbokken in alle leeftijden. Deze karakteristieke groepsdieren zijn nieuwsgierig en blijven toch op gepaste afstand. Ontzettend leuk om hun gedrag en de omgang met elkaar te aanschouwen.
De vierde dag wordt ons gezegd dat we op het (geasfalteerde) parkeerterrein de nacht niet mogen doorbrengen... zoals we eigenlijk wel weten. Zo is het in Spanje, ze staan het toe (in de wintermaanden) en voorkomen dat het massaal wordt. En dat is ook in ons belang, dat het niet massaal wordt!

Het kan niet op! Na deze imponerende karstformaties rijden we naar de Sierra Nevada. De Spaanse besneeuwde bergketen met 16 bergtoppen van meer dan 3000 meter. Wij verblijven op 1500 meter, op een doodlopend onverhard weggetje. We kijken uit over een groengrijs, droog landschap met her en der gele brem en roze en wit bloeiende amandelbomen. Loslopende koeien, geiten met schaapshonden, steenbokken en zwijntjes proberen allemaal nog wat eetbaars te vinden, maar het landschap wordt in de loop der jaren steeds schraler. We zijn terug in het gebied van geitje Wiep, maar we herkenden elkaar niet meer.
(Klik hier voor het avontuur van 3 jaar geleden - PDF in Nederlands)
We ademen de stilte, met continue meditatief klingelende koeienbellen op de achtergrond. Het lijkt wel Tibet.

Wat zijn wij ongelooflijk verwend dat we zo veel tijd verblijven in zulke fantastische gebieden! We merken ook wel dat onze standaard steeds hoger wordt…
Naast wandelen, lezen en schrijven zijn er nog tal van andere activiteiten passend: brood en koek bakken, brandhoutjes sprokkelen, steentjes zoeken voor een creatief project en af en toe wat camperklusjes. Al gauw vinden we de hoeveelheid actie wel weer genoeg! Terug naar studeren, mediteren, weerstanden onderzoeken en verwerken, lief hebben en natúúrlijk koffie drinken en lekker eten.
Op deze manier van leven zijn we nog steeds niet uitgekeken! Het brengt ons meer en meer… Wat een rijkdom om zo vervuld te zijn door eenvoud.

We hebben weer nieuwe stukjes ontdekt en bekende stukken herontdekt in de Sierra de Grazalema, het gebied dat ik eerder beschreef: een klein, zeer afwisselend gebiedje met kale bergruggen van kalksteen, diepe ravijnen, steile rotswanden waar de gieren in groepen rondcirkelen. PRACHTIG! Wat is er toch veel te zien en te beleven! Wandelen, observeren, fotograferen en filmpjes maken.
In natuurparken mogen we niet overnachten, dus moeten we elke dag verkassen. ’s Nachts verblijven we meestal in de mooie, maar rumoerige witte dorpjes. Een enkele keer smokkelen we een nachtje en blijven we staan, onopvallend verscholen achter een berghellinkje.

Na ruim een week zijn we overvoerd door indrukken. Om dat alles te verwerken rijden we een uur zuidelijk door Parque de los Alcornocalis, zónder ook maar een dorpje tegen te komen. We parkeren op een afgelegen plekje.
De Alcornocalis is het meest zuidelijk gelegen beschermde gebied van Spanje van 165.000 hectare groot. In dit gebied groeit heel veel kurkeik, zo’n 380.000 stuks schijnt, ook de betekenis van de naam Alcornocalis. Door de hoge vochtigheid (ook in de zomer), groeien er veel bloemen en planten en is een groot deel van het gebied bedekt met bos en beboste rotsen en bomen. De rust die er heerst is onvoorstelbaar voor ons Nederlanders.
Er zijn vele vogels; arenden, wouwen, zilverreigers, gieren, ooievaars, maar ook uilen en ijsvogels. Daarnaast loopt er rundvee los en knorren hier en daar wilde zwijntjes.
Het is er sereen. Ook is er nauwelijks mobiel bereik, dus geen internet. Whoei, wat gaaf om zo afgelegen te verblijven!

Eckhart Tolle:
We zijn niet alleen voor ons lichamelijke overleven afhankelijk van de natuur. We hebben de natuur ook nodig om ons de weg naar huis te wijzen, de weg uit de gevangenis van ons eigen verstand. We zijn verdwaald in doen, denken, herinneren, verwachten- verdwaald in een doolhof van complexiteit en een wereld van problemen.We zijn vergeten wat stenen, planten en dieren allemaal nog weten. We zijn vergeten te zijn – stil te zijn, onszelf te zijn, te zijn waar het leven is: Hier en Nu.

De laatste week van januari komt regen met de bakken uit de hemel en waait het hard. Terug naar de westkust van Costa de la Luz is niet aantrekkelijk. We vinden beschutting én verharde ondergrond aan de achterkant van het pittoreske bergdorpje Castillo de Castellar.
Daarna willen we een weekje strand aan de Middellandse zeekust, maar het lukt ons niet meer goed. We worden steeds gevoeliger voor die bebouwde wereld. Alles is gericht op gemak en consumptie. Mensen zijn onrustig en maken lawaai…
Die wereld komt steeds verder van ons af te staan. Na 2 dagen hebben we hoofdpijn, opgetrokken schouders en voelen we ons kriebelig. Het is alsof het lichaam zegt: hier hoor je niet thuis. Dus met voor 2 weken boodschappen vertrekken we weer naar de Los Alcornocalis en Sierra de Grazalema, ditmaal de oostkant. In de vrije natuur ontspant het lichaam langzaam weer.

In Zuid Portugal staan we in het kasteeldorpje Mértola. Een garage gaat hier onze koelwaterlekkage oplossen. Zo’n kleine, propvolle dorpsgarage, waar de eigenaar mij zelf de camper in en uit laat rijden, want de kans om iets te raken is reëel.
De garage-eigenaar is vriendelijk, maar enorm druk bezig. Door verkeerd bestelde onderdelen moeten we een week wachten tot de (vier uur durende) reparatie. Ik blijf erbij aanwezig om de camper zo nu en dan te verplaatsen.
Pas tegen sluitingstijd is de camper klaar en ben ik bekaf. Waarom? In mijn hoofd hadden allemaal negatieve gedachten rondgewaard: Ben ik wel vriendelijk genoeg? Zijn we hem tot last in zijn drukke bedrijf? Buiten we hem uit, door hier in Portugal de reparatie te doen? En deze gedachten hadden zich herhaald dat het een lieve lust was, in allerlei afgeleide vormen. Mijn patroon is om deze negatieve gedachten weg te duwen, want wat moet ik ermee? Maar… ónbewust zuigen ze mijn energiesysteem leeg. BAH! Zo klaar mee! Dus ik doe mijn oefeningen om niet behulpzame gedachten los te laten en mijn breinverbindingen (lees: patronen) te herprogrammeren.

Toevallig ontmoetten we hier plots een camperstel, voor de derde keer in vijf jaar! Na een spontaan, vrolijke ontmoeting spreken we af op een later moment. Daarna vóel ik ook meteen een onrust, want… de negatieve gedachtemolen gaat geheel vanzelf weer volop aan het draaien: 'Ben ik wel leuk? Ben ik ze niet tot last? Ben ik te druk? Ben ik wel gastvrij genoeg? Of dring ik me teveel op?'
En ik besef: Na die garage ervaring en mijn besluit dat ik dat ècht anders wil, heb ik hier een geweldige leersituatie. Ik ben me zowèl bewust van mijn verkramping, als van mijn diepe verlangen om mezelf hiervan te bevrijden. Dat wakkert moed aan om de kennis en vaardigheden die ik heb in te gaan zetten tijdens dit contact.
Na het tweede contact van 1,5 uur loop ik volledig vast in mijzelf, wat de campervrienden vermoedelijk totáál niet doorhadden, want ik ben (helaas) wel een talent in mijn gevoel verbergen. Bij Klaas tijdens lunch en wandelpauze, erken ik mijn wanhoop en kan ik met Klaas delen wat er in me omgaat. Zo wordt me helder: mijn diepste verlangen is om me liefdevol met mijzelf te verbinden, wanneer ik in contact ben met anderen.
En Klaas? Die luistert en gaat verder zijn eigen gang, ongestoord, zonder schuldgevoel of wat dan ook! Wát een voorbeeld! Hij ziet me struggelen, lost niks voor me op (want dat kan toch niet) en is àltijd beschikbaar als klankbord. What a guy!
Tijdens een derde samenzijn, wanneer de anderen het woord voeren, kan ik binnen in mij de rust nemen om me te verbinden met mildheid, met onvoorwaardelijke acceptatie voor mijzelf, waarin ik niets afwijs van wat uit mij voortkomt, maar erkennen en omarmen. En… dat voelde zó fijn, ontspannen, zo vriendelijk. Terwijl ik dit schrijf ontroert het me nòg. En… het samenzijn werd fijn en intens, met openheid, sprankeling, interesse, waardering naar elkaar en onszelf.

De volgende dag scheiden onze wegen weer, zonder beloften, in alle vrijheid, zoals dat gaat bij camperaars. Nagenietend trekken wij ons terug in een stil stukje natuur bij Foz de Odeleite.
Het óntzettend bijzondere was dat er nu, ná de ervaring van onvoorwaardelijke liefde voor mijzelf, ineens een vriendin, die eerst nog wat op afstand was, een audio bericht stuurt met een overweldigende, liefdevolle boodschap waar ik diep door geraakt word. De liefde die door haar heen mijn kant op stroomt, toont mij ineens ‘die grote, universele bron van liefde’ van waaruit wij ontstaan zijn. Het is ontzagwekkend, deels zelfs eng. Er is een hartsverbinding die mijn verstand te boven gaat, die me hartkloppingen geeft van de zenuwen… als ik me overgeef aan deze bron, verlies ik alle (bedachte) controle.
En tegelijk is er een diep verlangen naar stil gewaarworden hoe het mijn hart vult.

‘Het is ons licht, niet onze duisternis die ons het meest bang maakt.’

Na een paar dagen in een soort van parallelle wereld, word ik weer met beide voeten op de grond gezet door noodweer met heel, heel veel regen, giga onweer en flinke wind. We nemen 2 stadse dagen, beschut en op harde ondergrond. We doen boodschappen, de wasserette en bloedcontrole voor Klaas, waarvan de uitslag weer goed is.
We gaan de grens over naar Spanje, Andalusië, en rijden door een overstroomd gebied in Huelva naar Mazagón. We strijken neer aan de rand van National Park Doñana, op een afgelegen parkeerplekje in een pijnbomenbos. Plots, zo extreem als Spanje kan zijn, slaat het barre herfstweer om naar een stralende zon en 20 graden! WOW! Bizar! Maar wat héérlijk!
Een 500 meter kronkelend wandelpad door het bos, leidt naar de Atlantische oceaan. De branding moet nog tot rust komen en buldert terwijl we in de zon lopen. De dagen erna zijn als uit een vakantiebrochure: We drinken onze koffie op het duin, met achter ons 100 meter hoge goudgele kliffen, ertussen de uitlopers van het bos en voor ons een leeg strand en de aanrollende golven. Het is genieten dat hier de gele brem weer begint te bloeien en dat op 21 december, de kortste dag! Naast zowel strand- als boswandelingen en meditatieve stilte, richten we ons ook weer op geïnspireerd schrijven. Woorden die in ons opborrelen, gevoed vanuit inspiratie, naar buiten laten stromen via onze vingers op de toetsen… Màchtig mooi!
Naast onze eigen schrijfprojecten hebben we ook een 5 daagse schrijfmarathon voor de bosvereniging. Ook dat hoort bij ons idealisme. Twee beleidsstukken, met onderbouwende bijlagen. We genieten van het sámen schrijven en elkaar aanscherpen tot degelijke inhoudelijke stukken, al doen zich hier ook de zware laatste loodjes voor.

We verblijven hier twee weken tot in het nieuwe jaar. Paradijselijk! Samenzijn in ons sfeervolle huisje, onze kleine, veilige tribe, geheel los van tradities die niet meer echt de onze zijn, zoals kerst en oudjaar...  het begrip tijd gaan we steeds meer doorzien en ervaren we als een hulpmiddel, niet meer als een leidraad in het bestaan. Onze traditie is de film Gandhi bekijken, dat doen we jaarlijks en is ook nu weer erg inspirerend. WAUW!
Het nomadenbestaan is iets wat maar weinig mensen zich werkelijk voor kunnen stellen: de vrijheid, natuur, tijdloosheid en vrijelijk ruimte geven aan het verlangen wat diep in ons leeft. Volgens mij is dit de bedoeling van het leven: het hartsverlangen volgen en àlles aangaan wat daarbij op ons pad komt.

Na onze tweewekelijkse boodschappen in het drukke Sevilla, gaan we rondzwerven in de bergen van Sierra de Grazalema. Het is een klein, uitermate afwisselend natuurgebied met kale bergruggen van kalksteen, diepe ravijnen, steile rotswanden waar de gieren in groepen rondcirkelen, met bos begroeide valleien, kabbelende riviertjes en weides met bloemen en zoemende insecten. Het is het natste gebiedje van Spanje en daarom prachtig groen, maar komende weken droog. De nachten zijn in deze tijd rond het vriespunt. Opstarten met houtkacheltje, maar overdag meestal zon en ongeveer 15 graden. Áls we dat willen, kunnen we elke dag een nieuwe wandeling doen in uiteenlopende sferen, maar ook in de camper verblijven we continu in een geweldige omgeving.

De provincie Alentejo wordt het best bewaarde geheim van Portugal genoemd. In het zuidoosten ligt het vrijwel onbewoonde natuurpark Vale do Guadiana. Het gebied wordt doorsneden door de Rio Guadiana, de op drie na grootste rivier van het Iberisch schiereiland.

We parkeren midden in dit natuurgebied, na een lang hobbelig weggetje, 20 km vanaf van de doorgaande weg. Een cultuurlandschap met steppeachtige heuvels en verspreid staande steeneiken die schaduw bieden aan de schaapskuddes. Verwilderde stukken met een mengeling van zonneroosjes, eucalyptusbomen, wilde cipressen, oude eiken en hier en daar een ruïne, afgewisseld met een boomgaardje van grasgroene pijnbomen.
Het uitzicht is zó vredig en de stilte weldadig. Er is hier zo’n balans tussen landbouw en natuur, dat dit aangenaam doorwerkt in onze eigen energiebalans tussen arbeid en rust. Ondanks het onbewogen beeld, blijven we ernaar kijken.

Plots zien we vlakbij een 25 cm roodbruine vogel met ‘zebrastrepen’ op zijn vleugels, die met een lange, dunne snavel, in een geploegd stukje heuvellandschap pikt, op zoek naar insecten. Omdat alles zo meditatief werkt, gaan we op in de observatie alsof dit ‘t enige is dat bestaat.
We kennen dit vogeltje niet en het blijkt een hop te zijn. De site van de vogelbescherming leert ons dat het beestje de laatste 50 jaar in Nederland nagenoeg niet meer voor komt, vanwege de intensieve landbouw. Het Iberisch schiereiland is zijn belangrijkste broedgebied geworden, omdat de hop kritisch is en afhankelijk van zeer extensieve landbouw in een rijk oud cultuurlandschap met veel oude bomen en vervallen bouwsels. Laat dit nou de perfecte omschrijving van dit gebiedje zijn!

De nachten vinden we fris. Tijdens de ochtendwandelingetjes met Pinke is het zo’n 7 graden, wanneer de zon net over de heuvels uitpiept. In de middag loopt de temperatuur op naar zo’n 15 graden. Wel is het nagenoeg de hele week droog. We beginnen elke dag met brandend houtkacheltje en gelukkig kunnen we hier weer een hele voorraad brandhoutjes bij elkaar sprokkelen. In de middag stijgt de temperatuur in de camper door de zon naar 25 graden, staan de ramen open en voelt het zomers.
We maken een 3 uur durende wandeling door een stuk beschermd natuurgebied, met een hoge moeilijkheidsgraad, soms blijken we te moeten klauteren. Het begin van de wandelroute begint bij ‘Anta das Pias’, een vijfduizend  jaar oud hunebed dat bijna onvindbaar is tussen de begroeiing, maar Klaas zet door en we vinden hem. Dan vervolgen we het glooiende karrepad, tot we plots overzicht hebben over de vallei waardoor de rivier de Guadiana stroomt. Het is zonnig en blijkbaar heeft het nog weinig geregend, want de rivier is vrij smal. Een mooi graspaadje leidt ons naar beneden, naar de ruïne van een verborgen en vergeten watermolen in het midden van de rotsachtige kliffen… die we dus ook niet vinden.

Pinke is geboeid door alle geurtjes op de route. Soms draalt ze, kijkt ze ons aan en wil ze niet verder lopen. Ik til haar in de buidel en op een gegeven moment moeten we verder klauteren over de rotspunten. Dan lopen we onszelf vast op de rivier en zullen een stuk terug moeten, waar ik wat van baal, omdat het onhandig is met zo’n 7 kilo Pinke in de buidel om mijn nek. Ik spoor mijzelf aan om eerst de waarde van dit moment te ervaren. We gaan op de rotsen zitten en Klaas schenkt onze koffie in, mueslirepen erbij die 2 jaar over datum zijn, maar nog altijd prima smaken. Het is fijn dat we nu echt om ons heen kunnen kijken, want onderweg moeten we steeds opletten waar we onze voeten neerzetten.
Er komt een luidruchtige sportklas aan en we laten hen de route uitvinden, handig! Ineens valt me op dat ze de route nemen die Pinke eerst nam, maar terug kwam om bij ons te blijven. Ik realiseer me dat zij stééds al het spoor van eerdere wandelaars volgde, maar dat ik te druk was om ‘zellúf’ de controle te houden, zodat ik dat volledig over het hoofd heb gezien! Goh, die Pinke! Het is een échte hond!
Dit gebiedje nodigt uit tot beschouwing: van het pad afraken kan ook vertaald worden naar vaste patronen loslaten. Eerst voelt het ongemakkelijk of inefficiënt, maar daarna wordt de waarde ervan zichtbaar, omdat er nieuwe zienswijzen ontstaan en het geeft juist de jeu aan het leven. Uit patronen stappen is dus juist heel effectief, om te voelen dat we wérkelijk leven.
Na een half uurtje pakken we de wandeling weer op en ik geniet er enorm van, nu ik zie hoe Pinke alle (zij)paadjes afsnuffelt en steeds de juiste weg vindt! De ongerepte vegetatie is geweldig en regelmatig blijf ik even achter om foto’s te maken van die twee lieverds van me, in dit landschap. En hoppakee, Pinke komt meteen terug. Ze gaat midden in de afstand tussen mij en Klaas staan, kijkt op en neer omdat ze de roedel bij elkaar wil houden. Goh, wat ontroert dit huishondje me met haar natuurlijke instinct.
Na 2 uur bereiken we de belangrijkste oneffenheid in de stroom van de Guadiana, de waterval van ­Pulo do Lobo, zo aangeduid omdat de oevers van de rivier elkaar zo dicht naderen dat de rivier in een sprong kan worden overgestoken. Pulo do Lobo betekent sprong van de wolf, maar we proberen het niet, want het is écht niet zo makkelijk als het lijkt.
Deze waterval begon zich in de ijstijd 110.000 geleden te vormen en heeft een smalle afgrond waar het water van de Guadiana naar beneden stort. Dit hoogteverschil is het gevolg van de effecten van verschillende geologische tijdperken. Het water klokt en bruist door muren en gaten van geërodeerde rotsen omlaag.

Ruim een week staan we met onze hippiecamper op een parkeerplaatsje, 100 meter buiten het verlaten gehuchtje Pias. De 10 witte vervallen huisjes en net zoveel stallen doen ons dromen over een zelfvoorzienende woongroep hier in het achterland van Portugal. Een enkele schapenboer komt dagelijks met zijn pick-up om zijn schaapskuddes te verzorgen. Hij zwaait elke keer glimlachend. Verder lijken hier de activiteiten vrij plots gestopt, want er staan vele verlaten bijenkasten met alleen een enkel ‘krakersvolk’... van bijen wel te verstaan. Onder een afdak staan honderden vergane broedkamerramen, die nog ruiken naar propolis, wat maakt dat Klaas zijn imkerverleden weer wakker wordt en prettige kriebels geeft.

De slogan ‘slow is beautiful’ staat in het alledaagse leven van de Alentejo voorop, dus geen wonder dat we het hier zo geweldig vinden!

Drie weken na vertrek zijn we in Portugal aangekomen. We reden met een omzwerving via de Franse kust, fris maar in het begin nog zonnig: Cap Blanc Nez aan de Opaalkust , Normandië en daarna door de Loire.
De route over de ring van Bordeaux hadden we op een zaterdag gepland, omdat er dan minder vrachtwagens rijden die nog wel eens halsbrekende toeren uithalen. Het regende gigàntisch en dus hebben we ons zelf op de tolweg naar de Spaanse grens getrakteerd.
Op de camperplek bij de grotten van Aizpitarte was het stroompje, waar we gewoonlijk met stapstenen naar de overkant gingen, veranderd in een flinke waterval. Bruisend!

Zondagochtend 17 november reden we regenachtig Baskenland door. Dat is toch altijd een indrukwekkend stuk, erg 3-dimensionaal! Prachtig beboste hellingen, die met de geel-rood-bruine herfstkleuren soms wel in brand leken te staan. Ertussen, in de dalen, bevonden zich huizen, bedrijven, wegen en spoorlijnen kris-kras, compact op elkaar. Op de borden stonden onleesbare namen, met vaak meerdere letters die bij scrabble 3x letterwaarde geven. De navigatie raakte soms zelfs de draad kwijt en zo reed ik ook nu verkeerd.
Gelukkig was er weinig verkeer, waardoor ik me redelijk veilig voelde.
In enkele andere auto’s leefde dat zondagsochtendgevoel misschien ook wel, terwijl zij nu toch met de wielen omhoog in de berm lagen… Ai.

Opgelucht, dat we op de Spaanse hoogvlakte géén sneeuw aantroffen, reden we rustig door, max 3 uur per dag en 95 km per uur, omdat dit het minst vervuilend is.
Eindelijk in Portugal werden we verrast door een práchtige parkeerplek bij de begraafplaats in Juromenha, met uitzicht over de Rio Guadiana.
Het was een verademing dat de kou en het lange rijden voorbij was. De thermokleding kon weer uit, het was zo’n 15 graden en zonnig. Met de wandelingen genoten we van een prachtige verlaten fort-ruïne met een kerk… zónder toeristen! Helemaal blij werd ik van de kleurige bloemen die alweer aan een nieuw bloei-jaar begonnen waren.

De ontspanning stroomde binnen en we gingen weer fijn over tot de orde van de dag: the meaning of life.
Klaas pakte het schrijven van zijn boek weer op, dat de titel zal dragen: ’De werkelijkheid is mooier dan je denkt’. Het geeft hem een gevoel van eenheid, balans, doordat zijn kennis en intuïtie samenvloeien.

Voor mij is voelen de ingang naar betekenis; gewaarworden wat mijn verlangen is. Afgelopen zomer heb ik gemerkt dat het zo prettig is om trouw te zijn aan wat zich van binnenuit aandient en dat volgen. Gedachten, weerstanden opmerken, maar die niet de leidende stem geven. Steeds opnieuw de aandacht verleggen naar de beweging die het gevoel aangeeft.
De vraag in me om laten gaan: wat is mijn stroom, van binnenuit?
Mijn stroom heeft me gebracht bij het steeds fijner hebben met mijzelf: ontspannen slapen, lezen, zonder schuldgevoel grenzen stellen, dit blog schrijven, Klaas liefhebben, blij zijn, hout sprokkelen (in de regen), moed verzamelen om lastige dingen aan te gaan, verstillen, mezelf omarmen met al mijn tekortkomingen, huilen, mijn verlangens uitspreken (ook al worden ze niet vervuld), dát doen waar mijn hart van opspringt…

De moeilijkste reis is maar 30 cm.

Na maanden ‘radiostilte’ krijgt het levensreisblog weer een vervolg. Dank je wel dat je (weer) meeleest/ meeleeft!

Enthousiast hebben we afgelopen zomer gewerkt aan een aantal mooie creaties. Als eerste is op ons bosperceel een klein schuurtje gekomen, weggewerkt achter een wand van wilgentakken. Verrassend dat we de 50m2 schuur bij ons oude huis ingeruild hebben voor een berging van 8 m2 en daar net zo tevreden mee zijn. Afgelopen jaren is er vele honderden kilo’s aan materiaal weggegaan, grotendeels in het kringloopcircuit. Bevrijdend!
Het bosatelierhuisje heeft openslaande tuindeuren gekregen en diverse ramen erbij. De gevels zijn wind- en muisdicht gemaakt (hopen we), de gepotdekselde planken hebben we binnenstebuiten gekeerd en alles is buiten geschilderd. We hergebruiken zoveel mogelijk materiaal in vindingrijke toepassingen. Het oude houten huisje leent zich daar heel goed voor. Super leuk!
De laatste klus van dit seizoen was het dak isoleren en het plaatsen van 2 verticale ramen, ieder van 3,5 meter lang en ruim 100 kg per stuk. Het was een spannende klus voor Klaas, zowel zijn hoogtepunt als dieptepunt van dit seizoen. Het prachtige licht dat nu zijn atelier binnenvalt is fantastisch, al is hij dit seizoen te weinig aan kleien toe gekomen…

Daarnaast hebben we voor de bosvereniging een 3 jarige communicatiestrategie bedacht én een begin gemaakt met de uitvoering ervan, ten behoeve van kwaliteitsverbetering van dit recreatiebos. Daarvoor hebben we een nieuwe website gebouwd www.oosterduinen.nl, een maandelijks 'bosbericht' opgezet en een inspiratiemagazine gemaakt. Dit ‘bosblad’ heb ik gerealiseerd vanuit de Pippi-instelling: ‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan’. Een 28 pagina's, fullcolor blad, over het bos en het erin verblijven. Het heeft me verrast hoeveel plezier ik erbij heb ervaren: openingscolumn, interviews uitschrijven tot goede verhalen, artikelen over bosbeheer, een verkiezing, historie, kinderpagina en uiteraard natuurfoto’s. Klaas was ondersteunend en schreef ook een aantal stukken. We kunnen zó mooi en aanvullend samenwerken, dat is echt genieten. De gehele coördinatie, financiële verantwoordelijkheid, drukopdracht, deadline en verspreiding vroegen soms veel van me. Ik beleefde deze periode met dit blad mijn hoogte- en dieptepunten!
Het inspiratieblad heeft als basis schoonheid, optimisme en vertrouwen en dat dit goed over is gekomen blijkt uit de positieve reacties. Het vraagt om een vervolg…
PDF BOSBLAD

Onlangs, 1 november, zijn we vertrokken voor onze winterreis naar Iberië: terug naar tijdloos leven. Wat een fantastisch vooruitzicht!
Met groots denken hebben we mooie creaties kunnen realiseren, alleen hebben we het afgerond op wilskracht. Daarna kwam de voorbereiding op deze 6 maanden reizen en vlak voor vertrek kwamen nog de nodige campermankementjes op ons af: olie-, koelvloeistof-, gas- en stroomlekkage. Onderzoeken, repareren, vervangen, afwachten…  Alles is de revue gepasseerd op nóg meer doorzettingsvermogen.
En deze verharding is afmattend: ons eigen energielek. Uitgeput zagen we uit naar de warmte van Zuid-Europa, die ons moest gaan helpen bijkomen. Subtiele gevoelens hadden we de afgelopen tijd aan de kant geschoven en na de laatste afspraak overviel ons krachteloosheid. Het rijden over de drukke snelwegen kon ik niet meer opbrengen: Pas op de plaats, NU!

Eerst een dagje Biesbosch om in stilte te voelen wat we nodig hadden. De gakkende ganzen, onze collega trekvogels, waren daar, hoe symbolisch, ook krachten aan het verzamelen voor de reis naar het warme zuiden.
Momenteel staan we aan de Westerschelde en nemen we rust. Ruimte om kwetsbaarheid te voelen. Doelen loslaten. Het hervinden van onszelf gebeurt niet 2500 kilometer verderop. Het begint in het hier en nu!

Zaterdag 11 mei kwamen we, na ruim 4 maanden lente in Zuid Europa, terug in Norg… met nóg meer lente! Beetje frisjes, maar prachtig groen! Stil keken we rond en verwonderden we ons dat dit toch zomaar voor ons klaar lag. Wauw!
Met bundels zonnestralen door de takken en een megaconcert van vogels die het voorjaar vierden, werden we verwelkomd.

Na een dagje aarden begon Klaas weer heerlijk te kleien met zijn meditatieve muziek op de achtergrond. De dag dáárna begon hij ook alweer met klussen. Hij had er zin in. Gedreven door  adrenaline sloopte Klaas de voorgevel, om de schuifpui te vervangen voor oude openslaande tuindeuren die we gekregen hadden.
Na een paar dagen kwam de dip: Klaas was moe en tegelijk ook verbaasd hoe dat toch kon. Na elke reis komt ditzelfde tafereel. Hij begint enthousiast en is vergeten dat zijn lijf na een half jaar rust, weer kracht moet opbouwen. Hij overwon enige weerstand en gaf zijn pijnlijke lichaam een paar dagen rust.

Na de 2 reisweken had ik eerst behoefte aan rust. Ik accepteerde mijn passiviteit en volgde mijn hartsverlangen: me verdiepen in nieuwe filmpjes en een boek over zelfrealisatie.
Daarnaast ging ik op mijn gemakje met de bloemzaadjes aan de gang, sommigen hadden zoete namen als bosliefje en slaapmutsje. Deze mooie vorm van leven creëren confronteerde mij met de tegenstrijdige, oude overtuiging: ‘het leven is pijnlijk’. Daar ben ik mee aan de gang.
Er zaten meer weerstanden in mijn koppie en dat had invloed mijn lijf, wat weer pijn begon te doen en de nachtrust verstoorde. Ik kon de oefeningen uit de Ander Leventraining oppakken en daarmee snel weer de opwaartse lijn inzetten.
Mijn verzet tegen sommige mensen en ervaringen in het leven veroorzaakt pijn, letterlijk en figuurlijk. Stoppen met die weerstand, dat is het ontwikkelingsproces… Laat dit nou precies zijn waar zelfrealisatie om draait!

Na een week hadden we weer balans gevonden in onze dagen. ’s Ochtends doen we beiden iets rustigs, ’s middags klussen. Pinke ligt weer heerlijk vertrouwd op de bank in de veranda.
De komst van zomers weer prikkelde ons om sàmen in actie te komen. Klaas haalde de houten planken van de voorgevel en ik beitste de achterkanten, die nog perfect waren voor hergebruik. Klaas bouwde van sloophout een nieuw deurkozijn en maakte de wand wind-, water- én nu ook muizendicht. We bevestigden de groene planken weer op de gevel. Als een geoliede machine werkten we in harmonie samen. De komende tijd gaan we verder met de andere gevels.

Een andere activiteit die op ons pad is gekomen is het pilot-project voor permanent wonen in dit recreatiebos. De eigenarenvereniging is, samen met de gemeente deze mogelijkheid aan het uitdenken en opzetten. Voor de uitvoering komt het aan op de huiseigenaren. Het belangrijkste speerpunt is: ‘Het bos en de dieren staan nummer één, wij zijn te gast. Als dit de basis is, dan maakt het eigenlijk niet uit of we hier tijdelijk of permanent verblijven.’
Enthousiast gemaakt door de prachtige toekomstvisie van deze vereniging, willen wij graag hieraan bijdragen. Dat is iets waar we ons de komende tijd ook mee zullen bezighouden.

Met Klaas zijn 72ste verjaardag zijn we een lang weekeind eruit geweest. Klaas vierde deze dag door bij zijn dochter pizza’s te bakken met alle kinderen en kleinkinderen. Wij verzorgden alle ingrediënten en iedereen kon zijn eigen versie maken. Een leuke, nostalgische activiteit, omdat Klaas dit vroeger ook met zijn eigen kinderen deed.
De dag erna trakteerde hij zichzelf op een interessante voordracht van Maarten Zweers: ‘De mythe der Mensheid- in samenhang met die van Moeder Aarde’. Aan de hand van muzikale fragmenten vertelde de gepassioneerde spreker over een alles integrerende, nieuwe levensbeschouwing en moraal. De hoge mate van logica en abstract denken maken het voor Klaas elk jaar tot een zeer boeiende ervaring.
Het is bijzonder dat de inhoud van deze voordracht over hetzelfde gaat als mijn proces, maar met héle andere woorden en ingangen.

Na het o zo vriendelijke Portugese landschap gaf de grove, robuustere Spaanse natuur even geen voldoening meer. We waren tè verwend. Mooi, he?
Om onze ervaringen te laten indalen en verwachtingen te laten wegebben, gooiden we het over een hele andere boeg: de Middellandse zee. In zonnig Cunit wilden we net zo lang blijven tot we een nieuwe impuls zouden krijgen…
We sloten aan bij een groep van zo’n 50(!) campers op een gedoogterreintje, wél met vrij uitzicht over zee. Even weer vlak land, 2 dimensionaal leven, dat paste ons: prikkelarm, geen avontuur, lekker eenvoudig.
Deze stabiliteit deed ons goed: Klaas voelde zich ‘zweven in zijn schrijfproject’, zoals hij zelf zei. Ik voelde me innerlijk onstabiel. Hier konden we ons afsluiten en weer naar binnen keren.
Wat zijn we RIJK met ons vrije leven, om zó contact te hebben met ons gevoel en onze behoeften te kunnen volgen! Fantàstisch!

Na 10 dagen rust met zee, strand, boulevard werden we op paasochtend wakker met geluiden van circus, vliegtuigen, toeterende treinen en het inmiddels stormachtige weer. Wat we eerder nauwelijks opmerkten klonk ineens allemaal zo lawaaiig… dit was de impuls om te vertrekken.

Jaarlijks reden we langs de berg Monserrat, die me altijd mateloos intrigeerde: hoge gezaagtande punten die als een waaier uitsteken in een vrij vlak landschap. In de wintermaanden was het ons te koud, maar om hier bij lentetemperaturen mijn nieuwsgierigheid te bevredigen was fijn.
De volgende ochtend vroeg reden we naar de top: het klooster ‘Monastir de Monsarrat’, een bedevaarts- én toeristenoord. Nog op de grote parkeerplaats, zonder zicht op wat dan ook, zat Klaas zich bij het koffie-ontbijtje al flink te verbazen met ‘Ach, ach’, ‘Jezus!’ en ‘Zó hee!’, over de grote bussen die af en aan reden en de mensen die er toen al, in de regen liepen. We moesten om onszelf lachen, dat nog zonder een voet buiten gezet te hebben, het aanschouwen van het toerisme voor ons al een attractie was.
Bij het klooster en de kathedraal zagen we dat de mens de puurheid van de natuur flink had aangetast. Kolossale gebouwen, pracht en praal was duidelijk voorgegaan. Het heilige karakter ontbrak, ook zichtbaar in de vele toeristen die vooral bezig waren met foto’s en selfies. Zij zagen dit oord met name door hun schermpje.
Die invloed van de mens vonden we indrukwekkend. Het is wel goed dat we af en toe zulke dingen bezoeken, want door onze manier van leven vergeten we een beetje dat dit ook bestaat, dat dit óók de wereld is.
We waren blij toen we terug in onze eigen kalme sfeer waren, in ons eigen ‘klooster op wielen’, grapten we.

De drukte van de Spaanse paasvakantie omzeilend, ontdekten we in het vulkanische gebiedje Garrotxa weer een geweldig natuurplekje. Tussen de bomen konden we parkeren aan het bruisende bergriviertje El Gurn. Met daarbij de ijverige zanglijsters was het een lust voor het oor.
Het gemengde bos op de bergflanken toonde vele kleuren groen. De kleinschalige weitjes ertussen waren bezaaid met talloze lieflijke bloemen. Heldere kleuren raken iets essentieels in mij, het maakt me stil en blij tegelijk. Het inspireert me om in Norg, op ons open middenstukje terrein, ook wat wilde bloemetjes te gaan zaaien.
Het minuscule gehuchtje Sant Privat d’en Bas was prachtig door het authentieke karakter, te beginnen met 4 ezeltjes die ons bij de toegang verwelkomden. We ontdekten de hele week verrassende paadjes en weggetjes door het bos, langs weilandjes, over watervalletjes, door het dal met uitzicht op bergen en overdrijvende hete luchtballonnen. Onze zintuigen werden weer vertroeteld!

Gisteren hebben we hier onze 7de trouwdag gevierd. Na terugkomst van mijn ochtendwandeling had Klaas als presentje een verrassende tekening voor me gemaakt op t schoolbord. Voor hem maakte ik zijn voorkeurslekkernij: pannenkoeken bij de koffie. Van het universum kregen we, na een paar dagen bewolking, een zonnetje kado.
1 Mei is tevens Dag van de Arbeid. Het doet denken aan ‘liefde is een werkwoord’… Wat hebben we ons toch fijn kunnen ontwikkelen in elkaars nabijheid! Door 24 uur per dag samen te zijn, zijn we logischerwijs vlot door processen heen gegaan. Het ‘werken aan onze relatie’ transformeerde zich steeds verder naar ‘Zijn in de relatie’. Samen Zijn staat gegraveerd in onze trouwringen. Dit is waarop we elke dag weer ‘Ja’ zeggen.

Plots deed zich een nieuwe impuls voor:
Klaas zijn schrijven vlotte al een tijdje niet meer en bij mij was behoefte aan meer dynamiek ontstaan. Na 6 passievere maanden is dat wel logisch. Afgelopen week hadden we al eens bij de koffie gefantaseerd welke leuke klussen we in Norg willen aanpakken komende zomer.
Ineens gaf Klaas aan zichzelf toe dat hij schrijfmoe was. Hij heeft afstand nodig van het project en voelde de behoefte om te gaan kleien. Ons bosperceeltje in Drenthe trekt! Keramiek, bouwen, schilderen, zaaien… met de handen creëren.
Dus deze 1 mei vertrokken we spontaan noordwaarts.

Het bergkapelletje van Monsanto verlieten we twee keer, om er ook twee keer terug te keren. Terwijl onze gedachten vooruit liepen op de verdere reis, gaf ons gevoel steeds in dat we langer moesten verblijven in dit ongerepte natuurgebiedje. Een serene stilte ging uit van de vele bloeiende bloemen, de sprookjesachtig vertakte kurkeiken tussen al het groen en de ronde keien in allerlei maten, soms wel van 30 meter hoog. Die ronde vormen hadden zeker ook een uitwerking in de atmosfeer. Het wandelen in dit gebiedje was geweldig, over de duizenden jaren oude paadjes, waar een (bijna even oud) boertje zijn 3 geiten en de ezel uitliet. Wat een fantastische rust hing hier.

Klaas zat in een gedreven schrijfmodus die me prikkelde.
Ik begon met schrijven van het boek ‘Camperleven, inspiratie en informatie uit eigen ervaring’. De reisverslagen vanaf 2013 ben ik aan het herschrijven, aangevuld met hoofdstukjes praktische informatie. Ik hoop dat het een boek wordt dat non-fictie lezers zal aanspreken. Mensen die in hun eigen vorm zo’n droom willen leven, hebben er ook praktisch misschien wat aan.
Het schrijven geeft me in ieder geval veel plezier en ik zal zien waar het toe leidt. Dit is immers ‘mijn derde boek’ en de andere twee liggen onaf opgeslagen op de harde schijf.

Onze 3 reismaanden van zon, zonder regen werden afgebroken.
Onder invloed van de Noordpoollucht, kwam er winterweer over bijna heel Iberië.
Dat deed ons begin april besluiten om opnieuw de planning om te gooien en Portugal te verlaten richting noordoost Spanje, naar de provincie Catalonië waar onder invloed van de Middellandse zee het weer milder is.
Met regen, sneeuw en 7 graden reden we in hoog tempo over de Spaanse hoogvlakte. De slingerende vrachtwagens maakten het soms tot een wat enge rit. Op het Spaanse nieuws vernamen we dat er op de snelweg bij Madrid, kort nadat wij er hadden gereden, tot wel 60 cm sneeuw was gevallen en een ongeluk met 50 auto’s was ontstaan. Oei!

De rijdagen waren intensief, maar tevens een hele geschikte break.
Klaas zijn gedrevenheid was uitgemond in een onbalans. Het schrijven vlotte niet meer en ook tussen ons miste ik de afgelopen tijd steeds meer de flow.
Zijn gedachte om het boek eind deze reis ‘proeflezer-af’ te hebben, had Klaas onbewust in een prestatiedruk gezogen.
Ik hoopte dat onze balans onderweg zou herstellen, maar merkte op dat ik hard aan het werk was om de verbondenheid weer te ervaren, terwijl Klaas wat afweer in zijn reactie liet doorschemeren.
De verschillende gedachten en emoties die dat in mij opriep kon ik erkennen als signaal. Niet om ze te af te reageren, maar doen wat ik afgelopen jaren geleerd heb: ze bespreken.
In een rijpauze zeg ik: ‘Klaas, we moeten even praten. Ik voel me verdrietig.’
K: ‘Ach, wat is er dan?’
A: ‘Ik mis de verbinding tussen ons. Ik merk dat ik, middels gesprekjes, hard werk om de verbondenheid tussen ons terug te krijgen en heb de indruk dat jij dat wegduwt.’
K: ‘Ik genoot er de afgelopen uren juist van dat mijn hoofd even leeg was. Ik was het me niet zo bewust, maar ik hield het inderdaad af.’
A: ‘Oh, is dat wat er gaande is. Ik begrijp het. We doen twee tegengestelde dingen en dat is niet handig. Ik voel verdriet, omdat het me herinnert aan onverbonden zijn in het gezin waar ik opgroeide.’
K: ‘Ja lieverd, dat begrijp ik.’
A: ‘Ik mis je. De laatste tijd geef ik aan dat je steeds zo bezig bent. Je zit niet meer even te niksen of te mijmeren. Dat je nu even niks deed greep ik aan om onze verbondenheid weer te herstellen. Zou jij op zo’n moment willen aangeven wat er in jou omgaat?’
K: ‘Ja meis, ik zou er zelf niet op gekomen zijn, maar dat wil ik wel.’
A: ‘Neem je tijd die je nodig hebt en laat je het me weten als je weer ruimte hebt?’
K: ‘Is goed. Mooi dat je dit bespreekt, Anneleen. Kom eens bij me, lieverd’.

25 Km landinwaarts van Benidorm kwamen we in het rustige berggebiedje ‘Sierra  de Aitana’. Om de paar dagen reden we enkele kilometers verder om dan weer uit te kijken op een heel ander panorama van dezelfde vallei: robuuste grijze bergwanden, witte dorpjes in de diepte, akkers met olijf- en amandelbomen en uitbundig bloeiende bermen, een kasteel op een rots midden in het dal, een azuur blauw stuwmeer en stukken naaldbos. We moesten wél alert zijn op de dennenprocessierups, die Pinke 2 jaar geleden bijna fataal werd.
Op het moment dat we weer toe waren aan boodschappen doen, hadden we geen zin en stelden we het een week uit door naast koek ook het brood zelf bakken, maaltjes van restjes maken, sla uit onze eigen mobiele moestuintje, gedroogde vleesvervangers en pannenkoeken. Dit hebben we zowaar allemaal ‘in huis’. Zo groot wonen we! 😉

Half februari, 3 maanden na de prostaatoperatie, was Klaas zijn bloedtest goed: de kanker is uit zijn lijf. We maakten ons geen zorgen en waren tevens blij met de uitslag. Meteen zijn we, vanuit Benidorm, dwars Spanje doorgereden naar Portugal.

Een weekje vertoeft in en om het schattige kasteeldorpje Castelo de Vide, aan het nationaal park Serra do São Marmede. Wat een verademing dat lieflijke groen in vergelijking met het voornamelijk droge, ruige Spanje!! Oost Portugal heeft zo’n vriendelijk landschap. De mensen praten zachter en zijn erg vriendelijk. De ‘vooruitgang’ is hier beperkt gebleven, er is meer balans tussen mens en natuur en dat is de triomf van dit authentiek stuk Portugal. We genieten er onbeschrijflijk van.
Met zelfgebakken appel-notentaart bij de koffie vierden we deze periode.

Tijdens een wandeling trok een grote schaapshond mijn aandacht. De kudde liep verderop in het groene weitje met olijfbomen, maar hij was hier bij een schaap dat met zijn kop vast zat in de omheining. Klaas haalde een tangetje en terwijl ik het weitje in klom kwam de hond op me af. Toen ik hem uitgelegd had dat ik het schaap kwam bevrijden, ging hij liggen. Nadat ik de angstige ooi verlost had, renden ze samen terug naar de kudde. Even later kwam de hond opnieuw mijn kant op en mocht ik hem aaien. Hij kwispelde en toonde onderdanigheid naar mij. Tot hij Pinke zag en wild begon te blaffen. Tja, dat is zijn beroep; de kudde beschermen. Een bijzondere ervaring.

Bij het stuwmeer Barragem do Póvoa groeide en bloeide het weelderig in de met keien ommuurde weitjes met her en der karakteristieke oude kurkeiken.
Een indrukwekkende natuurbeleving! Al onze zintuigen werden geprikkeld; de nachten waren fris en overdag, bij 18 graden, gaven zon en schaduw tijdens het wandelen een wisselende warm-kou ervaring. De vele kleurige bloemen in het frisse groen met ertussen kolossale zwerfkeien en kurkeiken: een streling voor het oog. De bloeiende brem deed ons benevelen door zijn sterke zoete geur en we dronken heerlijk bronwater, terwijl ons een concert ter ore kwam van tjirpende krekels, zangvogeltjes, de ruisende wind door de hoge eucalyptusbomen, klepperende ooievaars die elkaar enthousiast begroetten bij terugkeer op het nest en ‘s avonds de kwakende kikkers in het stuwmeer. Perfectie!

Deze omstandigheden waren optimaal om een nieuwe ontwikkeling aan te gaan, ingegeven door de zin ‘Vrouw zijn is dichtbij de natuur staan, is dichtbij je eigen natuur staan.’ (Boek: Leven in verbinding) Vrouwelijkheid is een thema.
Door naar mijn milde, vrouwelijke natuur te luisteren en de innerlijke criticus wel te erkennen, maar niet de leiding te geven, begon ik te ervaren wat het is om het werkelijk aangenaam te hebben in mijzelf. De energie van ontspanning en bezieling leidde tot mooie mailwisselingen met dierbare gelijkgestemden. Ontroerend!
Oei, ík groei en bloei…

Na een actieve dag van boodschappen doen, water tanken, afval kwijt raken en kilometers noordelijk rijden, bereikten we een afgelegen bergkapelletje, in het dunbevolkte Portugese achterland. Hier mochten we weer relaxen en ons opnieuw en opnieuw verwonderen in de serene sfeer en natuur in haar volle lentepracht.
Een schitterende rondwandeling bracht ons bij het nabijgelegen dorpje met smalle, steile straatjes en historische huizen op, tussen én onder gigantische granieten keien, die dus dienst doen als vloer, muur of zelfs plafond.
De naam van deze berg en het pittoreske dorpje is… Monsanto, nota bene net zoals de omstreden multinational. Een grotere tegenstelling met dezelfde naam is ondenkbaar.

‘Vrouw zijn is dichtbij de natuur staan, is dichtbij je eigen natuur staan.’

Zonder uitleg vooraf onderging Klaas, de 11de februari, blaasonderzoeken en zonder uitleg over de uitslag werd hij 3 uur later uit het ziekenhuis ontslagen. Hoe Spaans! De bloedingen waren weer opgelost, dat hadden ze goed aangepakt, dus wij vonden het wel best.
Een week later gingen we terug voor controle bij de uroloog, wat ook weinig informatie opleverde. Gepusht door de Nederlandse secretaresse, hebben we over de communicatie een klacht ingediend en ook met de arts hierover een gesprek gehad. Het ziekenhuis profileert zich juist als internationaal ziekenhuis, niet als Spaans ziekenhuis.

De dagen in het ziekenhuis miste ik in contact met Klaas ‘iets’, maar hij zei toen dat hij zich hetzelfde als altijd voelde. Bij het terugkomen in de camper merkte hij op dat hij tóch weer tot zichzelf moest komen. Dus waar wij mensen in die stadse energie onszelf niet eens missen, kan het toch gebeuren dat (een deel van) onszelf afgesloten is. Het geeft inzicht in hoe energieën ons beïnvloeden en dat we dus niet 'onafhankelijk' zijn... Interessant!

We realiseerden ons ineens dat Klaas de afgelopen 2 maanden in 5 ziekenhuizen heeft gelegen. Best wel een intensieve tijd dus. Klaas voelt zich goed, maar dat was steeds al zo. Hij dwingt zichzelf om nog langer rustig aan te doen. Het vertrouwen dat het nu echt goed gaat moet nog wat groeien, maar met frisse moed gaan we ervan uit dat het nu klaar is. We hebben nog 4 maanden om lekker aan ons reizende camperleven toe komen, waarbij we dichtbij onze eigen, innerlijke natuur kunnen blijven. De rust om bewust te leven is voor ons ‘het camperleven-gevoel’.

Een week in de natuur van Finestrat doorgebracht met steeds langere wandelingen en prachtige vergezichten. We ervaren plezier in hoe deze camper past in het landschap.
Eindelijk zijn de temperaturen boven de 20 graden en met de volle zon hebben we een aangenaam warme camper. Met deuren en ramen geopend zien we de roze bloeiende amandelbomen, vlinders, vogels, veel ontluikende bloemen met paarse, oranje, geel en witte kleuren en een eekhoorntje drinkend bij de waterbron. Ik rommelde relaxt: breien en lezen van autobiografische e-boeken uit de online bibliotheek. Mijn concentratie is in slakkentempo aan het terugkomen; af en toe kan ik weer wat schrijven en lezen met diepgang. Fijn.
Vanwege weinig lichamelijke kracht deed ik er een hele week over om het zout/ zand van storm Helena van de camper te wassen. Steeds een meter en dan weer pauze... en dit met het spoelwater van de kledingwas. Daar kan ik plezier bij ervaren: dat het lukt om duurzaam met water om te gaan in dit gort droge Spanje.

Ondertussen pakte Klaas met gemak zijn schrijfproject op, over ‘de gedachte werkelijkheid’. Hij beschrijft wat men als werkelijkheid zag en hoe zich dat ontwikkelde, gedurende de hele geschiedenis vanaf het ontstaan van de aarde tot en met het heden. Het geeft inzicht in de ontwikkeling van het bewustzijn.
Tijdens al die uren erover lezen, schrijven en nadenken, ontwikkelt hij zijn visie op een mogelijk toekomstig beeld van de werkelijkheid, die hij ook nog toe gaat voegen.
Het is me nogal een onderwerp! Het geeft zulke mooie gespreksstof. Fantastisch deze zinnige tijdsbesteding in ons reizende bestaan.
Drie weken geleden hadden we een tref met een gelijkgestemde camperaar, die ook een basisperceeltje heeft in het Norger bos. Hij vond het prachtig om te zien hoe Klaas ‘leeft’ als hij over zijn boek vertelt.
En deze dagen kwam een vriend van Klaas langs in zijn camper. In december had hij aan deze filmmaker de inhoud van zijn schrijfwerk uitgebreid voorgelegd en nu konden ze die draad weer mooi oppakken. Wat genoot ik ervan om het animerende gesprek tussen deze twee mooie, verschillende karakters te aanschouwen!
Klaas vindt in hem de perfecte support, omdat hij nieuwe handvaten aangereikt krijgt over de indeling en vorm van zijn project. Daarbij is het enthousiasme dat van die vriend naar Klaas toekomt een fantastisch fijne opsteker: ‘Je hebt echt een klomp goud in je hoofd, die moét eruit en gedeeld worden. Het overzichtswerk over de ‘Evolutie van ons Bewustzijn’ is hét leesvoer waar de zoekende mens hongerig naar is, zeker nu. Wat je nu in de steigers hebt staan is zeker al 80% van dit boek, dus maak het deze reis af, Klaas. Je weet niet half wat je in handen hebt!’

‘Dat iets onbegrijpelijk is, wil nog niet zeggen dat het niet bestaat’
(Blaise Pascal, wis- en natuurkundige 1623–1662)

Op een camperplaats in Lorqui (bij Murcia) zijn we een week gebleven, om een bijna vergane radiatorslang te vervangen die koelwater lekte. Een week lang elke dag een half rustig ermee bezig geweest, verder zijn we in de ruststand gebleven.
Dit nikserige stadje kreeg kleur door aardige ervaringen; een dol enthousiaste Spaanse vrouw die uitbundig reageerde op onze hippiecamper, de kleinschalige landbouwveldjes, een supermarktje met lekker verse groente en behulpzame medecamperaars.

Mijn moeheid loste niet helemaal op. De ervaringen van afgelopen tijd vroegen om stilte en overpeinzing. Ik probeerde mijn aandacht te verleggen naar een eenvoudige cursus Spaans en wat handwerken… Maar ik kon de focus niet volhouden, van niets werd ik blij, sterker nog: ik voelde meer tegenzin en somberheid opkomen.
Toen ik mezelf ontsloeg van productiviteit ontdekte ik dat het eigenlijk het fijnst voelde om te laten zijn wat er is: moeheid, inzichten, oude pijn, verwarring. Álles in mijzelf ruimte te geven. Niets aandikken, niets onderdrukken, maar het waarnemen. Alertheid en versuffing elkaar laten afwisselen. Het komt heel subtiel om dit te doen zonder druk, zonder ambities, maar met liefdevolle sturing. Het ene moment wordt alles helder, om het volgende moment het niet meer te weten… en dit gewoon te laten gebeuren.

Eind januari zijn we verkast naar Calarreona, aan de Costa Calida. Tussen de tientallen campers was er juist nog een eersterangs plekje over, met vrij uitzicht over het zonnige blauwe baaitje. Wat een tref! Het bord dat camperen daar verboden is en een boete tot 3000,- kan oplopen, werd door iedereen genegeerd, zelfs door de politie die geregeld langs kwam.
Hier kon ik lekker met m’n lieverds wandelen langs de prachtige rotsachtige kust.
Deze weken leefden we langzaam en bewust, helemaal open en in het moment. De kleinste mooie dingen komen dan binnen en dat leeft heel intens. Tijd bestond niet meer.
Klaas zat superlekker in zijn schrijfproject over ‘de gedachte werkelijkheid’. De teksten vloeiden heerlijk geïnspireerd uit zijn vingers. Genieten!
Storm ‘Helena’ kwam 2 dagen over ons heen met windkracht 8, dus werden we gezandstraald, maar dit alles bij volle zon. Ook dit is Spanje.

De laatste nacht alhier, 4 februari, trad plotseling tóch weer een bloeding op, met blokkerende bloedklonters, dus opnieuw richting een ziekenhuis. Dat werd uiteindelijk het universitaire ziekenhuis in Cartagena. Hier kreeg hij opnieuw een katheter die de wond dicht kon drukken, terwijl ook zijn blaas gespoeld werd.
Deze omgeving was hele andere koek dan het privé-hospitaal in Valencia. Hier was veel lawaai, geen privacy en er werden, zonder uitleg, handelingen aan zijn lichaam uitgevoerd. Hij bleef steeds op zaal van de Urgencia liggen en ik mocht 4x per dag ½ uur langskomen.
Ondertussen gaf die buitenwijk van Cartagena mij een bijzondere levensles: te midden van troosteloze terreinen van zand, stenen, plastic afval en bouwschroot bloeiden prachtige bloemen. Zich niks aantrekkend van de omgeving toonden ze hun eigen schoonheid. Wát een levenskracht. Dat ontroerde me en gaf de inspiratie om in deze omstandigheden ook meer bij mijn eigen kracht en liefde te blijven.

Met nog bloederige urine, weliswaar zonder zichtbare stolsels, werd Klaas de 2de ochtend plots ontslagen. Beduusd belde hij me op dat hij al in de gang stond.
Naar een camping gegaan om te bekomen. Contact gehad met de uroloog in NL en het zou kunnen dat de bloedverdunner voor zijn hart, zijn wondherstel nu in de weg zit. In overleg met de cardioloog stopt hij tijdelijk met deze medicatie, alleen duurt het een week voordat de medicatie uit zijn bloed is.
Niet helemaal verbaasd waren we toen bloedstolsels dezelfde avond alweer problemen gaven. Ter geruststelling terug richting ziekenhuis gereden, maar in de camper afgewacht of het zichzelf op zou lossen, vanwege enige tegenzin om naar binnen te gaan. Voor Klaas was het een les om zijn lichaam de ruimte te geven het zélf op te lossen en dit proces niet met zijn wil te manipuleren. Want het forceren gaf hem zelf én zijn lichaam alleen maar meer stress. En na 3 uur lang mini beetjes plassen, liet zijn lichaam als vanzelf grote bloedstolsels vrij en kon de urine weer vrij stromen. De volgende dag was de urine helder.

Inmiddels hadden we ontdekt dat ik het weggelekte koelwater niet in de goeie tank had aangevuld, maar bij de stuurbekrachtiging had gedaan. De hydroliek-olie met het koelwater was vermengd tot ‘mayonaise’. Het stuur begon ook stroever de gaan. In Cartagena hebben we de camper een kleine 5 uur bij een garage moeten achterlaten waar het systeem voor ons gereinigd werd. We kwamen de tijd wel goed door, maar achteraf voelden we dat het toch flink energie had gekost om ‘dakloos’ te zijn, zeker na alle ervaringen van de dagen ervoor.

We besloten om terug noordelijk te rijden en de komende tijd rondom Benidorm te verblijven. Gewoonlijk rijden we met een grote boog om deze grote badplaats heen, maar vanwege de vele (!) buitenlandse pensionado’s is hier een goed internationaal ziekenhuis, voor het geval dat…
Tot onze verrassing, op 12 km van deze stad, vonden we een prachtige plek in Finestrat, met mooi uitzicht, natuur, wandelroutes, een waterbron en wc’s.
Maar helaas, helaas dezelfde nacht ontstond opnieuw een bloeding met blokkerende bloedstolsels. Dit was een tegenslag die hard aankwam bij ons. Klaas zijn lichaam kon het nu niet zelf oplossen en dus reden we naar het ziekenhuis. Klaas trilde zijn spanning eruit en ik voelde teleurstelling dat we opnieuw onze manier van leven in moesten leveren.
Op de EHBO spraken ze goed Engels, handelden ze menselijk en toen hij 2 uur later op een stille privé kamer lag, konden we ons er weer bij neerleggen. De nachtzuster sprak zelfs wat Nederlands.

Klaas komt nu de dag door met lekker smikkelen, slapen en hij heeft een heerlijk e-book om zijn tijd zinnig en aangenaam door te komen. Morgen (maandag) komen er 2 onderzoeken naar de oorzaak van de terugkerende bloedingen. Ik mag Klaas de hele dag door bezoeken en wissel mijn zorg voor hem en Pinke af met tijd voor mijzelf te nemen. Binnen de omstandigheden is er balans.
Op een parkeerterrein, op 10 minuten lopen van Klaas, sta ik nu tussen de andere campers. De creatieve uitstraling van ons mobiele huisje én het levensreisblog nodigen uit tot contact. Het is leuk dat we zo gelijkgestemden aantrekken. Het is fijn dat ik mijn ervaringen kan delen, maar ook leuk om te horen over andermans bijzondere leefstijlen. Deels live, deels digitaal maken we ook onderweg deel uit van een community.

Vanaf 1 januari reden we redelijk op ons gemakje door het koude Frankrijk. Onderweg zagen we geregeld ‘de gele hesjes’ op rotonden, die op een vriendelijke manier demonstreerden tegen de arm- rijk tegenstelling binnen het kapitalistische systeem.

Op de laatste dag, bij het dalen van het Masif Central naar de Middellandse zee, kregen we koelwaterlekkage, het stroomde door de cabine. Met een aanpassing in het rijden, geen verwarming aan en bij afdalingen niet remmen op de motor, konden we ondanks deze pech de Middellandse zee bereiken. In Le Boulou eerst een weekeind gerelaxt; frisse temperatuur, maar met een stralende zon.

Klaas voelde zich prima, maar begon ineens bloed en bloedstolsels te plassen. Na overleg met de Nederlandse uroloog volgden we hun advies: veel drinken, zodat de stolsels weg konden spoelen. Na 2 dagen was de urine schoon.
Met de rij-aanpassingen reden we door naar Spanje, waar we een paar dagen heerlijk rustig aan zee stonden. We verzamelden moed om de koelwaterlekkage te onderzoeken en hopelijk zelf op te lossen.

Maar plots begon ’s avonds bij Klaas het bloedplassen opnieuw. De bloedstolsels waren nu groter en blokkeerden de urineweg, dus Klaas had hoge nood, maar kon niet plassen; pijnlijk! Met mijn achtergrond in de verpleging én een katheter bij ons, heb ik hem kunnen katheteriseren. Meteen zijn we naar Imed Hospitales, een medische privékliniek in Valencia, gereden. Toen we daar tegen middernacht aankwamen was ook de katheter verstopt door bloedstolsels, dus precies op tijd konden ze hem daar verlossen door een nieuwe katheter.
Hun Engelse taal en ons Spaans was gebrekkig, maar in deze tijd zijn er gelukkig online vertaaldiensten en zo konden we het belangrijkste toch uitwisselen.

Op de eerste hulp spoelden ze urenlang zijn blaas en zogen ze er heel veel bloedstolsels uit. Halverwege de nacht werd Klaas op de afdeling opgenomen. We kregen samen een riante (hotel)suite, 8 keer zo groot als onze camper. Zo groot en luxe hebben wij ze nog nooit gezien. Ondanks dat er een uitklapbare slaapbank mét eigen mega flatscreen TV voor mij was, koos ik ervoor om tegen vier uur terug te keren naar Pinke en met haar in de camper te gaan slapen, naast de drukke ringweg.
Een uurtje later belde een ontredderde Klaas en heb ik toch de rest van de nacht in de uitgeklapte relaxzetel naast hem gelegen. Hand in hand en de liefdevolle muziek van Kirtana brachten een vredige rust in de kamer en zo konden we nog een paar uurtjes slapen.

’s Ochtends SOS International ingeschakeld, die als centraal punt ging fungeren tussen onze zorgverzekering, de reisverzekering, het ziekenhuis en ons. Zij hebben ook een medisch team dat meekijkt met het zorgproces, de relevantie van behandelingen en betalingsgaranties afgeeft als ze toestemming geven.
Tijdens de behandelingen van blaasspoelen en stolsels wegzuigen, bleef de urine bloedrood. Klaas begon zich gedurende de dag steeds slapper te voelen en kreeg flinke pijn aan zijn linker nier, een bloedrijk orgaan. De Engelssprekende uroloog had met bloedonderzoek flinke bloedarmoede vastgesteld, waarvoor Klaas een bloedtransfusie kreeg. Daarnaast zou er een (dure!) CT-scan plaatsvinden, al zoekend naar de oorzaak. De SOS gaf toestemming en een betalingsgarantie hiervoor af.

Tegen einde van de avond voelde Klaas zich stukken beter, dankzij de bloedtransfusie. Het was een pittige dag voor hem geweest, met voelen dat hij de controle aan het verliezen was, pijn en de gebrekkige communicatie. Maar daarbij was het ook speciaal om onze diepe verbondenheid te ervaren en hoe onbaatzuchtig ik er voor hem kon zijn.
Terug in de camper vond ik een in zichzelf gekeerde Pinke. Ik had wel met haar gewandeld, maar de grote, plotselinge verandering was pittig voor haar; een gevoelig beestje.

Vermoedelijk door inmenging van SOS, werden we ‘verbannen naar de bezemkast’ 😉 een privésuite van 'maar' 4 keer onze camper, die wat knusser aanvoelde.
Gelukkig ging nu alles bergopwaarts. De urinekleur werd weer helder. De dagen daarna, met een weekeind erin, was het voornamelijk wachten. Ik kon mijn aandacht en tijd voor Klaas en Pinke nu beter verdelen. Op een bankje in de zon probeerde ik te ontspannen, al was het rumoerig Valencia, terwijl Pinke vrij rondscharrelde. Met wat extra geknuffel trok Pinke ook bij.
Deze dagen had ik veel steun van dierbaren die betrokkenheid toonden en tegelijk oog hadden voor het positieve dat we ook ervoeren.

Hoe langer we hier waren, hoe meer onze liefdevolle openheid afnam door de kracht van die dichte, stadse energie, waar mensen erg vanuit het hoofd leven. Klaas zakte terug in zijn overlevingsmechanisme van afvlakking en ik in mijn overlevingsmechanisme van strijdvaardigheid. Zoals we eerder al gemerkt hadden is dat geen handige combi. Dankzij ons bewustzijn hiervan konden we beiden, met wat inzet, onze heldere kant aanspreken. Klaas gaf zijn eigen kracht weer meer ruimte en ik mijn zachtheid. Toch mooi om zo samen de hobbels van het leven aan te gaan. Steeds weer ons eigen handelen en gevoel beschouwen en kijken naar/ uitspreken van de onderliggende behoeften.
Het is ook interessant om zo bewust te ervaren wat de overprikkelende stadscultuur met ons mensen doet, hoe we daarin van onze liefdevolle natuur afgesloten raken. Er midden in zitten is niet prettig, maar achteraf zijn we weer wijzer geworden van die ervaring. En dat omarmen we ook.

Op de vijfde dag van de opname kreeg Klaas een cytoscopie: onder narcose werden zijn urineweg, blaas en nier met een camera onderzocht en de overige verharde, verklonterde bloedstolsels werden verwijderd.
De oorzaak van de bloeding bleek een weinig voorkomende complicatie, waarbij de (zelfoplosbare) hechtingen van de operatie niet goed waren opgelost en een ontsteking hadden veroorzaakt die was gaan bloeden. Gevalletje van pech dus. De nier, de blaas en urineweg zagen er prima uit. De urine bleef ook na deze ingreep helemaal helder. Klaas had, ook nu, totaal geen last van de narcose en hij werd een dag later, kathetervrij, ontslagen, met als nabehandeling alleen een anti-bioticakuurtje.

We prijzen ons gelukkig met deze goeie zorg in de particuliere ziekenhuizen. Het maakt dat we prima in een groot deel van Europa kunnen verblijven. Dat voelt heel geruststellend en vrij voor ons als nomaden.
Ik was al terug naar de camper toen Klaas woensdag de deur van de afdeling achter zich sloot. Op de vraag van de mannelijke verpleegkundige ‘Is je dochter al weg?’ antwoordde hij dat ik zijn vrouw was. ‘Lucky man!’ lachte de verpleger hem toe.

Op dit moment in El Saler, ten zuiden van Valencia, met zon, zee en duinen is Klaas vol inspiratie weer in zijn schrijfproject gedoken. Pinke ligt buiten te genieten en ik… ben erg moe. Met liefde heb ik veel gegeven aan Klaas en Pinke en het is even op. Het fijne is dat de moeheid er gewoon mag zijn, zonder tijdsdruk. Slapen, koffieontbijtje, wandelen, lezen,  niks doen… Wat kunnen we toch groots genieten van onze manier van leven, als het er even niet is geweest.
Wanneer mijn lijf aangeeft dat de energie weer terug is, pakken we het koelwaterklusje op en zullen we daarna onze reis vervolgen. Wat een rijkdom!

EINDELIJK VERTROKKEN!!
We staan nu op een mooie, groene camperplaats, buiten de stadswallen van het vestingstadje Rocroi, Noord Frankrijk.

Het gaat goed met mijn lief. Fijn dat de prostaatkanker verwijderd is èn meteen ook de bacterie in de prostaat die Klaas al jaren plaagde. Dus nogmaals: Hoera!!
Op internet had ik informatie gevonden over mogelijke oorzaken van het niet kunnen plassen... en... het bleek een vaak voorkomende bijwerking van een nieuw blaasmedicijn die hij sinds de operatie kreeg tegen incontinentie. Dus na samen zorgvuldig afwegen zijn we (op eigen initiatief) daarmee gestopt. En dat was een goeie zet, ook volgens de uroloog. Het plassen gaat weer prima, de incontinentie valt erg mee. Opmerkelijk, hoe zoiets gewoons zo belangrijk wordt.
Maar Klaas voelt zich nu weer fijn en zijn lichaam functioneert beter dan verwacht. Hij kan weer alles doen (m.u.v. zwaar werk).

De afgelopen maanden hebben we goed kunnen samenwerken met alle hulpverleners. We hebben in dit proces onze kracht, en daarmee onszelf, niet weggegeven aan angst, aan kanker of aan artsen. Met flexibiliteit hebben we ingespeeld op de omstandigheden. Op lastige momenten konden we er voor onszelf en elkaar zijn en van daaruit terugkeren naar kalmte en wijsheid.

Voor 2019 wensen we voor íedereen innerlijke kracht en een mild gemoed!

Klaas z’n operatie is achter de rug! Vier uur lang duurde de laparoscopische operatie met een Da Vinci robot, bediend door een uroloog. 24 Uur nadat de operatie begon, reden we Norg alweer binnen. Dat het zó snel en voorspoedig ging, moest Klaas daarna wel even verwerken.
Ondanks een aantal pijnlijke hobbeltjes die er in de dagen erna te nemen waren, is hem de eerste week meegevallen. Mijn achtergrond in de verpleging gaf ons beiden houvast.
Klaas voelt zich elke dag sterker.
De uitslag van het weefselonderzoek is ook positief. De snijvlakken van het weefsel zijn schoon, dus in principe is hij nu kankervrij. De komende 5 jaar blijft hij onder controle, maar de prognose is optimaal.

We hebben het allemaal met een mild gemoed doorstaan tót een tegenvallertje op het eind: op de nazorgdag wilde het plassen niet op gang komen… Wat de oorzaak hiervan is, is niet echt duidelijk. De katheter moest weer opnieuw geplaatst en volgende week moeten we terug.
We kunnen aanstaande vrijdag dus (wederom) niet vertrekken. 🙁
Ons geduld, dat we zo lang goed konden aanspreken, wordt nu wel op de proef gesteld. Ons milde gemoed zetten we nu in om onszelf toe te staan te balen. Als die energie eruit is, komt er vanzelf een ander perspectief in beeld.

Hoe is het ons afgelopen tijd vergaan?
De ziekenhuis afspraken en vrienden die op bezoek kwamen gaven de nodige onderbrekingen in deze wachtfase. De betrokkenheid, ook via mailtjes, was verrassend fijn. Best mooi dat ziekte zoveel warmte doet stromen.
In deze weken zat Klaas in een flow waarin hij vol enthousiasme kon kleien en met plezier allerlei kleine klusjes aanpakte.
Ik ben gaan lezen, handwerken en heb opnieuw veel aangeplant op ons perceel. Op een bepaald moment ervoer ik ook verveling. Er was een behoefte om meer uitgedaagd te worden. Dat bracht me tot het starten van een boeiende online- cursus ‘Anders kijken naar emoties’ (emoties als navigatiesysteem). Dit gaf de vervulling waar ik naar verlangde.

Het ervaren van de Nederlandse winter is soms onprettig, vooral als de dagtemperatuur beneden de 5 graden komt.
De camper wordt vochtig, schimmelig. Hij is niet winterhard en wij zijn dat ook niet meer, na 5 jaar winterreizen. Met thermo-kleding en houtkacheltje, soms aangevuld met een elektrisch kacheltje, kunnen we het wel warm houden, maar tussen vloer en plafond verschilt het ruim 10 graden.
Verlangend naar onze reis hebben we langzamerhand steeds meer beelden van het zonnige Spanje in ons hoofd gekregen. We hadden de afgelopen tijd een huisje kunnen huren, maar dat zou ander discomfort geven: niet in onze gewenste omgeving zijn.

De bureaucratie van de medische wereld (gevoed door de marktwerking) was een les om mijn daadkracht mét zachtheid aan te spreken. Vriendelijk en doortastend voor Klaas’ (en mijn) belangen op komen. En het werkte. Ik heb deze periode ervaren dat assertiviteit niet samen hoeft te gaan met felheid, maar dat ik met heldere daadkracht en begrip voor de ander veel kan bereiken, inclusief respect. Met deze ontwikkeling ben ik blij.

En nu, met ongeduld aan het einde van dit behandeltraject, wordt ons nog een wijsheidservaring geboden: Nederigheid is kalmte van het hart.

De uitslag van de MRI is bekend: de operatie gaat door!
11 December zal Klaas zijn prostaat verwijderd worden. De scan heeft laten zien dat de tumor inderdaad in de linker kant van de prostaat zit, weliswaar in de wand is gegroeid, maar wel operabel is. 'We verheugen ons op de operatie', aldus Klaas (gemeend!) tegen de oncologieverpleegkundige.

Het betekent dat genezing mogelijk is en bovendien onze reis voor de kerst kan aanvangen.
Een groot bijkomend voordeel van een operatie is dat de resistente bacterie in Klaas zijn prostaat, die regelmatig flinke problemen geeft, dan ook uit zijn lichaam verwijderd zal zijn.

Alhoewel we geen doemgedachten hadden, voelen we opluchting dat het eindelijk duidelijk is, dat hij geen chemische behandeling hoeft en dat de vertrekdatum voor een half jaar reizen in zicht is.

Het herstel van de laparoscopische operatie gaat vlot. Na 1 nacht mag hij naar huis… naar de camper, die daar dan op het terrein staat.
Na ruim 1 week is er nog een nazorgdag en dan is de man weer vrij. Controles zijn daarna uitsluitend via bloedonderzoek (PSA) en dat kan in heel Europa.
Hij krijgt fysio-begeleiding (ook op afstand) om de zelf gevolgen voor zijn lichaam ‘in dat gebied’ weer te verbeteren. Klaas is zelfs wel benieuwd hoe hij dat gaat ervaren. What a guy!
‘Samen Verder Groeien’… onze trouwbelofte. En dat doen we, ook nu MET LIEFDE!

Oh, wat zou ik me vroeger geïrriteerd hebben aan zo’n titel, ‘zo zweverig’. En nu kan ik inderdaad winst halen uit tegenslagen en ervaar ik het als aardse logica.

Met een reisklare camper bij ziekenhuis Assen hoorden we 22 oktober de onderzoeksuitslag: in de prostaat van Klaas zijn kwaadaardige cellen gevonden. Het is een milde vorm, zonder uitzaaiingen.
Niet leuk, maar geen drama. Het vraagt om zorg, dus we moeten onze winterreis een aantal maanden uitstellen. Jammer. We hadden even tijd nodig om om te schakelen. (We gaan ervan uit dat we dan wel een paar maanden later zullen terugkomen…)
Eind november wordt er een MRI-scan gemaakt. Begin december weten we dan definitief welke behandeling nodig is, maar we richten ons op een operatie. (prostaatverwijdering)

We voelen ons rustig bij de situatie. Klaas voelt zich lichamelijk en mentaal goed.
We hebben er voor gekozen om net als tijdens het reizen in de relaxstand te gaan. Dat zijn we in NL niet zo gewend en dus dit aanleren is al winst.
Klaas is weer lekker gaan kleien, we hebben ieder onze schrijfbezigheden, we lezen, wandelen en zijn beiden bezig met het maken van een fotoboek. We voelen ons rijk dat we in het bos staan en genieten van de natuur om ons heen.
Met thermo-ondergoed, het houtkacheltje en elektrische radiator kunnen we het goed op temperatuur houden.

Het behandeltraject is soms onderwerp van ons gesprek, maar we parkeren het vrij eenvoudig. Onze innerlijke ontwikkeling heeft deze periode weer een nieuwe dimensie en dat omarmen wij hartelijk.
Het woord kanker heeft sterke (maatschappelijk aangeleerde) associaties die niet behulpzaam zijn voor een mens; met verlies als basisangst.… Ook mijn brein produceert soms zulke gedachten.
Piekergedachten of pijnlijke emoties zie ik als een directe uitnodiging tot een dieper contact maken met mijzelf, voorbij deze gedachten. Dankbaar voor de behulpzame methodes kan ik erkennen en onderzoeken wat er speelt om daarna bewust de focus verleggen naar wie ik - zonder deze gedachten - werkelijk ben. Ik verbind me met dat deel in mij dat altijd blijft, ongeacht de omstandigheden.
En daarna is de verbinding met Klaas ook zo voelbaar, wat diepe vreugde geeft bij ons beiden.

Dus het is een bijzondere periode, waarbij ik steeds vaardiger word mijn innerlijke vrede te ervaren... Ik ontdek steeds meer het verschil tussen wie ik werkelijk ben en mijn overlevingsmechanismen. Die winst maakt me gelukkig.

Terug van onze zomerreis verschilden Klaas en ik sterk in onze behoeften. Klaas wilde flink aanpakken en ik voelde de behoefte om elke dag tijd te nemen voor wat innerlijk leeft. Ik was herstellende van spit en die verkramping vroeg om zachtheid. Dus: bij mijn gevoel blijven, dat volgen en niet meegaan in de energie van de ander.
In de weken daarna groeiden we weer naar elkaar toe; Klaas ervoer de noodzaak van balans in de dag. Hij ging de ochtenden weer rustig kleien en ik ervoer weer ruimte voor klussen.

Er stond een aantal dingen op de planning: het bouwvakkerskeetje (onze badkamer/ bijkeuken) wilden we verplaatsen naar een minder opvallende plek. Klaas organiseerde het verleggen van de riolering, water en elektra, met hulp van iemand met een graafmachine. Hij merkt zijn leeftijd, maar toch ging hem dit goed af. Het resultaat is mooi; het keetje op een meer praktische plek en het bosduin is mooier in zicht gekomen.

Ook hebben we een nieuwe opruimronde gehad. 100 Kg naar de stort en zo’n 20 verhuisdozen naar familie en de kringloop. Deze keer lag het ‘afscheid nemen’ wat gevoeliger: spullen waar herinneringen aan zaten of waar een mooie toekomstfantasie op geprojecteerd was. Loslaten! Echt een stapje verder in los komen van gehechtheid aan materie. Er is letterlijk meer ruimte gecreëerd in het (aankomende) atelier, alsook meer innerlijke ruimte. We zijn verheugd dat we dit aangaan en met wat het ons brengt.

De camper vroeg om nog de nodige klussen, waarbij wij ieder doen wat ons ligt. Lekkage herstellen, verder stofferen, beetje comfort toevoegen en de blower voorin repareren. De camper zou hiervoor een aantal dagen naar de garage moeten en daar zagen we nóg minder naar uit dan het uitgeven van 600,- voor een nieuwe ventilatiemotor en toebehoren. Om ín de comfortzone van de camper te blijven, stapte ik ook uít mijn comfortzone: zelf de reparatie aanpakken. Dashboard ontmantelen - met pijn in mijn buik van de spanning. Met info van ‘het camperforum’ en Klaas’ zoon als vraagbaak op afstand, heb ik onderzocht wat de oorzaak kon zijn. Ik ben wel handig, maar helemaal niet technisch. Het draaischakelaar-mechaniek hersteld en een verbrand stekkertje vervangen, maar toen werkte het nog niet. Opnieuw kijken en prutsen, niets hielp… toen gaf ik het op.
De avond voordat ik de camper naar de garage wilde brengen probeerde ik het nog één keer. Ik ontdekte een draadbreuk bij de ventilatiemotor en daar zat meteen de oplossing. Hij deed het! Wát een opluchting! Het dashboard weer in elkaar gepuzzeld en geproost op de overwinning.

Verspreid over de weken heb ik wat bosarbeid gedaan. Minder dan mijn wil wil, want de praktijk wijst uit dat mijn lichaam kwetsbaar is. Maar ik heb er wel plezier in!
Gelukkig viel de schade door de droogte afgelopen zomer mee. Er zijn nu weer ruim 20 jonge boompjes bij geplant. Deels Amerikaanse eik; die groeit snel, heeft een hogere CO2 opname en kan goed tegen warmte en droogte. Ook verkleurt hij zo mooi rood in de herfst. Daarnaast nog een aantal bomen die voedsel leveren voor bijen.

Er is ruimte om dit jaar wat eerder aan onze winterreis te beginnen. Daar hebben we ook weer enorme zin in. De meeste voorbereidingen zijn gedaan, waarbij we het (maximale) campergewicht zorgvuldig in de gaten moesten houden.
Maandag 22 oktober verwachten we, meteen na Klaas z’n laatste onderzoeksuitslag bij de uroloog, zuidwaarts te rijden. We gaan uit van het goede.

Actueel artikel in: De_Correspondent - spullen opruimen

Al reden we van bos naar bos in oostelijk Noorwegen, tóch was het afwisselend. Soms stonden we aan een meertje, soms in een serene stilte van bomen. Steeds een nieuw wandelgebiedje en nieuwe geurtjes voor Pinke.
Elke dag samen zijn en genieten van de gewone dagelijkse geneugten. Daarnaast kunnen wij beiden onszelf goed terugtrekken, binnen onze 12 m² woonoppervlak, om te lezen en te schrijven over wat ons bezig houdt en dit daarna samen uit te wisselen en verbanden te leggen.
Mooie mailcontacten zijn voor mij erg fijn en geven hierop ook aanvullende ervaringen.

18 Augustus reden we de grens naar Zweden over waar we op dezelfde voet doorgingen.
We hebben een avond aan een stil meertje op een bankje gewacht, met thee en een dekentje, of een eland water kwam drinken. Helaas. Wél een ree en later nog een slang gezien. Omdat de bossen zó stil zijn, waren we verheugd te ontdekken dat er, naast muisjes en vogels, wel wildleven is in deze gebieden.

Mijzelf ontwikkelen is een drijfveer die altijd trekt. Met deze vorm van leven ervaar ik veel tevredenheid, en tóch zijn er in mijn leven nog hobbeltjes te nemen. Bijvoorbeeld als er frustraties voelbaar zijn wanneer iets ‘verkeerd’ gaat, of ik negatieve gedachten en gevoelens over mijzelf heb.
Tja, een mens schijnt gemiddeld zo’n 60.000 gedachten per dag te hebben, waarvan 75% negatief. Dus het is niet gek dat dit plots kan opkomen.
Gedachten die we geloven worden overtuigingen en waar we overtuigd van zijn zien we bevestigd in de buitenwereld, zo werkt het brein. Overtuigingen die we vaak (onbewust) herhalen worden patronen en komen vaak voort uit conclusies die we getrokken hebben in eerdere ervaringen.
Maar er is een opening, een weg eruit. Ik hoef gedachten niet meteen te geloven. Ik kan overtuigingen op waarheid onderzoeken en kijken of deze overtuigingen nog wel werken voor mij. Zulke momenten van frustratie, afwijzing of andere pijnlijke emoties zijn signalen dat ik een gedachte ben gaan geloven die niet overeenkomt met wie ik werkelijk ben. Wanneer ik me dat bewust ben kan ik een keuze maken. Dan kan ik het brein instrueren te stoppen met het negatieve en een passender, vriendelijker denkbeeld toe laten. En het werkt. Opvallend is dat de verandering fysiek voelbaar is.
Mijn leven is in kwaliteit flink verbeterd, op deze manier pak ik de chronische pijn met succes aan, maar het maakt me ook zachter, het opent me om groots te genieten van het kleine.

Op de route naar Ekshäred werden we plots getrakteerd op een geweldig zwemstrandje, aan zo’n stil, glad Zweeds meer. Wat een verrassing! Ondanks dat het héérlijk weer was geworden was er níemand. Klaas ging even zwemmen in adamskostuum. Weldadig, verfrissend!
Bij zonsondergang een BBQ: Portugese vegaworsten uit pot, oude aardappels en uien poffen en wortel met dipsausje… Eenvoudig en zó smullen. Wat een zomers gevoel!!! Kadootje! (Dat zie je wel aan de vele uitroeptekens.)

Alweer wat zuidelijker, vonden we weer een zwemstrandje in een bos. Klaas had de smaak te pakken. Erg leuk om hem zo te zien genieten.
Wandelend over speelse bospaadjes fluoriseerde een groot oppervlak lichtgroen rendiermos tussen de kaarsrechte bomen, als sneeuw. Verwonderd keken we rond en zagen steeds meer soorten mossen. Als kinderen gingen we er in op. Omdat alles ‘mos’ heet gingen we geheel automatisch, nauwkeurig kijken en voelen waar precies de verschillen zaten. Wat je noemt in het moment leven. Uiteindelijk telden we 10 verschillende mossoorten. Ongelooflijk.
We vonden ook nog elandenpoep. De grote keutels waren koud, maar niet oud. Al hebben wij hem niet gezien, hij was hier dus wel geweest!
Wat een topwandeling!!
Met als kers op de taart bij terugkomst samen alwéér een aangenaam koffieontbijtje in ons heerlijke huisje. Zo’n enorm fijne manier van leven!

Een weekeind in Håverud gestaan, bekend van (als enige in Europa) de combi van brug, spoorbrug én aquaduct en dat over een waterval van 9 meter hoog (die nu droog stond). 150 Jaar oud, dus met de nodige historie en sfeer. Fijn om er een paar keer te kijken en echt op te nemen wat daar te zien is.

Tijdens deze reis zoveel moois gezien, dat ik ondertussen (online) ben begonnen aan het maken van een fotoboek van deze natuurreis. Leuk om te doen.

Vanaf eind augustus 1,5 week doorgebracht in Bohuslän. Een schitterend fjordengebiedje aan de Zweedse westkust, waar Klaas vroeger veel vertoefd heeft.
Prachtige rotspartijen aan het water, sfeervolle havendorpjes, mooie wandelingen en dan nog de kleine verrassinkjes zoals een in de berm verholen ‘kabouterdorpje’ van rood- witte paddenstoelen, leuke koffie-plekjes aan het fjord, een struik vol rijpe vlierbessen en een uurtje later wat potjes heerlijke vlierbessenjam en een mooie zonsondergang aan het water.

Bij een kerkje voor de laatste keer onderweg water kunnen tanken. Drinkwater tappen is niet zo makkelijk in Noorwegen en Zweden. Maar we hebben ons ook een weekeind prima met regenwater gered. De eenvoud en de vrijheid doet ons zó goed, zelfs als het ietsje meer werk is, dan nóg geeft het ons voldoening.

Terwijl we op ons gemak weer naar Nederland rijden, kijken we tevreden terug op de afgelopen maanden. Over een paar dagen zijn we weer op ons bosperceeltje. Een aantal weken lekker weer de handen uit de mouwen, maar geen grote klussen en geen tijdsdruk. Wat fijn om naar een plek terug te keren die zo in balans voelt.

In Zuid Noorwegen was natuurpark de Hardangervidda onze eerste nieuwe omgeving. Via een prachtige groene route door het Numedal, kwamen we aan de noordkant van deze hoogvlakte.
We vonden een prima plekje nabij Dyranut: boven de boomgrens op 1250 meter hoogte, heel open gebied met mossen en heide en resten sneeuw op heuvelflanken. We stonden geheel alleen, een beetje van de hoofdweg af, aan een meertje, uitzicht op de Hardangerjøkul-gletsjer. Met aangename zomerse temperaturen zagen we de rust helemaal zitten.
Totdat… er steeds auto’s met toeristen kwamen, er zelfs bussen met Aziaten af en aan reden om foto’s te maken en roef weer verder. We waren er wat beduusd van. Een grappige anekdote was wel dat een Zuid-Koreaanse vrouw de Pippi-poster op ons wc raampje zag en zei: ‘Is that Pippi? Ooh, when I was a little girl, I wàs Pippi!’  Wat verrassend. De reacties op Pippi zijn veelvuldig. Zo bijzonder dat zóveel vrouwen, van alle leeftijden, uit alle culturen, zich met een eigenzinnig meisje met rode haren identificeren. Zo knap van schrijfster Astrid Lindgren.
Eind van de middag stroomde dit parkeerplaatsje vol met campers en busjes om daar dicht op elkaar geparkeerd de nacht door te brengen. We probeerden zo goed mogelijk ons te richten op innerlijke rust.

Na een paar dagen wilden we toch dolgraag ergens in de rust staan. Het hoefde niet eens mooi te zijn, als ik er maar kon wandelen met Pinke. Dalend vanaf de Hardangervidda-plateau ontdekten we in VØringfoss een afgelegen, zanderig parkeerterrein waar warempel één prachtig groen hoekje was met uitzicht op een berg en een bruisende stroomversnelling. De wilgenroosjes bloeiden daar uitbundig. Met ruimte voor één stoel, zittend in een zonnetje, 25 graden hoorde je in deze groen-paarse weelde alleen het water en de zoemende insecten. Écht een kadootje! Hier was rust en ruimte om te schrijven en innerlijke processen aan te gaan, omdat mijn lijf weer aardig protesteerde.
De meeste toeristen(bussen) kwamen hier niet, die bleven hangen bij het souvenirwinkeltje en de wc’s dichtbij de doorgaande weg. Het verrassende was dat we tóch in een prachtig wandelgebied stonden, waar ‘onze’ stroomversnelling uitmondde in een adembenemende, 182 meter hoge waterval! We zijn een week gebleven en hebben diverse leuke wandelingen kunnen maken.

Vanwege het overtoerisme hier in Zuid Noorwegen, hebben we de kust en de stad Bergen laten zitten. Via de mooie Hardangerbrug, die je via een tunnel oprijdt en waarbij je aan de overkant ook meteen weer een tunnel in gaat, zijn we noordelijk gereden naar het Sognefjord. Prachtige route! Langs watervallen, door groene valleien met die kenmerkende houten huisjes vaak met grasdaken, haarspeldbochten, door weer een bijzonder mooi natuurgebied StØlheimen, naar het groene dal van Vangnes. Wat een imponerend 3D landschap!
Met de ferry naar de noordkant van het fjord, waar hoge bergen tot aan het water door liepen. Er was er maar één weg die (ondanks iets minder toeristen) druk bereden werd.
Eind juli, na de aangename zomerdagen sloeg het weer om naar de bekende Noorse wisselvalligheid. Klaas kreeg griep en gelukkig vonden we toen een stil weggetje om te verblijven aan het Sogndalsfjord.

Met een veerboot terug over het Sognefjord naar Lærdal. Even rondkijken bij de oude dorpskern in Gamle LærdalsØyri; oud wordt in het Noors gammel genoemd. 🙂
Morellentijd! Mjammie. Zoete nog wel. Ze waren in de aanbieding…op zijn Noors dan: 11 euro de kilo. Daar 2,5 potje jam van gemaakt, zodat we er lang mee kunnen doen.

In Borgund het één na oudste en best bewaarde staafkerkje van Noorwegen bezocht. We parkeerden op 1,5 kilometer afstand om lopend, via een prachtig stukje historische Kongevegen (=koningspad), de bergpas te passeren naar het bijzondere kerkje uit ± het jaar 1150.
In dit mooie Lærdal overnachtten we tegenover een stuk koningspad bij een waterval. Op deze route kwamen de toeristen voornamelijk uit… Nederland.

Door de fraaie bergweg te nemen over het Aurlandsfjellet (Aurlandsgebergte) overvoerden we onszelf aan indrukken. Met als kers op de taart een gewéldig panoramazicht over het Aurlandsfjord. Poeh hé!
Dat we met ons eigen huisje daar allemaal kunnen komen, te gek! Deze nieuwe camper bevalt goed. De ruimte en de sfeer binnen zijn comfortabel. Daarbij rijdt hij ook goed. Het is een ongekende luxe om zó soepel een berg op te rijden, met de 2.8 turbomotor. Ook ervaren we tevredenheid bij de vriendelijke uitstraling ervan in dit groene landschap en krijgen we er leuke reacties op; blij lachende of zwaaiende mensen en opmerkingen over de pippi-bus en flower power.

Smachtend naar weer een rustig plekje parkeerden we op een kilometer van het lieflijke dorpje Bakka. Het ligt aan het smalle NærØyfjord dat op de werelderfgoedlijst staat, met zijn steile bergwanden, vele watervallen en groene flanken. De hoge druk van het toerisme op de inwoners was hier erg voelbaar en we werden na een nacht ook weggestuurd.
Een paar kilometer verderop in Stalheim twee nachten gestaan, ook schitterend… maar we waren moe! Overprikkeld door wat we gezien hadden, door het zelf toerist zijn, te midden van de vele andere toeristen én ook door het continue ruisen van rivieren en watervallen, wilden we nog maar één ding: Stilte.
Even geen prikkeling van zintuigen. Spontaan besloten om linea recta oostelijk te rijden. Door de 25 kilometer lange Lærdaltunnel, over de bekende E16 richting Zweden.

Het voelde verademend om, na 3 weken drukte, ‘s middags te parkeren in een afgelegen bos: een stilleven waar we NIKS hoorden. We zaten een tijd lang onbeweeglijk voor ons uit te kijken, onze zintuigen rust te geven.
De dagen erna werd het alleen maar beter. Wandelingetjes in het bos, op de hand stoelbekleding naaien, koffie met zelfgemaakt appelcake uit de panoven… Het hart kreeg in deze rust weer ruimte, dus het genieten kwam dieper binnen: lingonbessen ontdekken (familie van cranberries), bloeiende waterlelies op het meertje en om ons heen klingelende bellen van de loslopende schapen.

De tweede maand van deze reis zullen we op deze toer doorgaan. In dit deel van Noorwegen/ Zweden is er kans dat we elanden zien. Dat zou superleuk zijn. Het enige wat wij hoeven doen is… rust nemen, weinig verstoren. Pinke is een makkelijk hondje en lekker lezend en schrijvend gaat ons dat wel lukken. Ondertussen wachten we af wat de kosmos voor ons in petto heeft.

Er is veel gebeurd de afgelopen maand en het is de kunst van het leven om het bijzondere in alles te vinden en te omarmen.

Onze hippiebus was een prachtproject, waar we samen met veel energie en voldoening aan gewerkt hebben. Met (voor ons doen) meer luxe, onze eigen indeling en een persoonlijke kleurencombinatie is het is een aangenaam nieuw huisje geworden, uniek in zijn soort. (Foto's)

Naast dat we deze bus-klus deden kwamen een aantal flink ongemakkelijke situaties op mijn pad, die me onzeker maakten (waar ik inhoudelijk niet verder op in zal gaan). Met kracht ging ik in deze uitdagingen aan, maar vanuit een diepere laag kwam het chronische pijnsyndroom toch in alle hevigheid weer op. Een teken dat ik vanuit mijn bewuste brein deze situatie aanging en er vanuit het oerbrein een veel diepere, onbewuste stress geactiveerd werd. Ik kon even helemaal niks meer. Deze extreme pijn dwong me om innerlijke wijsheid aan te spreken en terug te keren naar de oefeningen uit de breintraining, om mijn systeem te herstellen. De spierspanning en de pijn zijn nu weer voor 80% gesmolten en het heeft weer inzichten en verrijking gegeven.
Daarnaast is het bijzonder echt te ervaren hoe waar het is dat ons lichaam en geest één op één invloed op elkaar hebben. Dat wij wel denken het zelf ‘t beste te weten, maar dat is dus helemaal niet zo. Hoe je je fysiek, mentaal en emotioneel voelt wordt voor 95% bepaald door je oerbrein, je onbewuste. Staaltje evolutie!

Mijn 47ste verjaardag was bijzonder in zijn eenvoud, gewoon met zijn tweetjes. De lieve woorden die deze dag naar mij toe kwamen roerden mij diep. Geliefd worden en dat zo toe kunnen laten is het prachtigste kado, wat een rijkdom.
Iemand die onze hippiebus had gezien en me via dit reisblog mailde, schreef me deze dag:
Het is erg fijn wanneer je iemand of iemanden ontmoet die goed bij je tribe past. Volgens mij is het voor het welzijn en de ontwikkeling van ieder mens belangrijk om gelijkgezinden om zich heen te hebben. Ik las in het boek 'De Ontembare Vrouw' (van de Jungiaanse psychoanalyticus Clarissa Pinkola Estes) een prachtige uitleg van het sprookje 'Het Lelijke Eendje'. Over de lange zoektocht van het 'lelijke eendje' en het uiteindelijk eindelijk thuiskomen bij haar gelijkgezinden, de andere zwanen.
Wat een kosmisch kadootje!

En 12 juli was het dan zover: vermoeid vertrokken we in onze bloemenbus richting (Zuid)Noorwegen! Een reis van 2 maanden naar het land van de fjorden, de uitgestrekte natuur en de elanden. Jippie!
Via Denemarken en Zweden zijn we door de Oslofjordtunnel naar de Hardangervidda gereden; een gigantisch natuurpark waar de grootste rendierenpopulatie is. Hier kunnen we weken verblijven in het groene landschap, omringd door bergen en hier en daar grote watervallen. Daar zijn wij wel klaar voor!
De zuid-westelijke fjorden die we gaan bezoeken schijnen spectaculair te zijn en voor de verandering zullen we hier weer eens een stad aandoen: Bergen, met de prachtige ligging in de luwte van zeven bergen en de karakteristieke Noorse bebouwing.
Een nieuw land voor mij en Klaas gaat het weer herontdekken.
Wat prijs ik me gelukkig om dit met de liefde van mijn leven te kunnen doen! Stinkend genieten dus!

‘Kom op, je niet steeds verschuilen achter een zwakke rug, Anneleen!’, sprak ik mezelf streng toe. En… helaas, bij het optillen van een boomstammetje heb ik mij een hernia bezorgd. Niet zo mooi. Ik ben nu genoodzaakt om lichte (klus)werkzaamheden af te wisselen met wandelen en rust. De ene dag gaat het beter dan de andere.
Naast het ongemak levert de hernia me ook iets op: ik neem meer stiltemomenten en leef daarmee meer in mijn eigen dagritme. Ziektewinst, noemen ze dat. Klaas heeft een hoger werktempo en ik ben geneigd daarin mee te gaan, ook als het me teveel is. Nu is de clou om mijn eigen tempo te volgen, zónder daar een aandoening (hernia of fibromyalgie) voor nodig te hebben. In plaats van altijd bezig zijn, het werken afwisselen met rust en aandacht voor mijzelf. In dat patroon doorbreken ligt werkelijke winst. Een proces van ont-dekking. Onderzoeken welke (onbewuste) overtuigingen ten grondslag liggen aan ‘altijd bezig zijn’… Als eerste merkte ik een noodzakelijke waardeverschuiving op: mijn tevredenheid over de dag niet (alleen) afmeten aan prestatie, maar ook voldoening ervaren in zorgen voor dieperliggende behoeften.

Een mooie, rustige klus gedaan: De groene hippiebus bestickerd met 150 bloemen. Super vrolijk!  (Zie de foto’s!) We zijn erg tevreden met de uitstraling die we gecreëerd hebben en krijgen veel enthousiaste reacties, ook van aanvankelijke sceptici. Erg leuk.
De fotostickers van zonnebloemen en madeliefjes zien er zo echt uit dat er geregeld insecten op afkomen om te kijken of ze er nectar uit kunnen halen. Ha, ha, wat een compliment!

Eind mei zijn we verhuisd uit de oude camper naar de bus, alhoewel die nog niet af was/ is. Klaas was meteen een weekeind ziek, omdat hij te hard gewerkt had. (Hij struggelt ook met werkbalans). We hadden meteen profijt met het toegenomen comfort van een vast bed, omdat Klaas het weekeind op bed kon blijven liggen en ik de hele leefruimte behield.
In de nieuwe bus moeten we wel wennen aan alles: andere plekken waar het krap passeren is, een nieuw bed en nog niet alle spullen ingeruimd. Verhuizen is bij uitstek ook het doorbreken van oude patronen.
Klaas voelde zich er meteen thuis. Binnen zijn de basiskleuren rustig en dat past hem. Ik mis nog de aanvulling van sprekende kleuren die in de details komen als kussens, gordijnen en aankleding. Het zal nog even duren voor ik me hier thuis voel, maar het wordt/ is een prachtig en comfortabel huisje.
Op de weegbrug bleek dat we de bus netto 200 kilo lichter hebben kunnen strippen. Dat is winst.

De oude camper hebben we ontmanteld naar verkoopstaat. Het los laten van dit o zo vertrouwde huisje riep bij mij wel tranen op. En dat mag.
De  verkoopjungle van marktplaats doorstaan: veel reacties, enthousiasme, manipulatie, beloften en verbroken beloften, afdingen, weer nieuwe kijkafspraken etc...  Wat een uitersten aan mensen kom je zo tegen! Toch lukte het me goed om vanuit mijn milde, geduldige kant hiermee om te gaan.
In 3 dagen de oude camper voor de vraagprijs verkocht.
Het einde van een tijdperk… en het begin van een nieuwe episode.

Wat trakteert de lente ons toch op een geweldige uitbundigheid! Een prachtig seizoen om in het bos te verblijven. Wanneer we koffie drinken op ons bosduin ervaren we een sereniteit die verwondering oproept.
Ook Pinke geniet met volle teugen van het bos. Dartel speelt ze met de dennenappeltjes en ze rent uitbundig op en neer op de grote zandwegen. Wanneer wij aan het werk zijn, ligt Pinke lekker buiten te zonnebaden in het gras of fijn op de bank van de veranda. En elke dag ‘ontsnapt’ ze naar de loeigrote buurhond, door wie ze zich gewillig, kwispelend laat aflikken.

Terwijl wij volop met de hippiebus bezig zijn, vragen ook andere aspecten van het leven aandacht. Met die lieve Klaas naast me, in de natuur én het leven zonder verplichtingen is er een basis van mildheid, waarin oud verdriet verder verwerkt kan worden. Ik heb mezelf gegund hierin hulp van een therapeut te ontvangen. Ook dat hoort bij de levensreis.

Klaas gaat elke dag een paar uurtjes kleien. Met een aangenaam rustig muziekje wordt hij één met de klei waarmee hij creëert. Wat hij maakt gaat soms ook weer stuk, maar dat deert niet. Het gaat om de meditatieve sfeer waar hij zich in begeeft. Prachtig om te zien.
Kleien is Klaas zijn grote tegenhanger van het klussen. Vol adrenaline heeft hij in de bus alle overbodige zaken gestript en dat geeft hem op een hele andere manier óók plezier. Hij merkt dat hij, met het ouder worden, steeds gevoeliger wordt. Dat omarmt hij én daarnaast moet hij er ook aan wennen. De adrenaline gaat niet meer zo makkelijk uit zijn lijf en de regenachtige dagen beïnvloeden sterker zijn humeur.

Tijdens het slechte weer konden we in de bus beginnen met verven en behangen en daarmee is de opbouwfase weer aangebroken.
In de zomerse dagen hebben we de buitenkant helemaal af kunnen maken. De bus is nu 3x helemaal geschuurd en gelakt. Schilderen is nog niet makkelijk in het bos, met een regen van dennennaalden, dwarrelend stuifmeel,  vallende bloemetjes en de vele insecten die de strak geschilderde lak masaal aanvallen. Aan de veranda hebben we met zeilen, horgaas, lakens, karton en houten platen een tent kunnen bouwen, om het toch naar tevredenheid te volbrengen.
Een pittige klus, maar wát een mooi project. Een combinatie van verbouwen en het creëren van een sfeer waar ons beider hart naar uitgaat. Ik geniet ervan, ook vanwege het liefdevolle teamwork met Klaas. Kracht en zachtheid ineen. Heel fijn!

In stilte namen we bij aankomst in Norg ‘ons stukje’ natuur in ons op. ‘Goh, thuis!’ De camper is ons huis en met de camper op dit mooie bosperceeltje zijn we thuis. Fijn én ook weer wennen. Met de mogelijkheden van thuis trekt ‘de buitenwereld’ harder, zodat ik de stilte en het contact met 'mijn binnenwereld’ mis. Hier ligt de (blijvende) uitnodiging om dagelijks beide werelden aandacht te geven.

Afgelopen reis was zo relaxed dat we beiden een paar kilootjes zijn aangekomen. ‘Innerlijke groei’, zei Klaas droogjes. Maar… de komende maanden hebben we een creatief klusproject waarbij we onze spieren weer kunnen trainen.
Vorig jaar oktober hebben we namelijk een andere camper/ bus gekocht! Nu we er permanent in wonen is het fijn dat deze bus een vast bed heeft en beter geïsoleerd is. Hij is een halve meter langer (6 meter) en de voorstoelen kunnen draaien. Het is een jonger exemplaar (uit 2000), zodat deze weer 15 jaar mee kan.
Afgelopen winter stond hij in de stalling en onderweg fantaseerden we hoe we deze schreeuwend witte camper kunnen downpimpen naar een hippiebus. Ook een plan gemaakt voor een andere indeling en ideeën opgedaan voor een sfeervolle aankleding; met verf, stoffen en hout. Leuk, leuk, leuk!

Met het heerlijke lenteweer ben ik de buitenkant gaan strippen: stickers verwijderen, kit vernieuwen en schuren. Dan kan hij helemaal groen geverfd worden en om het een creatieve uitstraling te geven komen er bloemen op. We vinden het fijn dat hij met een groene kleur meer opgenomen wordt in het bos.
Naast kleien in de ochtenden, begon Klaas als een (te) jonge hond met slopen. Het ‘treinzitje’ en diverse kasten eruit, om een zithoek met ons houtkacheltje weer in te bouwen. Ook heeft hij de zaag in de wanden gezet voor 2 nieuwe, grotere ramen. Het wordt echt ruimtelijk. Ik heb zoiets nooit eerder gedurfd: om in zo’n goeie camper zo rigoureus in te grijpen. Opwindend!
Foto’s van de metamorfose komen over 3 maanden op dit blog.

Om het gewicht van de camper binnen de verplichte 3500 kg te houden, verwijderden we naast die loodzware bank ook zonnescherm, reserveband, fietsendrager en het overbodige hout. Gezien de flinke spierpijn concluderen wij dat onze kilo’s ook verminderen, zodat we onder die 3500 kg kunnen blijven. 😉
Het betekent dat we komende zomer vaarwel gaan zeggen tegen onze ouwe, trouwe, fijne camper waar ik al 9 jaar in rijd/ woon. Dat doet me wel wat! Maar onze nieuwe bus gaat ook weer een ‘smûk húske’ worden.

De laatste 10 dagen Spanje, in het bos bij Errenteria (Baskenland), zijn we nog verrast op zacht voorjaarsweer. Bomen elke dag wat groener, fluitende vogeltjes, eekhoorntjes, pinksterbloemen, een favoriete wandeling langs het vallende bergstroompje, naar de prachtige grotten van Aizpitarte. Wij gaan er elk jaar graag even heen om de sfeer op te nemen, hoe mensen in de oertijd hier geleefd hebben. Maar er was een robuust ijzeren hek voor geplaatst! Bah!
Na wat (online) speurwerk bleek dat er in 2017 een uitzonderlijke kunstontdekking is gedaan van 14.000 jaar geleden, uit het laat-paleolithische tijdperk. Wauw! 15 Afbeeldingen van bizons en paarden (en 2 vulva’s), deels met klei op de muren geboetseerd, zijn gevonden in ruimten waar je nauwelijks kunt komen. Het leert over de oorsprong van symboliek en artistieke creativiteit. En dat in ‘onze grot’, wat leuk!

Onze winterreis is nagenoeg ten einde.
Terugkeren naar ons bosperceel is een stuk aantrekkelijker dan terugkeren naar een huis. Wat hebben we een goeie keuze gemaakt met mobiel wonen!
Het was weer een goeie reis met bijzondere innerlijke ontwikkelingen. Deze omstandigheden zijn perfect voor verdieping. Boeiend, inspirerend en soms ook moeilijk, om in alle eerlijkheid naar onszelf te kijken. Bij mij leven geregeld diepe emoties die om verwerking vragen en die ruimte is er dan.
We groeien er beiden door; weer een stukje verder naar ‘Zijn wie je bent’, of misschien is het meer een terugkeren.

Half maart kwam de omslag naar regen, hagel, onweer en wind. Het bergstroompje werd woest en luidruchtig, maar nat worden en glibberen op de drassige wandelpaden trok ons niet. DUS: op naar het koude, maar zonnige Frankrijk.
Na 2 volle dagen rijden, waren we blij dat we in keramiekdorp la Borne aankwamen, midden Frankrijk. Klaas trof het dat ze bij Centre Ceramique de grote keramische houtoven (4m³) aan het opstoken waren.
Met de camper geparkeerd aan de rand van het dorp, ontstond een sympathiek contactmoment met ‘de buurman’. Zonder dat we elkaars taal spraken toonde hij zijn sympathie voor ons en ik kon warmte voor zijn gebaar overbrengen. De afgelopen tijd gebeurt me dat vaker dat juíst door het ontbreken van de spreektaal, een bijzonder, persoonlijk contactmoment ontstaat. Alsof het hoofd te weinig handvaten heeft, waardoor een sympathiek gevoel op deze zelfde golflengte wordt overgebracht en het meer binnenkomt.

Na 1 dag liet de Franse zon het al afweten en bleef de kou over. Ondanks het houtkacheltje was het in de tochtige camper niet comfortabel. Het is echt een stuk kouder dan vorig jaar. Besloten om elke dag een stukje verder te rijden en waar het prettig is om te verblijven. Na het weekeind bezoeken we Gent waar kan Klaas zijn hart kan ophalen in het museum voor moderne kunst. Met bezoeken aan Klaas’ (klein-)kinderen eindigt in het paasweekeind deze winterreis.
Het creëren met woorden laten we de komende tijd rusten. We hebben, na 5 maanden, weer zin om met de handen te gaan vormgeven. Klaas pakt zijn kleien op en daarnaast staat er een ander creatief klusproject centraal. Daarover volgende keer meer…

Op ‘ons plekkie’ bij Benagil, aan het enige(?) nog rustige stukje van de Portugese zuidkust,  keken we onze ogen weer uit bij die goudgele kalkkliffen!
Toen we na een week daar wegreden begon gevoelsmatig de terugweg, namelijk koers noordelijk. Lángzaam, want we wilden de kou niet inhalen.
In Alto Alentejo het dorpje Luz bezocht dat 15 jaar geleden geheel verplaatst is, omdat er in de rio Guadiana de Alqueva-dam werd gebouwd, zodat het grootste stuwmeer van Portugal ontstond. Dat was wel nodig i.v.m. de grote droogte in dat gebied, waardoor de leefbaarheid nu beter gewaarborgd blijft. Het dorpje van 423 inwoners zou 16 meter onder water verdwijnen. Ieder gezin kreeg een nieuw, groter huis (mèt dezelfde buren), de kerken werden nagebouwd en de doden opgegraven en ook 1 km verhuisd. Kosten nog moeite werden gespaard om de sentimenten te overstemmen. In het museumpje zagen we daarover een bijzondere film.

Na 3,5 maand samen in de rust werd er wat verveling voelbaar. Knap, he!  Oplettend of de Hollandse lente al zou beginnen, verheugend om in Norg de handen weer uit de mouwen te steken, zagen we dat de winter in NL nog wat venijn in de staart had. BRRR!
Eind februari begon een hevige regenperiode en was het voor ons doen fris: max. 16 graden. Voor Portugal is het hemelwater super, want de droogte neemt steeds grotere vormen aan. Er gaan geluiden dat ook hier over 2 jaar het drinkwater op is… Dan zullen hier dezelfde maatregelen als momenteel in Kaapstad werkelijkheid kunnen worden. De oplossingen voor zuinig drinkwatergebruik zijn ons bekend. Wij gebruiken 5 liter p.p. per dag; momenteel gebruikt iedere Nederlander gemiddeld 120 liter per dag. Net als in Kaapstad hergebruiken ook wij water waar het kan, dragen we kleren langer, doen de wekelijkse grote wasbeurt met een teiltje water en een washand en met het gebruik van biologische wasnoten hoeft de was minder vaak uitgespoeld dan bij een chemisch wasmiddel.
Het grappige is dat we ons onderweg de koning te rijk voelen met water voor 11 dagen, terwijl we dat in een huis zorgelijk zouden vinden… Maar eerlijk is eerlijk, de maanden in Norg gebruiken we wel meer water met een wasmachine, een wc en een bad. En o, wat genieten we dan volop van die luxe!

Maar hoe dragen wij, met die oude camper, nou zelf bij aan de opwarming van de aarde en dus de toenemende droogte wereldwijd?
Vooral de CO² uitstoot is veroorzaker van klimaatverandering. Per jaar reizen wij in totaal ongeveer 13.000 km. Samen met de LPG (koken en koelkast) stoten we met ons energieverbruik 1/3 minder CO² uit (5400kg) dan een gemiddeld 2persoons-huishouden p.j. (8.000 kg). Het leuke is dat ons bosperceel in Norg voor de helft onze dieseluitstoot compenseert.
Vegetarisch eten en gematigd spullen kopen maakt dat we ook op dat vlak bijna 1/2 minder CO² uitstoot hebben dan een gemiddeld 2persoons-huishouden (15.000 kg p.j., excl. vliegreizen).
Terwijl consuminderen de beste bijdrage is aan het klimaat, compenseren we CO² ook in een bomenproject in Tanzania van een goede kennis (www.stichtingwakk.nl/bosbouw). Voor 100,- worden er 1800 bomen geplant (+/- 27.000 kg CO² opname). Deze stichting bereikt met dit bomenproject tegelijk nog meer doelen, zoals: onderwijs, verminderen bodemerosie (woestijnvorming) en inkomsten voor arme boeren, waardoor dorpen zelfredzaam worden.

3 Maart staken we de grens naar Spanje weer over en ontvingen we één dagje zon! Pinke kon weer eens lekker buiten liggen en was blij met de stadse hondjes. Op de camperplek van Badajoz stonden dure campers, druk met schoonmaken en zorgen over hun bezit. Na eerst flink kijken en dom oordelen, kwam de wijsheid terug om ons te richten op onszelf: weinig zorgen, lekker schrijven en koffiedrinken met een vers gebakken appelnotencake in onze simpele panoven. Wat doet die eenvoud ons goed!!! Inmiddels zijn we in Noord Spanje. Hier wachten we tot het noordelijk weer warmer wordt. Ondertussen verkennen we Baskenland.

Na 2 maanden tevreden op onszelf hadden we plots veel contacten. Dat was leuk en ook weer wennen.
In Foz de Odeleite spraken we een Nederlandse vrouw, al 25 jaar wonend in Portugal, die al haar bezittingen was verloren in een van die grote bosbranden, vorig jaar. Indrukwekkend verhaal, dat ons nog wel even bezig hield.
Een gepensioneerd Nederlands stel ‘vond ons terug’ in Alcoutim, aan de Rio Guadiana. We hadden hen 3 jaar geleden ontmoet in oost Spanje. Vanalles over boeken (lezen én schrijven) besproken, terwijl ieder zich tussendoor ook terugtrok in de eigen camper: behoud van vrijheid staat bij camperaars hoog in het vaandel!
De dag erna troffen we een jonger Nederlands stel in een Frans campertje met dezelfde sfeer als onze ouwe, trouwe wagen. Dat geeft altijd een leuke klik. Elkaars campersfeer bekeken en levenswijze uitgewisseld.

Dezelfde dag sprak een Amerikaans stel mij aan. Ze waren erg geïnteresseerd én verrast, toen ik in antwoord op al hun vragen ‘ons verhaal’ deelde:
‘We zijn begin november ‘17 vertrokken, maar wonen al 2 jaar in de camper. En het wordt alleen maar fijner. Ons huis hebben we vorig jaar verkocht. In Nederland hebben we een bosperceeltje, waar we met de camper mogen staan, als basis. Dit is onze 5de winter in zuid Europa. Na de 3de reis kon ik niet meer aarden in huis. We hebben toen een half jaar in de camper naast het huis gewoond en we vonden het beiden prima. Toen wisten we dat we het huis konden verkopen en dat verliep allemaal soepel. Wonderlijk genoeg was het geen grote overgang, het ging stapsgewijs en alles voelde passend. De camper is 5,5 meter lang, maar we ervaren alle ruimte. Wanneer we elkaar moeten passeren zeggen we ’change’ (op zijn Frans) en als in een dans draaien we samen een rondje, zodat ieder weer aan de andere kant van het gangpad is.
Klaas woonde bij mij in het dorp. Hij is 70 en ik ben 46 jaar en toch doet dat er niet toe. Zijn leeftijd heeft grote voordelen. Hij is gepensioneerd én hij heeft levenswijsheid. Dat is zo fijn!
Het was een roerig innerlijk proces voor ik me over durfde te geven aan mijn liefde voor hem. Terwijl we dat eerst beiden niet wilden, zijn we toch getrouwd. We konden niet anders, het hart gaf het in. In een emotionele droom werd mij zó duidelijk dat wij al met elkaar verbonden waren, dat we het trouw-idee hebben omarmd om te kijken of het passend bleef. Mijn hoofd maakte nog wel wat bezwaren, maar uiteindelijk voelden we: ‘In ons hart zijn we al getrouwd. Alleen de instanties weten het nog niet’.
Deze camper had ik al. Toen mijn werkopdrachten stopten heb ik een sabbatical genomen en volgden we onze wens om een winter naar de warmte te gaan. Het samen zijn was zó fijn, dat ik nooit meer ben teruggekeerd naar het drukke, werkende leven. Hoe minder geld ik verdien, hoe rijker ik me voel. Mijn hart volgen geeft zoveel vervulling. Dát vertelt de wijsheid ons natuurlijk allang, maar wij mensen hebben toch altijd moeite om dat te geloven. We moeten het ervaren om erop te gaan vertrouwen.
Klaas is een stabiel persoon en makkelijk in de omgang. Ik ben de emotionele van ons twee. Ik kan echt boos worden, maar ook stralend gelukkig zijn. Ik breng levendige emotie in de relatie en samen zijn we een prachtige combinatie.
We hebben zeker wel eens frictie. Dat is dan even lastig, maar achteraf praten we erover. Het probleem zit uiteindelijk niet in de ander, die ander is alleen maar een spiegel van jezelf, wat confronterend is. Zo onderzoeken we wat we zelf te leren hebben. We lezen veel over innerlijke groei en bewustzijnsontwikkeling en praten daarover. Dat kan zo goed al reizende. De ruimte om te groeien als mens, maakt het camperen ook zo fijn.’
En zoals Amerikanen zo mooi, uitbundig kunnen reageren: ’WOW! Amazing!!! Whát a story! It’s a fairytale, it really is. Wonderful! So much courage. That’s fantastic. How lovely!’

Ik realiseer me goed hoe geweldig het leven met Klaas is. Mijn leven is moeilijk geweest en dat heeft nog steeds invloed. De vele prachtige momenten die ik nu beleef, komen juist door dat contrast ook diep binnen. En via mijn beleving, raakt het Klaas ook dieper.
Afhankelijk van mijn denkwijze ervaar ik het leven als pijnlijk of als ‘a fairytale’, wetende dat een sprookje bijzonder is vanwege pijn die overwonnen wordt en de liefde die wint. Het lukt mij niet altijd om de aandacht te richten op het goede, maar ervaringen worden voor 95% door het onbewuste bepaald, aldus de wetenschap. Dáár zit dus de ingang naar 'een sprookjesachtig leven’…

Half januari namen we afscheid van het zonnige Spanje, met een heerlijk vegetarisch etentje bij de Marokkaan in Orgiva. Prettige sfeer! Met de avondwandeling naar de camper zagen we boven in de lucht de lichtjes van een hoog bergdorpje. Dat is toch wel apart voor ons ‘plattelanders’.

In een regenachtig weekeind reden we 500 kilometer naar de Portugese Algarve.
De typische Spaanse grijsgroene flora van de Alpujarras verruilden we voor de frisgroene heuvels aan de Rio Guadiana.
Onderweg de vaste onderbrekingen: gas tanken, voor 2 weken boodschappen doen en drinkwater inslaan. Opluchting toen het weer klaar was.
Oh, en wat vinden we het dan weer héérlijk om thuis te komen in de stilte, bij het afgelegen dorpje Foz de Odeleite. Eerst wel een uurtje geploeterd toen we bij aankomst vastliepen, op een tè mooi plekje. Veiligheidshalve een iets minder idyllisch plekje ingenomen, dichter bij de weg.

Door onze manier van leven raken we ons ‘schild’ kwijt, waardoor we minder afgesloten zijn voor wat er gebeurd. Bij dit ont-luiken komen prikkels meer binnen, dus het genieten ook! De lente, mekkerende schapen met hun klingelende bellen, spelende lammetjes, vriendelijke schapen-/ geitenhoeders, wandelen met blije Pinke, uitzicht op de rivier en zijn groene omgeving, heldere inzichten en ontdekkingen, lachende groene spechten, bloeiende krokusjes, zelf gebakken haver-notenkoek met koffie en… onze liefde die stroomt. De dagen zijn er rijk aan!

Het is wonderlijk hoe goed we het samen hebben op die 10m2, met 2x per dag een uurtje ‘luchten’. Het voelt zo natuurlijk, de ruimte die we erin beleven.
Bijzonder dat Klaas deze manier van leven snel aangenaam is gaan vinden. Hij stond toch midden in de maatschappij, zowel in zijn werk als daarna in de dorpsgemeenschap.
Voor mij is het uniek om me zó tevreden te voelen met het intensief samen zijn, na een leven lang op mezelf te zijn geweest. Hoe fijner ik het met mijzelf heb, hoe fijner ik het met de ander heb!

We doken weer in onze schrijfprojecten:
* Klaas schrijft over ‘de gedachte werkelijkheid’: hoe is er in de geschiedenis gedacht over wat werkelijkheid was, wat is de huidige opvatting en welk beeld zal mogelijk de toekomst bepalen.
En wat is ‘dè werkelijkheid’?, ervan uit gaande dat het absoluut en eeuwig moet zijn. Iets dat veranderlijk is kan wel ‘realiteit’ zijn, maar niet de echte werkelijkheid.
* Mijn huidige schrijfproject heeft de (werk)titel: ‘Geen idee waar ik aan begin…’
Toen ik deze zin durfde uit te spreken begon de overgave aan mijn hart… en daarmee mijn relatie met Klaas.
Het boek bevat een selectie uit het bijzondere, persoonlijke e-mailcontact tussen Klaas en mij uit onze begintijd, toen ik nog veel werkte. Aangevuld met dagboekfragmenten ontstaat het beeld over het groeien van onze relatie en hoe wij erin ontwikkelden. De tekst is dus allemaal al geschreven. Momenteel plaats ik het in één bestand en daarna moet er vooral geschrapt worden om tot een boeiend geheel te komen.

Bij ons beiden is er een intentie om tot een boek te komen. Alleen leven we niet zo doelgericht en zien we waar het toe leidt.
Ondertussen ervaren we plezier in het proces. En daar gaat het om!

Na een maand aan zee fijn de bergen van de Alpujarras in. We streken neer aan de rand van het hippiestadje Orgiva. Dit gebied heeft een bijzondere sfeer, heel internationaal. Er zijn diverse alternatieve woonvormen en dat is voelbaar. Daarnaast is het er mooi wandelen. Wat vinden we het toch prettig hier!

Flink stormachtig weer deed ons plots verkassen naar… zee, Motril. Daar was nog wel harde wind, maar ook zon en 8 graden warmer (19º). Deze reis dringt het besef diep door hoe aangenaam het comfort van de zonnewarmte is.
Aan zee een rustige jaarwisseling gehad. Voor we om 23.30 naar bed gingen, stil gestaan bij de overgang naar 2018.

Wat is 2017 toch een bijzonder jaar gebleken: de verkoop van ons huis, veel spullen weggedaan, een dorpsgemeenschap losgelaten, basisvoorzieningen op ons bosperceel gerealiseerd en de vrijheid als een welkome verandering omarmd.
We vernemen van blog-volgers dat het ook bij hen kriebels opwekt.
‘Zo leuk om op het blog te lezen wat jullie tegenkomen. Een droombestaan om zo rond te trekken. Ik ben nog aan het zoeken hoe ik daar invulling aan wil geven.’
‘Jullie way of life spreekt ons aan, het is een genoegen om erover te lezen.’
‘Ik ben best een beetje jaloers op het reizen en de lekkere temperaturen.’
‘Leuk om jullie te volgen. Jullie dóen het!’
‘Wij zouden dat ook gráág willen, maar…’

Ter inspiratie hier wat websites, voor wie zijn eigen vorm van vrijheid wil ontdekken:
www.trantmagazine.nl ‘Hoe richt jij je leven in?
Artikelen over mensen die bijzondere keuzes maken op het gebied van wonen (tiny housing), werken (digitale nomaden), reizen (reizende moeders), opvoeding (democratische school).
Onderweg zagen we een Nederlandse bus met een gezin, met de opdruk: www.gezinsgelukopreis.nl
Geboren uit een verlangen naar meer samenzijn, eenvoud en avontuur, reizen Robert, Pieternel met hun 2 kinderen in hun camperbus door Europa: Onderweg volgend wat zich aandient, bijdragen aan verschillende culturele en ecologische initiatieven en online op locatie werken als ‘reizende professionals’.

De tweede grote verandering van afgelopen jaar kwam op fysiek gebied.
Klaas heeft door de stent in de kransslagader zijn energie terug. Heerlijk!
Voor mij is de chronische pijn door de fibromyalgie verleden tijd geworden. Een jaar geleden lag ik zo’n 6 uur per dag in een ligstoel en hield de pijn me elke nacht uren wakker. Dat is voorbij! Ook kan ik weer strand- en bergwandelingen maken, omdat mijn spierkracht helemaal terug is, door de Ander Leven training. ’Een wondercursus’, genoemd door een vriendin. De verandering is inderdaad wonderlijk en fantastisch, maar eigenlijk is het een compleet logisch verhaal. Dat is ook bijzonder eraan.
Via het opinietijdschrift ‘The Optimist’ kwam ik bij deze training en ik heb mijn dank en ervaring kunnen delen in hun laatste nummer. Klik hier.

When everything is unsure, anything is possible!

 

Als nomaden leven, meereizend met het aangename klimaat, blijft een fantastische ervaring. En… alle tijd hebben. Wat is dat toch goud waard.
Begin december hebben een nieuwe, fijne camperplek ontdekt in Calarreona aan de ’Costa Calida’ (= warme kust). Het schijnt het gezondste deel van Spanje te zijn, vanwege de schone lucht. De zonsopgang vanuit zee scheen zo in ons bed en de omgeving was rotsachtig met baaien en strandjes, waar campers veel keuze hadden om verspreid te staan. Dus deze is toegevoegd aan ons lijstje ‘topplekken’.

Onderweg zien we elk jaar meer campers en onderling is er een eigen cultuurtje. Iedereen met een oude camper zwaait naar elkaar. Blijde herkenning! Steeds meer jongeren trekken met een oude camper door Spanje, net als wij. 😉
Grote, luxe campers vallen eigenlijk wat buiten de begroetingen. Zij wekken bij de meeste andere camperaars geen sympathie op, komen wat arrogant over… (Ach, tóch de maatschappij in het klein.)
Contact met de  ‘middenklasse’ is heel divers. Het leuke is dat iedereen elkaar met ’Ola’ gedag zegt, zolang je niet weet welke nationaliteit iemand heeft. Vrienden die reizen in een gewone bus vertelden ons over onverdraagzaamheid naar hen toe, omdat busbewoners vaak als ‘zigeunervolk’ wordt gezien. Wij sluiten met onze 31jaar oude alkoof-camper overal wel bij aan. Wij zijn de ‘yippies’; zowel yuppen als hippies herkennen zich wel in ons mobiele huisje.
Nederlanders steken altijd even de hand op naar elkaar, ongeacht vehicle. Zo’n 10% van de campers die we tegenkomen is Nederlands, schatten we in. Er wordt dus veel naar elkaars nummerbord gekeken. Grappig voorval in ons eerste camperjaar: in Spanje aangekomen zagen we overal E op het nummerbord. We verbaasden over al die Engelsen hier… Het duurde even voor we doorhadden dat die E voor España stond. Je zult het niet geloven, maar in Portugal riep ik serieus verbaasd uit: ’Wat een hoop Polen, hier!’

Vanwege de behoefte aan (kleding)wassen zijn we naar  het vissersdorpje Cabo de Gata gereden, waar stromend water is en ook hier aan zee de meeste dagen zon, wind en 18 graden (in de schaduw) en frisse nachten.  Het natte, koude weer in Nederland en de sneeuw zijn voor ons net zo surrealistisch, als dit zomerweer voor mensen in Nederland.
Deze plek is wel iets onrustiger. Vissers en klandizie rijden geregeld langs, en ook campers en busjes komen en gaan: allemaal op zoek naar hét ultieme plekje of wat voorzieningen.

Onze dagen beginnen met een lange wandeling en dan het hoogtepunt van de dag: koffie-ontbijt!!!  Elke dag genieten we enorm van ons eigen tempo.
Daarna  duiken we in de schrijfprojecten. Heerlijk inspirerend.
Met tussendoor een break gaan we door tot een uur of 4-5, dan is Pinke weer toe aan een lange wandeling. En daarna nog een schrijfblok, tot we (net als Spanjaarden) rond achten gaan eten.
Je zou kunnen zeggen dat onze dagen relaxed zijn, maar saai? Nee! Wat in ons omgaat is boeiend, uitdagend, vervullend, leerzaam, soms ronduit moeilijk, maar nooit saai.

INNERLIJKE GROEI IS DE REIS
VAN WIE JE DENKT TE ZIJN
NAAR WIE JE WERKELIJK BENT

Brrr! Op weg naar het zonnige zuiden hébben we het toch koud gehad! In d'Ardèche was ons brandhout op, maar... een mooie mazzel: We vonden bij een camperplek een stukje bos dat afgelopen zomer flink was uitgedund. Daar lagen perfecte minihoutjes voor ons minikacheltje! Verguld met de voorspelling van warmte, vulden we onze complete voorraadruimte weer aan. Het doet ons goed om zo met basisbehoeften bezig te zijn. Zulke verrassingen van eenvoud geven vreugde.

Aan de Middellandse zee in Balaruc-les-Bain konden we bij zonsondergang, zó in een heet water bron stappen. Tintelende warmte overviel ons. Vanuit een natuurlijk bassin liep het warme water tussen de grote keien door een lagune in. Heerlijk! En een geweldige ambiance. Wat een kado!

Zondag 19 november werden we voor het eerst wakker in Noord Spanje, Cap de Creus aan de Middellandse zee. In Port Lligat, het dorpje van Dali, ervaren we zon en een warme wind, de Mistral. AHHHH! Lange onderbroeken uit en met de warmte de ontspanning laten binnenstromen. Een weekje niet rijden is weldadig.
Pinke is helemaal blij dat de camper (voorlopig) tot stilstand is gekomen en ze lekker buiten kan scharrelen en liggen. Tijdens het rijden kijkt ze steeds stressvol achterom hoe haar huisje beweegt en allemaal vreemde geluiden maakt op de slecht onderhouden wegen. Echt sneu.
En hoe gemakkelijk geeft ze zich over aan nieuwe geurtjes en wandelingen op diverse paadjes door het gebied met olijfbomen, pijnbomen en grote cactussen de heuvels in of naar de baai.
Na een paar dagen werden we weggestuurd c.q. verzocht een door hun aangewezen plekken in te nemen. Jammer... Tot we ontdekten dat het een nog rustigere plek was, met uitzicht op de baai en het huis van Dali, dichterbij wandelpaadjes... Hahaha. Dank je wel, guardia civil!

Zoals bekend is onze innerlijke ontdekkingsreis de reden dat we de zon en de rust opzoeken. Dat zijn fijne condities om stil te staan bij wie we werkelijk zijn en wat aangeleerde gedachten en gedragingen zijn. En wat daarin niet behulpzaam is met mildheid te onderzoeken en los te laten. Klaas herontdekt zichzelf door te studeren en het geheel al schrijvend samen te brengen. Mijn weg is via voelen, dan actief te onderzoeken en daarover te schrijven.
Al gauw werden we verrast door... een flinke aanvaring met elkaar. Hoeiii! Tja, we nemen onszelf mee. Na beiden wat koppigheid aan de kant geschoven te hebben (lees: aan onszelf toegaven dat we de ander de schuld gaven), kwam er bereidheid om naar onszelf te kijken en het erover te hebben: de spiegels die we elkaar voorhielden, pijnlijke overtuigingen eerder in ons leven opgedaan die ieder hier terug zag.
Hierover leren is wat ons diep van binnen drijft èn het is ook noodzakelijk wanneer we zo intensief met elkaar samen leven. En achteraf het kado van dankbaarheid wanneer we dit samen zo aangegaan zijn.

Voor het koufront uitgereden naar Peñiscola (Uitspraak: Penjískolla, met de klemtoon op de i). Al is dit de 5de winter in Spanje, we verwonderen ons steeds opnieuw bij een wandeling aan de blauwe middellandse zee, met palmbomen en in de zon. ’s Middags is het 20 graden in de schaduw. Uit de wind in de zon loopt het op tot boven de 35 graden. ’s Nachts daalt het dan wel weer naar 2 graden.

Wat heerlijk om dit zo samen te beleven. We genieten!